Opinie

Experts, maak plaats voor de generalisten

Rosanne Hertzberger

Toen corona uitbrak, bevond ik me in een lastige positie. Volgens de ene helft van Nederland was ik expert, want er staat ‘microbioloog’ onder mijn column, en van hen mocht ik me vrijelijk tegen het onderwerp aan bemoeien. Volgens de andere helft moest ik mijn mond houden, want microbioloog betekende niet: medisch microbioloog, viroloog, immunoloog, infectioloog, vaccinoloog, epidemioloog.

De gewoonte van de NRC-opinieredactie om het metier van de schrijver onder artikelen en columns te zetten, leidde in mijn geval altijd al tot discussie, meer dan bij ‘historicus’ Zihni Özdil of ‘politiek filosoof’ Luuk van Middelaar. Schrijf ik over economie of politiek, dan betekent de toevoeging ‘microbioloog’ volgens sommigen dat ik een unieke bètablik heb, terwijl anderen menen dat ik me vooral bij mijn leest moet houden.

Toevalligerwijs vroeg ik me aan het begin van de corona-uitbraak juist af of ik wel ‘expert’ wilde zijn. Ik was bezig in David Epsteins boek Range (in het Nederlands vertaald als ‘Waarom generalisten verder komen’). Met een schier eindeloze reeks aan voorbeelden laat Epstein zien dat verbreding en verdieping niet per se elkaars vijanden zijn.

Hij beschrijft de ‘Roger-methode’ van Roger Federer, die veel verschillende sporten beoefende om pas later te specialiseren en vergelijkt die met de Tiger-methode van Tiger Woods die als tweejarige al kon putten. Hij vertelt hoe de alom geprezen ‘figlie’-muzikanten, opgeleid in de 18e-eeuwse Venetiaanse ospedali, zich nauwelijks specialiseerden maar juist veel verschillende instrumenten leerden bespelen.

De roep om verbreding van de samenstelling van het Outbreak Management Team klinkt nu luider. Er zouden meer specialisten op het gebied van de gedragswetenschap, economie en sociologie moeten worden betrokken. Maar aan experts kleven ook belangrijke nadelen. Experts hebben meer dan anderen last van stokpaardjes, ze hebben de neiging te veel nadruk te leggen op bepaalde details – puur en alleen omdat ze deze persoonlijk ontdekt hebben –, ze voelen de druk van collegae die over hun schouders meekijken. Ze kennen de ongeschreven wetten, de koninkrijkjes en willen hun leermeesters niet voor het hoofd stoten.

Dit alles maakt experts ook vaak buitengewoon conservatief. Expertise is ook een veilige comfortzone, een warm bad waar eigenlijk niemand te lang in zou moeten liggen.

Ik zie hoe uitstekende suggesties over de coronacrisis nu bijna obligaat worden voorafgegaan door de disclaimer: ‘Ik ben natuurlijk geen viroloog, maar’. Hoe belangrijke vragen worden ingeleid met: ‘Dit is misschien een stomme vraag, maar’. Ik zie hoe ons ontzag voor experts zo groot is dat kritische vragen lang achterwege bleven.

Je kunt je afvragen hoezeer de aanpak van deze complexe crisis lijdt onder de recente gewoonte van medische en wetenschappelijke vakgebieden om steeds verder te sub-specialiseren, telkens weer de diepte boven de breedte te verkiezen en weinig met elkaar te praten.

Is het wel zo’n goed idee om meer experts erbij te vragen? Ik zou liever iemand erbij willen die gewend is om over hekjes heen te springen. Iemand die naast een lab wel eens een ministerie van binnen heeft gezien, of een ziekenhuis, een hoofdkantoor, een redactie, een fabriek. Die net zo makkelijk een wettekst erbij pakt als een wetenschappelijke publicatie en ook niet schrikt van wat broncode. Die meerdere talen spreekt, zowel letterlijk als figuurlijk. Die permanent stomme vragen stelt aan experts.

Ook ik lig al best lang in mijn warme bad. In een wereld die experts hoog heeft zitten, is het aanlokkelijk om nog even te blijven liggen. Ik herinner me hoe snel ik leerde toen ik de vorige keer over een hekje sprong, hoeveel kennis er twee deuren verderop bleek te zitten. Terugkijkend duurde mijn promotie-onderzoek net een jaartje te lang. Ik deed er daarna lang over om me te realiseren dat mijn onderwerp niet het centrum van het universum vormde.

Ook nu lonken nieuwe vakgebieden en rollen: glycobologie, endocrinologie, gynaecologie, ondernemerschap. Tijd voor nieuwe domme vragen. Tijd om een nieuwe taal te leren en vooral in beweging blijven. Voordat je het weet ben je expert.

Rosanne Hertzberger is microbioloog.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.