Voor jongeren voelt het als zes jáár sociaal isolement

Jongeren en corona Wat als dit de periode in je nog jonge leven is waarin je uit moet vinden hoe je je tot anderen verhoudt? Les krijgen kan ook online, maar flirten met een meisje niet.

Voor jongeren tussen pak ’m beet 18 en 25 jaar verandert er de komende weken niets.
Voor jongeren tussen pak ’m beet 18 en 25 jaar verandert er de komende weken niets. Foto Robin van Lonkhuisen/ANP

Geen festivals, feestjes, geen bijbaantjes in de horeca. Geen stages, reizen, geen picknicks in het park. De levens van jongeren staan op pauze door de coronacrisis. Al hun uitlaatkleppen vallen weg.

Het is misschien klein leed in vergelijking met de drama’s op ic’s en in verpleeghuizen, maar het is er wel.

Voor jongeren is dit een heel zware periode, zegt Hans Schilderman, hoogleraar religie en gezondheid aan de Radboud Universiteit. Hij is samen met een interdisciplinair onderzoeksteam een onderzoek gestart naar de impact van de coronacrisis op studenten en maakt zich zorgen. „Ik wil het niet dramatiseren, maar ik kan me voorstellen dat veel jongeren zich door de anderhalvemetersamenleving eenzaam en neerslachtig gaan voelen. Een maandenlange periode van sociaal isolement hakt er juist bij hen hard in.”

Ook politici zijn bezorgd. Hubert Bruls, burgemeester van Nijmegen en voorzitter van het Veiligheidsberaad, riep vorig weekend op om de strenge coronamaatregelen voor jongeren te versoepelen – en kreeg onmiddellijk navolging van minister Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid, CDA). „Ik trek mij het lot aan van jonge mensen van wie de bewegingsvrijheid ernstig beknot is”, zei Grapperhaus. „Jongeren worden ernstig beperkt. Ze doen het voortreffelijk.” Hij beloofde om „binnen de begrenzing” te kijken wat er mogelijk is „om hun leven een beetje draaglijker te maken”.

Maar dinsdag, tijdens de persconferentie van premier Mark Rutte, werden jongeren niet genoemd. Oke, jónge kinderen mogen over een paar weken weer naar school en scholieren tot 18 jaar mogen weer sporten. Voor jongeren tussen pak ’m beet 18 en 25 jaar verandert er de komende weken niets.

Zes jaar

Een gemiste kans, vindt Schilderman. „Beleidsmakers schieten in de controlestand: er komen regels en richtlijnen, hoepels waar we doorheen moeten springen. Heel begrijpelijk. Maar zo zitten we niet in elkaar. Mensen zijn vrijheidzoekers. En jonge mensen helemaal.”

In het leven van een jongere, zegt orthopedagoog Levi van Dam (Universiteit van Amsterdam), staan zes weken sociaal isolement praktisch gelijk aan zes jaar. „In die tijd hadden ze héél veel kunnen doen – hun leven gaat razendsnel. Ze moeten eropuit trekken, andere mensen ontmoeten, relaties onderhouden, teleurstellingen verwerken. In die zin is de impact van een intelligente lockdown op jongeren heel groot.”

Hoogleraar Schilderman noemt dit de „moratoriumfase”: de periode waarin jonge mensen hun eigen identiteit moeten bepalen, vrij van maatschappelijke verplichtingen. „Sociale interactie, fysíeke sociale interactie, is daarbij cruciaal. Dit zijn daarom voor hen kostbare maanden: in deze levensfase worden ze geacht hun vrijheid optimaal te benutten. Voor oudere mensen is het niet zo erg als het leven een paar maanden stilstaat. Zij drijven op routine, hebben alles al een keer meegemaakt.”

Zelfs jongeren met lieve, begripvolle ouders en een groot huis ervaren deze periode alsof ze in de gevangenis zitten, zegt neuropsycholoog Jelle Jolles. „Ze willen eruit. Ze zijn niet geïnteresseerd in hun ouders, maar wel in hun vrienden, in andere jongeren.”

Het brein van jongeren is maar in één ding geïnteresseerd, zegt hij: sociale processen en ervaringen. „Die doe je op in de kroeg, met andere jongeren.” En ja, dat geldt ook voor jongeren op universiteiten en hogescholen. „Daarvan denken wij volwassenen dat ze heel serieus met hun studie bezig zijn, maar zij gaan vooral voor de nieuwe ervaringen: ‘World, here I come!’ Via de kroeg kunnen ze contacten opdoen en werken aan hun ontplooiing. Dát is wat hun brein van ze vraagt.”

Appen met vrienden of online borrels kunnen wel iets van de pijn verzachten, maar niet genoeg. „Ons brein verandert niet zo snel”, zegt Jolles. „Je kan best op een goed niveau online onderwijs krijgen, maar flirten met een meisje aan de overkant van de straat, dat gaat nu niet.”

Lees ook: Geen eindexamen, geen rite de passage

Orthopedagoog Van Dam doet onderzoek naar de invloed van coronamaatregelen op jongeren. 260 jongeren tussen de 16 en 24 jaar, gemiddeld hoger opgeleid, vulden twee weken geleden de eerste lijst in met vragen over hun psychisch welbevinden, hoe ze met de omstandigheden omgaan (‘coping’), hun veerkracht en sociaal netwerk. Zo’n 85 procent blijkt zich aan de maatregelen te houden – iets minder dan de 95 procent in Duitsland en Italië.

Met de meeste jongeren gaat het niet veel slechter dan normaal, zegt hij. Jongeren die zich aan de maatregelen houden, zijn minder depressief. „Het lijkt erop dat je over coping-mechanismen beschikt als je in staat bent je aan de regels te houden”, constateert Van Dam. „Dat je bijvoorbeeld kunt bedenken: zonder college en bijbaan valt mijn ritme weg, dan zet ik zelf maar mijn wekker. Dat helpt enorm om lekker in je vel te zitten.”

Maar niet alle jongeren komen er goed vanaf in zijn onderzoek. „We zien dat deze tijd extra heftig is voor de groep jongeren die al problemen had. Die komen in een negatieve spiraal terecht. Bijvoorbeeld doordat ze een boete krijgen omdat ze zich niet aan de regels houden, terwijl ze al schulden hadden. Ze kunnen dat niet meer compenseren: de bijbaan is weggevallen. Ik sprak ook een meisje met angstproblemen: zij was aan de beterende hand, maar wordt nu bevestigd in haar idee dat de wereld een bedreiging is.”

Voor het psychisch welbevinden én de mate waarin je je aan de regels houdt blijkt het te helpen als er een andere volwassene dan je ouders is die je om raad kunt vragen, zegt Van Dam. „Een soort mentor, tegen wie je opkijkt. Die kan misschien beter uitleggen waarom sociale afstand zinvol is.”

Blijf het ze uitleggen, zegt ook neuropsycholoog Jolles: „Jongeren overzien de consequenties van hun handelen niet. Hou je aan de anderhalve meter afstand, zeggen we. Maar dat is platte, rationele kennis. Daar kunnen ze niks mee. Dat moet je dus telkens opnieuw vertellen met concrete voorbeelden. En niet door boetes van 390 euro uit te delen als ze met te veel vrienden bij elkaar staan.”

De meeste jongeren passen zich gelukkig goed aan de omstandigheden aan, zien de deskundigen. „Jongeren zijn over het algemeen gezegend met pragmatisme en veerkracht”, zegt Schilderman. „Ze hebben een beschermklep, hun veerkracht is veel groter dan bij ouderen.”

Neem bijvoorbeeld de jongeren die een WhatsApp-groep aanmaakten: CorOma. „Het idee is om met een groepje mensen telefoonnummers uit te wisselen van onze opa’s en oma’s, zodat we elkaars opa’s en oma’s kunnen bellen voor een praatje”, schrijven ze. „Je mag ook joinen als je zelf geen opa’s en oma’s meer hebt, maar wel graag zou willen bellen.”

Geboren in 2000 En nu dus (bijna) twintig

Op de eerste zaterdag van 2018 portretteerde NRC achttien jongeren die dat jaar achttien zouden worden. Hoe ging het eigenlijk met die generatie van millenniumkinderen, op de drempel naar volwassenheid? Vijf van de achttien zochten we deze week opnieuw op; nu met de vraag hoe de coronacrisis hun leven beïnvloedt. Ook neuropsycholoog Jelle Jolles, auteur van Het tienerbrein: over de adolescent tussen biologie en omgeving kwam toen én nu aan het woord.

Hanwe Chang: „Hoe ga ik mijn verjaardag vieren?”

‘Het lastigste van deze situatie is dat niemand weet hoelang het nog gaat duren. Weet jij het? Ik ben binnenkort jarig, maar ga ik mijn verjaardag vieren? Hoe dan? Ik heb oprecht geen idee.

Mijn ouders zijn super voorzichtig: naar buiten gaan is er niet bij. Dat komt omdat mijn opa en oma in China wonen. Die hebben het daar heel heftig gehad en zijn nu super bezorgd om ons en vinden dat we echt niet naar buiten moeten gaan.

„Ik ben YouTuber en heb het privilege om m’n werk vanuit huis te kunnen doen. Wat dat betreft is er voor mij niet zo heel veel veranderd. Vóór de crisis maakte ik veel video’s met challenges, dat is lastig door corona. Nu maak ik vooral reactie-video’s: ik bespreek dingen die ik heb gezien of gehoord. De teller staat intussen op 750.000 volgers en het aantal views stijgt enorm deze dagen, want iedereen zit thuis. Tegelijkertijd vallen er adverteerders weg door corona, ik loop een deel van mijn inkomsten mis. Dat gaat om veel geld. Ik ga niet zeggen hoeveel, maar ik kan goed leven van mijn werk.

„Mijn dag bestaat tegenwoordig letterlijk uit wakker worden, filmpjes monteren, nieuwe ideeën bedenken. En als ik dat niet doe, ben ik bij mijn vriendin. Verder zie ik niemand, behalve mijn ouders, omdat ik nog thuis woon. Mijn vrienden heb ik al zes weken niet gezien. Ik mis ze. We appen en bellen wel soms met elkaar, maar dat is toch anders.

„Ik mis het leven buiten de deur. Uit eten, chillen met vrienden. Dat is voor mij ontspanning naast het harde werken. Maar ik hou mezelf voor: niet zeuren, je kán tenminste nog werken.”

Anne Ruth Barth „Ik pak hobby’s weer op. Ik schilder, lees, puzzel”

‘Vóór corona werkte ik vier dagen in de week als onderwijsassistent op een basisschool, en ik doe een opleiding tot pedagogisch-educatief begeleider. Ik woon in een studentenflat in Gouda. Een heel mooi eigen plekje, maar ook veel onderling contact.

„Sinds corona werk ik twee dagen per week in de opvang voor kinderen. Ik ben blij dat de basisscholen weer open gaan. Voor mezelf ben ik niet bang. Wel voor de mensen om me heen. In mijn omgeving zie ik dat er best veel risicogevallen zijn: in mijn familie, onder collega’s. Voor hen komt er opeens een groot gevaar bij.

„Mijn ouders wonen in Zeeland, ik ben de oudste van zes. Met Pasen ben ik er geweest, maar je kan niet op en neer blijven gaan. Ik zit alleen thuis: ik heb geen sociale contacten hier. Iedereen is naar familie toe. Gelukkig zijn er telefoons en ik stuur af en toe iets op de post.

„Ik merk dat je in deze situatie heel bewust wordt van de basis. Je gaat terug naar je kleinste kring: grote verjaardagen of feestjes zijn er niet meer. Ik kan ermee leven, maar merk dat je het wel nodig hebt, af en toe zulke gezellige momenten. Dat is echt een toevoeging aan je leven. Nu ligt alles stil. Ook de kerken zijn niet meer open. Normaal gesproken ga ik in Gouda en Zeeland naar de kerk. Ook dat zijn mooie momenten die ik nu mis.

„Er zijn wel veel andere dingen die je kunt doen. Ik schilder, lees, puzzel. Die hobby’s pak ik nu weer op. Dat het voor jongeren het allerzwaarst zou zijn, vind ik overdreven. Je bent geen risicogroep, het gaat vooral om de sociale contacten die je mist.”

Nente Niendieker: „Ik word onrustig. Ik wil weer aan de slag!”

‘Mijn Portugese vriend Tiago en ik waren in februari aan het backpacken in Indonesië. We hoorden steeds meer verhalen over corona en dat het best een probleem zou kunnen worden om verder te reizen. Gelukkig lukte het om via Maleisië en Singapore naar huis te komen. In Azië zagen we elke dag meer mensen met mondkapjes op straat en moesten we langs warmtescanners op het vliegveld. Op de vliegvelden in Europa was nog helemaal niets te merken. Ik dacht: dit zou nog wel eens een groot probleem kunnen worden.

„Tijdens onze reis had ik net lekker uitgestippeld wat ik wil met mijn leven: terug naar Nederland, weer studeren. Corona schopt dat in de war. We zitten nu al weken in zelfisolatie bij mijn Portugese schoonmoeder. Met mijn Nederlandse vrienden en familie bel ik veel, maar ik mis het fysieke contact. We redden het wel hoor. Ik sport met mijn schoonmoeder, we wandelen in het park en koken uitgebreid, maar ons leven ligt stil. Ik merk dat ik daar een beetje onrustig van begin te worden. Ik wil weer aan de slag! Dat is iets wat je me normaal gesproken niet zo snel had horen zeggen, haha.

„Ik zou hier in Lissabon gaan werken bij een callcenter om een paar maanden geld te verdienen. Dat kan nu niet. Ze betalen me gelukkig wel, al is het wat minder. Tiago moet nog een examen doen, maar ook dat kan niet. We willen na de zomer in Nederland studeren. Hij rechten, ik een opleiding voor managementassistent. Daar verheug ik me enorm op. Omdat ons leven dan weer doorgaat.”

Okhai Sedee: „Ik zie het zo: elke crisis biedt ook kansen”

‘Ik hou me eerlijk gezegd niet zoveel bezig met de coronacrisis. Als je er te veel over na gaat denken, krijg je stress. Alles wat je aandacht geeft groeit. Ik zie het zo: elke crisis biedt ook kansen. Het is een ying en yang-relatie, weet je. Ik kijk liever naar de mogelijkheden. Want als je focust op het slechte, dan gaat het ook slecht.

„Ik ging voor de crisis al niet echt vaak uit, dus dat mis ik ook niet. Het is niet echt mijn ding. U hebt een op de honderd jongeren gevonden die niet van uitgaan houdt. Ik woon bij mijn moeder en dat gaat prima, ik heb er de ruimte. Verder houd ik me bezig met zelfontwikkeling en volg ik online seminars. Het boek dat ik voor de tweede keer lees, is Think & Grow Rich, van Napoleon Hill. Kent u dat boek? Dat moet u echt lezen! Het gaat over wat je met je gedachten kunt doen. Gedachten zijn frequenties, schrijft hij. Zoals alles in deze wereld bestaat uit energie en frequenties.

„Mijn vrienden zie ik nog gewoon. Er is niet zoveel te doen, dus we ontmoeten elkaar ergens buiten of bij iemand thuis om te praten, te chillen of te sporten. Een paar weken geleden werd ik 20. Dat hebben we thuis gevierd met mijn ouders en een paar vrienden. Mijn oma in Nederland kon niet komen. Ze is heel nuchter over de situatie en niet bang om dood te gaan, maar we hebben toch samen afgesproken dat ze niet kwam. We willen niet op ons geweten hebben dat we haar per ongeluk corona zouden geven.”

Naschrift (25 april 2020): in een eerdere versie van dit portret stonden twee zinnen die op een misverstand berustten.

Lisa Kruger (19): „Het is eenzaam, maar ook lekker”

‘De afgelopen drie jaar stond mijn hele leven in het teken van zo goed mogelijk zwemmen op de Paralympische Spelen in Tokio. De voorbereidingen daarvoor zijn abrupt gestopt. Mijn hele planning is weggevallen.

„Gelukkig zijn de Spelen een jaar uitgesteld en is er ruimte om een nieuw plan te maken. Maar ik denk dat veel sporters een grote achterstand aan het opbouwen zijn.

„Ik kan wel trainen, in de zin van dat ik mijn fitheid kan behouden. Ik fiets, loop hard en roei een paar keer in de week. En ik heb geregeld dat ik in een zwembad van acht meter met tegenstroom kan zwemmen, maar dat is toch anders dan in het echt. Je mist de keerpunten en er staat geen coach bij.

„Een klein voordeel van topsporter zijn: ik ben in principe altijd geïsoleerd. Ik het weekend ben ik te moe om naar buiten te gaan, uitgaan doe ik sowieso niet. Het sociale aspect is voor mij daarom niet zo’n probleem.

„Ik woon in een appartementje in Amersfoort, maar daar kon ik mijn trainingsapparatuur niet kwijt. Ik ben daarom in Groningen bij mijn opa en oma, die hebben een tweede huis op hun erf dat ze normaal gesproken verhuren. Ik zie hen alleen op afstand. Dat is absoluut eenzaam, maar op een bepaalde manier ook lekker. Even niks anders aan mijn hoofd dan mezelf en trainen.

„Zodra we groen licht krijgen, is het een kwestie van zo snel mogelijk opbouwen. Deze week werd bekend dat individuele sporters weer mogen sporten als ze een goed plan hebben. Dat zijn we nu aan het opstellen.”