Recensie

Recensie

Fascinerend inkijkje in het geheime project om Gerrit Zalm weg te krijgen

ABN Amro In De Staatsbank wordt trefzeker gereconstrueerd hoe het de afgelopen jaren zo mis kon gaan in de top van ABN Amro – en dan met name tussen topman Gerrit Zalm en president-commissaris Olga Zoutendijk.

De beursgang van ABN Amro in 2015 was de bekroning op het werk van topman Gerrit Zalm.
De beursgang van ABN Amro in 2015 was de bekroning op het werk van topman Gerrit Zalm. Foto Koen van Weel/ANP

Project Gravlax. Dat is in 2016 de naam van een geheim project van Olga Zoutendijk en Steven ten Have, respectievelijk voorzitter en vicevoorzitter van de raad van commissarissen van ABN Amro. De naam zegt veel over de sfeer binnen de bank: gravlax is een Zweedse delicatesse maar betekent letterlijk ‘in de grond begraven zalm’. Het doel van het geheime project: Gerrit Zalm vervangen als topman.

Dat binnen de bank met zulke zure codenamen wordt gewerkt is te lezen in De Staatsbank. ABN Amro klem tussen ambtenaren en bankiers van Ivo Bökkerink en Pieter Couwenbergh, journalisten bij Het Financieele Dagblad. Het grootste deel van het boek dat deze week verscheen, speelt zich af in de jaren 2009-2017. De jaren waarin de bank onder leiding staat van Gerrit Zalm, voormalig minister van Financiën.

Zalm herbouwde ABN Amro na de nationalisatie in 2008 met zijn team tot een veel bescheidener nationale bank. Dat was geen sinecure. Het team moest niet alleen de Nederlandse puinhoop opruimen die overbleef nadat internationale concurrenten ABN Amro in drieën hadden gehakt. Ze kregen er ook de onsamenhangende onderdelen van Fortis Nederland bij.

De bank is als een auto die er dankzij flink poetswerk aan de buitenkant aardig uitziet. Maar onder de kap sputtert de motor

Ivo Bökkerink en Pieter Couwenbergh De Staatsbank

De bekroning op het ogenschijnlijk geslaagde werk van Zalm was de beursgang eind 2015. Daardoor kwam de bank – gedeeltelijk – weer in private handen, en kon ze voorzichtig weer naar uitbreiding gaan kijken. Maar nog geen jaar later landde een vijfregelig persbericht in de mailboxen van journalisten: Zalm „heeft te kennen gegeven” zijn tot 2018 lopende termijn niet te willen volmaken. Dat was geen verrassing: Bökkerink en Couwenbergh hadden in het FD een paar maanden eerder al opgeschreven dat zijn vertrek ophanden was.

Wat is hier gebeurd? Op basis van gesprekken met ruim 120 betrokkenen en in totaal een half miljoen woorden uit notulen en persoonlijke aantekeningen, beschrijven de journalisten hoe de sfeer in de top van de bank zó slecht kon worden dat Project Gravlax werd opgetuigd. Maar ook waarom een half jaar na Zalm ook president-commissaris Zoutendijk vervroegd vertrok .

Haar vertrek ging gepaard met een veel langer persbericht, merken Bökkerink en Couwenbergh op: „Het is een uitgebreide beschrijving van haar wapenfeiten, een privilege dat Gerrit Zalm bij zijn gedwongen vertrek eerder niet had.” Auteur van beide persberichten volgens de journalisten: Zoutendijk zelf.

Ze citeren in De Staatbank niemand letterlijk, maar duidelijk is dat ze vrijwel alle hoofdrolspelers aan het praten gekregen hebben. Zo weet de alwetende verteller dat Zoutendijk haar bedenkingen heeft bij een wel heel langdurig en gezellig onderonsje tussen Zalm, zijn uiteindelijke opvolger Kees van Dijkhuizen en de hoge ambtenaar die op het ministerie toezicht houdt op de bank. De verteller weet ook dat alle zeilen moeten worden bijgezet om Zalm ervan te weerhouden direct zelf een persbericht te versturen vanuit zijn huis in Den Haag, nadat hij te horen heeft gekregen dat hij weg moet.

Krakkemikkige verbouwing

De Staatsbank is in zekere zin een vervolg op het zeer succesvolle De Prooi van Jeroen Smit, dat gaat over de opkomst van fusiebank ABN Amro in de jaren negentig en de pijnlijke opsplitsing ervan vlak voor de kredietcrisis. In dat boek werd duidelijk hoe een verziekte cultuur, gericht op bonussen en eigen gewin, kan leiden tot de ondergang van een miljardenbedrijf.

Zover is het bij het ‘nieuwe’ ABN Amro niet gekomen; de bank is op dit moment dankzij een sterke kapitaalpositie en meer rust in het bestuur in staat zich tijdens de coronacrisis als ‘redder’ van het bedrijfsleven te manifesteren. Maar dat de sfeer aan de top afgelopen jaren verziekt was, maken Bökkerink en Couwenbergh in het boek van 352 bladzijden overtuigend duidelijk. En ook dat daardoor de ‘verbouwing’ van ABN Amro langzaam en krakkemikkig is verlopen. „De bank is als een auto die er dankzij flink poetswerk aan de buitenkant aardig uitziet. Maar onder de kap sputtert de motor.”

Dat de bank eerst volledig en later nog gedeeltelijk in staatshanden is, helpt niet. Verschillende ministers van Financiën komen onder druk van de Tweede Kamer en de publieke opinie beloftes niet na en ambtenaren praten direct met hun vroegere baas Zalm, in plaats van met de commissarissen – met wie ze geacht worden te communiceren.

De details die Bökkerink en Couwenbergh optekenen zijn fascinerend. De namen die voorbijkomen zijn soms een beetje veel: was deze man een ambtenaar, een toezichthouder of toch iemand van de bank zelf? In tegenstelling tot in veel Amerikaanse financiële non-fictieboeken krijgen niet alle personages een lange biografie. Dat houdt de vaart erin, maar helpt niet om de spelers uit elkaar te houden.

De twee personages waaraan de meeste woorden worden gewijd, zijn Zalm en Zoutendijk. Ze worden in het boek wat karikaturaal neergezet. Zalm als eigengereide kettingroker, die de sprinklers laat uitzetten zodat hij ook kan roken in zijn kamer. Zoutendijk als een harde vrouw met te veel ambitie. Tekenend is dat haar uiterlijk uitgebreid wordt besproken: „Een heel warme uitstraling heeft Zoutendijk niet, met de zwarte bob die haar bleke gezicht strak omlijnt, de met zwarte eyeliner omlijnde ogen die dwars door haar gesprekspartner heen lijken te kijken.” De beschrijving laat zien hoe binnen de bank over buitenstaander Zoutendijk gesproken werd. Maar dat haar iPadhoes roze is, hadden de schrijvers mogen weglaten.

Met De Staatsbank is opnieuw een geslaagd boek verschenen over ABN Amro. Het zegt veel over de cultuur bij de bank dat steeds zo veel informatie uit de hoogste regionen naar buiten komt. De huidige top benadrukt dat het binnen de bank nu wél rustig is; de tijd zal leren of De Prooi en De Staatsbank een vervolg krijgen.

In zijn afscheidsgesprek spreekt Kees van Dijkhuizen over de eerste anderhalf jaar als topman: 'Als ik dat allemaal had geweten, had ik het niet gedaan'

Correctie (24 april 2020): In een eerdere versie van dit artikel stond dat het boek 352 woorden heeft. Dit moet 352 bladzijden zijn. Dat is nu aangepast.