Analyse

Deze keer gaan de boeren niet naar het Malieveld

Stikstof Midden in de coronacrisis komen Schouten en Wiebes met stikstof- en Urgendaplannen. Die staan vol groene ambities maar moeten het kabinet ook behoeden voor een nieuwe juridische afgang.

Boeren legden in oktober vorig jaar een deel van Nederland plat. Ze protesteerden tegen het stikstofbeleid van de overheid.
Boeren legden in oktober vorig jaar een deel van Nederland plat. Ze protesteerden tegen het stikstofbeleid van de overheid. Foto Robin van Lonkhuijsen / ANP

O ja, stikstof. Carola Schouten begint er vrijdag zelf vast over bij de presentatie van het grote stikstofpakket. Want Schouten, minister van Landbouw (ChristenUnie) en chef stikstof van kabinet-Rutte III, heeft „best wel zitten nadenken of dit nou het moment is om dit te presenteren”.

In wat voelt als een ver verleden duidde premier Mark Rutte (VVD) het stikstofprobleem aan als „de heftigste crisis” uit zijn premierschap en verzamelden boze boeren zich bij elke confrontatie op het Malieveld. Nu gaat alle aandacht uit naar het coronavirus. De Tweede Kamer debatteerde de afgelopen weken over niets anders. Demonstreren is vrijwel onmogelijk geworden, ook door corona. Critici zagen er een strategie in: toeslaan op een gevoelig dossier nu iedereen wegkijkt en niemand in actie kan komen.

In feite had Schouten weinig keus, net als haar collega Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) die tegelijkertijd de klimaatmaatregelen aankondigde waarmee het kabinet het Urgenda-vonnis wil uitvoeren. Optimistisch bekeken legden de twee bewindspersonen vrijdag een ambitieuze visie op tafel voor schonere luchten, meer biodiversiteit en een beter klimaat. De nuchtere werkelijkheid is dat de plannen het kabinet eerst en vooral moeten behoeden voor een nieuwe juridische afgang.

Alweer elf maanden geleden zette de Raad van State een streep door het Programma Aanpak Stikstof (PAS), waarmee Nederland de afgelopen jaren royaal vergunningen verstrekte voor het uitstoten van stikstof. Dat was niet in lijn met Europese natuurbeschermingsregels waarvoor Nederland zelf had getekend, oordeelde de hoogste bestuursrechter. En het eerste Urgenda-vonnis is inmiddels bijna vijf jaar oud, in december verloor de staat het allerlaatste beroep.

Wiebes en Schouten formuleerden nagenoeg dezelfde boodschap: we willen straks niet uit deze crisis komen en meteen wéér naar de rechter gesleept worden. En dus was, na veel uitstel en onderhandelen, wachten voor geen van beiden een optie.

Lees ook: Stikstofprogramma PAS moest en zou er komen

Van Schoutens stikstofpakket lekte maandag de hoofdmoot al uit: enerzijds een forse investering in het herstellen van de natuur die de afgelopen jaren stikstofschade opliep, anderzijds maatregelen die de uitstoot van stikstof ‘aan de bron’ moeten verminderen. Elektrisch taxiënde vliegtuigen en schepen aansluiten op stroom van de wal zijn een deel van de oplossing. Maar de grootste winst moet van de landbouw komen, de sector die verantwoordelijk is voor 41 procent van de stikstofuitstoot in Nederland. Kosten: ruim 5 miljard euro, uitgesmeerd over 10 jaar.

Lees ook: Crisis helpt bij voldoen aan Urgenda-vonnis

Geen halvering van de veestapel

Boeren reageerden lauw op het pakket. Al voor het tot stand kwam liepen dertien boerenorganisaties – verenigd in het Landbouw Collectief – begin april ontevreden weg van de onderhandelingstafel, omdat ze vonden dat Schouten haar zin doordrukte.

Toch blijven harde maatregelen de sector bespaard. Van de gevreesde halvering van de veestapel, de aanleiding voor de boerenprotesten, is geen sprake. In plaats van dwang wil Schouten veehouders vooral met een grote zak geld – zo’n 1,8 miljard euro – verleiden mee te doen. Daarmee wil ze boeren die in de buurt van kwetsbare natuurgebieden zitten uitkopen en extra geld vrijmaken voor stoppende varkensboeren. Die regeling bestond al voor het PAS van tafel ging, maar levert het kabinet nu veel stikstofwinst op.

Boeren die wél willen doorgaan krijgen geld voor allerlei technische maatregelen die stikstofuitstoot moeten verminderen – voor het verduurzamen van hun stallen, voor systemen om mest bijvoorbeeld te kunnen verdunnen en voor het verlagen van eiwit in veevoer, waarmee ook minder ammoniak moet vrijkomen.

Die laatste twee maatregelen komen rechtstreeks uit een plan waarmee de boeren vorig jaar november een plek aan de onderhandelingstafel wisten te bemachtigen – ook al zijn ze daar voortijdig weer vertrokken.

Dit soort technisch vernuft is bij natuur- en milieu-organisaties niet populair: de opbrengst wordt van tevoren vaak te rooskleurig ingeschat, zeggen zij. Zo bleken zogeheten luchtwassers, die schadelijke uitstoot bij stallen moeten wegvangen, na onderzoek van de WUR veel minder effectief dan gedacht.

Een nog groter pijnpunt voor de milieuclubs – zoals het Wereld NatuurFonds, Natuur & Milieu en MOB, de organisatie die PAS succesvol aanvocht bij de Raad van State – zijn de doelstellingen van het kabinet. Om te beginnen omdat het stikstofplan niet uitgaat van harde doelen, maar van streefwaardes voor natuurherstel. „Een waardeloze term,” aldus Valentijn Wösten, raadsman van MOB. „Een streven is één, maar of je het haalt is een tweede.”

Daarbij wil het kabinet de stikstofuitstoot met 26 procent verlagen, terwijl de WUR in opdracht van het WNF becijferde dat 50 procent noodzakelijk is om kwetsbare natuur in stand te houden. Het gepresenteerde pakket maakt daar 2,8 miljard euro voor vrij. Daarmee kan het kabinet bijvoorbeeld het grondwaterpeil aanpassen, grond aankopen voor natuur en ecologische verbindingen aanleggen. Dat wordt door Natuur & Milieu daarmee als „dweilen met de kraan open” getypeerd.

Niet alle gebieden worden gered

Nee, erkent Schouten, een eindoplossing is het pakket ook niet. Niet álle natuur zal door haar plan uit het slop getrokken worden. Bijna driekwart van de Natura 2000-gebieden in Nederland lijdt onder de hoge stikstofuitstoot. Gras en brandnetels verdringen andere planten, eiken sterven, insecten verdwijnen.

In 2030 wil het kabinet dat de helft van die kwetsbare natuur er weer goed aan toe is: daar moet de stikstofneerslag onder een kritische grens zijn teruggebracht. Blijft de andere helft over: daar slaat over tien jaar nog steeds te veel stikstof neer om natuur te laten floreren.

Maakt dat het kabinet niet kwetsbaar voor kritiek uit Brussel? Schouten vindt van niet. Natura 2000 stelt geen einddatum voor. Ze wil ook na 2030 de natuurkwaliteit verder verbeteren. Al ligt het ook voor de hand dat ze van de EU, als tegenpresentatie, zal vragen een aantal overgevoelige gebieden af te schrijven.

Ook een andere belangrijke vraag is nog niet beantwoord: het opkopen van boerenbedrijven door provincies of industrie om hun ‘stikstofruimte’ te gebruiken voor andere economische activiteiten. Boeren vrezen daardoor weggedrukt te worden. Schouten praat er in mei verder over door.

Zo is ‘chef stikstof’ Carola Schouten ook na elf maanden nog niet klaar.

Correctie (dinsdag 12 mei 2020): In een eerdere versie van dit artikel stond dat de landbouw verantwoordelijk is voor 41 procent van de Nederlandse stikstofuitstoot. Dat moet zijn: 41 procent van de stikstofuitstoot in Nederland, omdat in het totaal ook stikstof wordt meegeteld die vanuit het buitenland naar Nederland komt. Alleen gekeken naar de Nederlandse stikstofuitstoot, is de landbouw verantwoordelijk voor ruim 60 procent.