Dertien jaar juichen onder een gevaarlijke scheur in het stadion van AZ

Reconstructie De tribune van AZ stortte vorig jaar in. Tijdens de bouw ging veel mis, blijkt uit interne correspondentie. Afspraken met de gemeente over veiligheid werden regelmatig geschonden. Jarenlang zag niemand een gevaarlijke scheur.

Het ingestorte dak in het midden van de Molenaartribune.
Het ingestorte dak in het midden van de Molenaartribune. Foto Vincent Jannink/ANP

Schaduw gaf de eerste waarschuwing. In het midden van de Molenaartribune, boven het sportcafé voor supporters van AZ, begon de schaduwlijn ineens te schuiven. Op 10 augustus 2019 om 17.15:04 uur is de donkere lijn die de tribune opdeelt in zon en schaduw nog recht.

Twee seconden later valt de schaduwgrens naar links. Een spandoek op het veld bolt even op. Dan komt het geluid. Het kraken en scheuren van staal, spanten die breken, bouten die knallen. Zes seconden later ligt het dak van de tribune bovenop de stoeltjes van de vakken Q en R. Het komt tot stilstand op de plek waar tijdens wedstrijden de fans in een rolstoel zitten.

Er is niemand in het stadion. De competitieplanner heeft AZ dat weekend toevallig naar Waalwijk gestuurd. „We zijn nog altijd ongelofelijk blij dat het stadion leeg was toen de instorting plaatsvond, waardoor er geen gewonden zijn gevallen”, zei clubdirecteur Robert Eenhoorn toen onderzoeksbureau Royal HaskoningDHV deze maand een onderzoeksrapport publiceerde. Daaruit blijkt dat lasverbindingen in het dak te dun waren en het hebben begeven – de directe oorzaak voor de instorting.

In het rapport staat ook een opmerkelijke passage waaraan AZ geen aandacht besteedt in haar eerste reactie. „Er is al rond het moment van oplevering een scheur ontstaan” in het dakdeel dat is ingestort – vakwerkligger 40. Daardoor was de tribune ernstig verzwakt en een direct gevaar voor de supporters. De scheur was dertien jaar lang goed zichtbaar, schrijven de onderzoekers. Maar er was niemand die het zag. Hoe is dat mogelijk? En hoe kan het dat cruciale lasverbindingen te dun waren?

Uit de bouwgeschiedenis van het AZ-stadion, dat in 2006 werd opgeleverd, blijkt dat er al tijdens de bouw haast, wantrouwen en onnauwkeurigheden waren. NRC bekeek tientallen brieven, faxen, bouw- en constructietekeningen van bouwers, constructeurs en de gemeente Alkmaar en sprak met meerdere betrokkenen.

Er werden regelmatig delen van het voetbalstadion voltooid zonder toestemming. Bovendien ontdekten toezichthouders meerdere keren fouten in delen die al af waren. „Dit kán de ontwerpend constructeur niet zijn ontgaan.”

De bouw

Een bouwinspecteur van de gemeente Alkmaar staat in het stadion-in-aanbouw van AZ. Een parkeerplaats aan de rand van Alkmaar, vlak langs de snelweg. Hij is naar de vloer op de eerste verdieping gelopen. Het is begin mei 2005, iets meer dan een jaar voordat de eerste wedstrijd wordt gespeeld. Alles is klaar om het beton te storten, vinden de bouwers en constructeurs. Maar de inspecteur twijfelt. Die vloer zit toch helemaal niet goed vast aan de staalconstructie?

De uitvoerder op de bouwplaats weet het ook niet en belt Siem Romkes. Die heeft de detailconstructie van het stadion getekend. Romkes is een Fries die al zijn hele leven in het vak zit. Zijn specialisatie is het tekenen van complexe staalconstructies. In de bouwwereld staat hij erom bekend goedkoop te werken. Zelf is hij daar ook trots op. „Ik ben begonnen bij een aannemer, dan leer je wel op de centen letten”, vertelt hij aan NRC. Op zijn website schrijft hij dat zijn werk altijd „goedkoper, lichter en creatiever” is dan dat van anderen – „dit leidde tot een aanzienlijke besparing op de bouwkosten bij meerdere projecten.”

Lees ook: Controle op stadions bij veel voetbalclubs ondermaats

Als hij die dag wordt gebeld over de vloer zegt Romkes direct dat er geen probleem is: die constructie deugt. De bouwinspecteur is niet overtuigd. In het stadion vraagt hij opheldering over de berekeningen aan een medewerker van bureau Broersma. Dat is een familiebedrijf uit Den Haag dat sinds 1956 advies geeft over constructies. Andries Broersma is de directeur. Een flamboyante verschijning die spreekt met zwaar Haags accent en zijn telefoon altijd opneemt, behalve als hij met zijn hobby bezig is: varen op zee.

Broersma is in een lastige positie gedreven bij de bouw van het AZ-stadion. Oorspronkelijk was hij de enige constructeur. Maar nadat uitgebreide plannen voor winkels en kantoren op het complex niet doorgingen en alleen het stadion overbleef, werd een tweede constructeur ingehuurd: Siem Romkes. Die heeft de tekeningen van Broersma gekregen en daaraan geschaafd. Letterlijk: hij heeft het ontwerp goedkoper gemaakt, maar daardoor ook minder sterk. Zo gaat dat vaker in de bouw. Een hoofdconstructeur maakt de eerste tekeningen, een detailconstructeur kijkt of het een onsje minder kan. Broersma blijft de baas: hij controleert de tekeningen van Romkes en moet bepalen of ze nog veilig genoeg zijn volgens de wet.

Op de bouwplaats in het stadion wordt met de toezichthouder van de gemeente afgesproken dat Broersma en Romkes per fax extra tekeningen en berekeningen sturen voordat de vloer wordt gestort. Op 4 mei om 07.30 uur rolt de fax binnen. De inspecteur is absoluut niet tevreden – hij ziet vage en onduidelijke berekeningen.

Hij belt boos op naar de constructeurs. Voor de zekerheid telefoneert hij ook nog even naar de bouwvakkers in het stadion om te zeggen dat ze nog niet aan de slag kunnen. De uitvoerder op de werkplaats neemt de telefoon op en, zo schrijft de inspecteur later in een interne brief, „deelt vervolgens vrolijk mee dat ze al om 07.00 uur begonnen waren met storten en nu bijna klaar waren.”

De gemeente Alkmaar is woedend. Er gaat meteen een brief naar Broersma en Romkes: „Uiteraard zijn wij diep teleurgesteld in deze gang van zaken en vragen ons af of het wel verantwoord is om op deze situatie verder te bouwen.”

Bouwstops

Het is geen incident. In de zomer van 2005 komt de gemeente erachter dat de kwaliteit van het staal in het stadion niet te controleren is. „Heel vreemd”, schrijft een ambtenaar in een brief aan de bouwers, maar er zijn geen codes op het staal te vinden waaruit de kwaliteit zou moeten blijken. Uit dezelfde brief is op te maken dat de gemeente vindt dat er qua veiligheid toch al op het randje van de wet wordt gewerkt. Als de staalkwaliteit lager is dan op de tekeningen zou „de constructie geheel of gedeeltelijk kunnen bezwijken”, schrijft de gemeente, die ook nog ontdekt dat de staalconstructie van het trappenhuis al is gemonteerd terwijl „er nog steeds geen berekening [is] ingediend”. Na tests blijkt de kwaliteit van het staal in orde, maar het vertrouwen van de gemeente heeft een behoorlijke klap gekregen.

AZ wil in de zomer van 2006 de eerste wedstrijd in het nieuwe stadion spelen. Tegen het einde van 2005 heeft de gemeente het in een brief over een „enorme tijdsdruk”. Maar dat betekent niet dat zomaar alles kan. Tijdens een inspectie blijkt dat er is begonnen met de bouw van de dakconstructie, terwijl de gemeente dat had verboden omdat belangrijke tekeningen nog niet waren gecontroleerd. De gemeente is het zo zat dat er een bouwstop wordt afgekondigd – dat gebeurt drie keer tijdens het bouwproces.

Dit soort incidenten leiden tot diverse „aanvaringen”, schrijft de gemeente aan de constructeurs. „Wij zijn het inmiddels beu om achter de feiten aan te blijven lopen”, schrijft de toezichthouder van de gemeente, die zich hardop afvraagt of de opdrachtgever de „zorgplicht” voor een veilig stadion wel serieus neemt.

Vreselijke haast

De band tussen hoofdconstructeur Andries Broersma en detailconstructeur Simon Romkes begint ondertussen te lijken op die van een strenge meester en een hardleerse leerling. De twee bureaus hebben onderling contact over de kleinste verbindingen, bouten, moeren, knopen, staven, randlijnen en profielen. Over elk detail is nagedacht, elk stukje van het stadion uitgebreid bediscussieerd, honderden tekeningen met natuurkundige formules over wind-, duw- en trekkracht worden over en weer verzonden.

Broersma aan Romkes, eind 2005: „De gemaakte schematisering is absoluut niet accoord [sic]!” In dezelfde e-mail: „De nu weer geconstateerde afwijkingen op de berekeningen en niet correcte pogingen om alles achteraf toch nog weer goed te rekenen geven ons op zijn minst een zeer onprettig gevoel.”

Andries Broersma schrikt niet van de berichten als hij ze nu terugleest. „Soms moet je kritisch zijn op elkaars prestaties”, zegt hij. „Die laatste e-mail is een hartenkreet. Daarna komt er een telefoontje en pakken we de draad weer op. Het illustreert de gemoedstoestand waarin wij soms verkeren als we zien dat het uit de hand loopt en het ons ontbreekt aan middelen om de zaken in juiste banen te leiden. In dit geval werd alleen aan geld gedacht. Daardoor ontstond vreselijke haast. Dat is trouwens niet alleen bij dit project. Elk bouwproject in Nederland vindt plaats onder hoge druk omdat aan het proces het meeste wordt verdiend.”

Zo modderen gemeente, constructeurs en bouwers in de maanden voor de opening van het stadion verder. Wie verantwoordelijkheid neemt voor toezicht op de bouw wordt nooit helemaal duidelijk. De gemeente vindt dat AZ Vastgoed en ontwikkelaar Egedi, die werken in opdracht van AZ-eigenaar Dirk Scheringa, beter toezicht moeten houden. Jeffrey Stell is de projectleider en vrijwel dagelijks op de bouwplaats. De gemeente schrijft dat hij verschillen tussen tekeningen en het daadwerkelijke gebouw zou moeten zien en rapporteren en verwijt de opdrachtgever niet alert te zijn. Stell is inmiddels met pensioen en wil niet terugblikken op de bouw van het stadion.

Uiteindelijk staat het stadion er op tijd en hebben alle constructietekeningen en documenten de benodigde handtekeningen en toestemmingen van de gemeente. Volgens Andries Broersma wijst dat erop dat alle problemen met alle betrokkenen overwonnen zijn. Iedereen gaat er dan van uit dat er een veilig stadion is gebouwd.

De gemeente Alkmaar laat de betrokkenen tijdens de bouw al weten dat alléén de ambtenaren grote problemen hebben voorkomen, doordat ze keer op keer „afwijkingen in de constructie” hebben gevonden die „bijzonder ernstig” zijn.

Soms ging dat min of meer toevallig. Onderdelen van de kap van het stadion bleken bijvoorbeeld heel andere afmetingen te hebben dan op de tekeningen – „dit kán de ontwerpend constructeur niet zijn ontgaan.” De gemeente schrijft: „Bij elkaar opgeteld zouden ze, zonder ingrijpen door de gemeente, tot een zeer onveilig bouwwerk hebben geleid.”

Oplevering tot instorting

Het probleem is dat er géén veilig stadion staat. Op 18 januari 2007 raast een zware storm over het land. AZ speelt dan een half jaar in het nieuwe stadion. Naar alle waarschijnlijkheid ontstaat tijdens die storm een scheur in het AZ-dak waardoor dat ernstig verzwakt is, blijkt uit het onderzoek van Royal HaskoningDHV. De scheur is ontstaan door te dunne lassen. De lassen zijn gemaakt door het bedrijf Hardstaal uit Lemmer. Uit het rapport wordt niet duidelijk hoe het kan dat ze zo slecht zijn ontworpen.

Ook het detailontwerp van het dak is volgens de onderzoekers niet helemaal in orde, hoewel het dak het met goede lasverbindingen wel had gehouden. Feit is, schrijft Royal HaskoningDHV, dat het dak door de dunne lassen en gebreken in het ontwerp 67 procent minder druk aankon dan waarop het was berekend.

In het onderzoeksrapport zit een foto van een vergelijkbare scheur in een ander deel van het AZ-stadion – later ontstaan. Het is zeer duidelijk zichtbaar, maar niemand heeft de scheur ooit opgemerkt. Hoofdconstructeur Broersma zegt daarover: „Toen ik dat las, dacht ik wel: oei, AZ, daar heb je dus nooit naar omgekeken.”

Ieder jaar vraagt voetbalbond KNVB aan clubs in het betaald voetbal om een veiligheidsverklaring. Daarin wordt ook gevraagd of de constructie van het stadion is gecontroleerd. Uit onderzoek van Nieuwsuur en de NOS bleek vorig jaar al dat AZ en de gemeente Alkmaar die verklaring ieder jaar getekend terugsturen, terwijl ze in werkelijkheid nooit de constructie van het stadion controleren. De gemeente stelt dat de veiligheid van het stadion al voldoende is gecontroleerd bij de bouw.

Uit een e-mailwisseling uit februari 2019 tussen de veiligheidscoördinator van AZ en een ambtenaar van de gemeente Alkmaar blijkt hoe er werd gezorgd dat de papieren tóch klopten. AZ wil weten of het stadion al is gecontroleerd, of dat er nog een inspectieronde gelopen moet worden. De ambtenaar schrijft: „Wat betreft de constructie hebben wij geen aanwijzingen dat er iets aan de hand zou zijn. We zijn ook niet actief op zoek hiernaar.” Dus, vraagt de AZ-veiligheidscoördinator, ik kan de datum van de controle simpelweg aanpassen en het stuk naar de burgemeester sturen? „Mijn inziens [sic] wel”, aldus de gemeenteambtenaar.

‘Er is genoeg over gezegd’

AZ speelde na de instorting van het dak bijna het hele seizoen in het stadion van ADO Den Haag en verving een deel van het dak, nadat de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) ook nog waarschuwde voor problemen met de dakdelen die niet waren ingestort. De onderzoeksraad komt later nog met een uitgebreid rapport. In een reactie stelt een woordvoerder van AZ dat „te betreuren valt dat er kennelijk niet vertrouwd kon worden op de kwaliteitsprocessen tijdens de bouw en het toezicht hierop.” Als AZ eerder had geweten van de scheur in het dak, „dan hadden we uiteraard meteen actie ondernomen.” Dat de lassen te dun waren was voor de club vrijwel onmogelijk vast te stellen – daarvoor is magnetisch of ultrasoon onderzoek nodig. Volgens AZ is de gemeente verantwoordelijk voor de veiligheidsverklaring die naar de KNVB wordt gestuurd.

Bovenspant met breuk in ander deel van het stadion.

Foto Onderzoeksraad

De gemeente Alkmaar wacht het onderzoek van de OVV af voordat het college van B&W inhoudelijk wil reageren. Een woordvoerder stelt dat de „zorgplicht” voor een gebouw de „verantwoordelijkheid is van de eigenaar.”

Dirk Scheringa, als toenmalig AZ-baas opdrachtgever voor de bouw, stelt dat hij altijd heeft vertrouwd op de expertise van de deskundigen die de klus kregen en de vergunningen die door de gemeente zijn verleend. Hij is nog steeds „ontzettend blij” dat er niemand gewond is geraakt - „daar heb ik wel slapeloze nachten van gehad.”

Siem Romkes, de constructeur uit Sint-Nicolaasga, kwam na oplevering van het AZ-stadion nog een paar keer in opspraak. Hij was bijvoorbeeld betrokken bij de bouw van een parkeergarage in Wormerveer die in 2018 gedeeltelijk instortte. Er waren lassen bezweken na fouten in de „detailengineering van de constructie”, bleek uit onderzoek.

Romkes heeft zijn ingenieursbedrijf in 2013 van de hand gedaan en werkt nu vanuit huis als zelfstandig adviseur in de bouw. Hij wil niet inhoudelijk reageren op het instorten van het AZ-dak. „Er is genoeg over gezegd”, volgens Romkes. „Ik heb in mijn leven zoveel gemaakt en heel veel was goed. Er zal ook wel eens iets minder goed zijn geweest.”

Andries Broersma is blij dat Royal HaskoningDHV concludeert dat het laswerk de uiteindelijke oorzaak was van de instorting en niet zijn ontwerp. Met de kritiek die er wel is op zijn constructietekeningen is hij het niet eens. Broersma: „Ik vind dat het wél goed is ontworpen. Dat is een verschil van inzicht.” Broersma heeft jaren op de tribune gezeten bij AZ en zich er nooit onveilig gevoeld. Wel vraagt hij zich nog altijd af waarom die lassen zo dun waren. „Ik zou echt graag willen weten wat er is misgegaan in die fabriek van Hardstaal”, zegt Broersma.

Staalbedrijf Hardstaal uit Lemmer ging kort na de oplevering van het AZ-stadion failliet. Voormalig eigenaar Hans Donker heeft nu een eigen advies- en calculatiebureau dat hij vanuit huis runt. „Ik heb dat onderzoekrapport niet gelezen”, zegt hij aan de telefoon. „Staat er dat onze lassen niet goed waren? Waar kan ik dat vinden? Stuurt u het op? Nee, trouwens, al doet u dat, ik ga het niet lezen. Met Kerst misschien, als ik een keer tijd heb. Ik ga er in ieder geval absoluut niets over zeggen.”