Recensie

Recensie Strips

Yoshiharu Tsuges verhalen hebben een vervreemdende tweedeling

Strips Het werk van gekiga-auteur Yoshiharu Tsuge is surrealistisch, dramatisch en hij kiest steevast voor een gekwelde hoofdpersoon.

Beeld uit de strip ‘The Swamp’ van Yoshiharu Tsuge.
Beeld uit de strip ‘The Swamp’ van Yoshiharu Tsuge.

The Swamp is het eerste deel van het complete overzichtswerk van Yoshiharu Tsuge. Hij wordt gezien als een innovatieve mangaka (stripmaker) die zich vanaf halverwege de jaren zestig richtte op een volwassen lezerspubliek met serieuze beeldverhalen, die tot dan toe ongekend waren in Japan. Zijn werk is surrealistisch, dramatisch en vooral: hij kiest steevast voor een gekwelde hoofdpersoon, iemand met ondeugd en twijfel. Zijn buitenissige verhalen leverde Tsuge in eigen land een cultstatus op. Met het verschijnen van The Swamp zijn Tsuges verhalen voor het eerst in het Engels beschikbaar.

Yoshiharu Tsuge (82) haakt met zijn korte verhalen aan bij wat gekiga wordt genoemd. Het is de meer literaire variant van manga waarin serieuze thema’s worden behandeld. Het is te vergelijken met het onderscheid dat wij hanteren voor strip en graphic novel. De bekendste gekiga-auteur is Yoshihiro Tatsumi (zie inzet). Zijn grimmige verhalen, die spelen aan de onderkant van de naoorlogse Japanse samenleving, zijn schrijnend en hard, ondanks de vriendelijke, karikaturale tekenstijl waarin Tatsumi ze uitwerkt.

Lees ook: Zoektocht naar verleden adembenemend in beeld gebracht

Ook Yoshiharu Tsuges kortverhalen, die variëren van tien tot veertig pagina’s, hebben die vervreemdende tweedeling, al gaat hij een stap verder dan Tatsumi: Tsuge kiest juist niet voor alledaagse situaties. Zijn vertrekpunt is vreemder, dromeriger. Wat de vroege verhalen zo bijzonder maakt, is dat Tsuge als eerste een getormenteerde held opvoert die met zijn eigen beperkingen wordt geconfronteerd: de lezer is deelgenoot van depressies en tweestrijd. Niet eerder werden personages zo kwetsbaar neergezet, vooral omdat manga doorgaans plat vermaak was.

Terugwerkende kracht

Neem The Phony Warrior (de nep-krijger), het openingsverhaal uit The Swamp. Een samoerai bezoekt een dorpje en al gauw gaat het verhaal dat hij de beroemde Musashi Miyamoto is. Van heinde en ver komen mensen naar het dorp om een glimp van hem op te vangen. De hotelier die hem onderdak verschaft, is gelukkig met zijn voorname gast, het zal zijn nering goed doen. En dat is precies waar deze Musashi op uit is: hij eist een percentage van de eigenaar. Als hij naar een volgende dorp vertrekt om zijn kunststukje te herhalen, wordt hij niet geprezen om zijn krijgskunde, maar met medelijden nagekeken. Deze eenzame man is zijn waardigheid voorgoed verloren.

Ondanks de cultstatus van Tsuge en zijn succes in eigen land, bleef zijn werk lange tijd daarbuiten onopgemerkt. Het baanbrekende striptijdschrift Raw, dat verscheen van 1980 tot 1991 en onder redactie stond van Maus-tekenaar Art Spiegelman, publiceerde als eerste twee korte verhalen van Tsuge. In 2004 werd Muno no Hito (‘De man zonder talent’) in het Frans vertaald en prompt genomineerd voor de prijs van beste album op het stripfestival van Angoulême. Pas begin dit jaar verscheen van dit autobiografische verhaal een Engelse vertaling bij New York Review Comics, de stripuitgeverij die is gelieerd aan The New York Review of Books. Het geeft aan hoe Tsuges werk met terugwerkende kracht wordt gewaardeerd.

Pagina uit The Swamp van Yoshiharu Tsuge.

Het complete oeuvre

The Swamp is het eerste van zeven delen: het Canadese Drawn & Quarterly, dat ook het werk uitgeeft van vooraanstaande auteurs als Daniel Clowes, Seth, Julie Doucet en Chris Ware, wil het complete oeuvre van Tsuge in het Engels uitgeven. Dat is een overzichtelijk karwei: omdat hij zijn leven lang aan depressies lijdt en teleurgesteld is in de Japanse uitgeverswereld die uitsluitend oog heeft voor verkoopsuccessen, stopte hij voorgoed in 1987.

Het openingsverhaal in The Swamp stamt uit 1965, als Tsuge onder eigen naam begint met publiceren in het avant-gardetijdschrift Garo. De elf verhalen zijn nog niet uitgepuurd, maar op een charmante wijze onbeholpen; Tsuge zoekt naar een manier om het onderhuidse uit te beelden. Er vallen vervreemdende stiltes, veel blijft onuitgesproken; het levert intense kortverhalen op die uiterlijke overeenkomst vertonen met die van Tatsumi. Bijzonder is dat Tsuge kiest voor karikaturale figuren in een realistische omgeving, iets wat je ook ziet bij het werk van Osamu Tezuka (zie inzet).

Naarmate Tsuge zich verder bekwaamt, worden de beelden soberder en tegelijk grimmiger, Tsuges figuren huiveringwekkend en morbide. De grote chronologische overzichtstentoonstelling van afgelopen januari op het stripfestival van Angoulême was indrukwekkend en bracht deze grafische vooruitgang perfect in beeld. Het geeft niet alleen de noodzaak aan van de integrale uitgave van zijn werk, het laat ook zien hoe de serieuze volwassen manga zich door de jaren heeft ontwikkeld.