Geen vrijmarkt, wat moet je nu met je zooi?

Rommel Nu de vrijmarkt op Koningsdag niet doorgaat, staan er rijen bij de afvalstraten en worden kringloopwinkels overspoeld. Op Marktplaats ontstaat een digitale kleedjesmarkt.

De twee broertjes Morsheim uit Den Bosch verkopen hun spullen via Marktplaats dit jaar. Een foto van het kleedje zetten ze online.
De twee broertjes Morsheim uit Den Bosch verkopen hun spullen via Marktplaats dit jaar. Een foto van het kleedje zetten ze online. Foto Merlin Daleman

Met witte hanenpoten van schilderstape heeft hij het woord ‘BEZET’ geplakt. Een plek van ongeveer twee vierkante meter, precies genoeg om de serviesdelen, gekraste dvd’s, opladers van prehistorische digitale apparatuur en alle andere prullaria op uit te stallen.

Alleen: verkoper Dick van Bokkem (35) uit Amsterdam houdt geen stoep bezet. En hij heeft ook geen dozen vol prullen. Nee, hij heeft zojuist zijn bureau in de woonkamer afgeplakt. „Ik heb warme herinneringen aan de vrijmarkt en een plaatsje claimen hoort daarbij. Maar toen ik hoorde dat we dit jaar over zouden gaan op een digitale kleedjesmarkt vond ik het maar raar. We hebben Marktplaats toch al?”

Koningsdag wordt Woningsdag, maakte de Oranjebond half april bekend. Géén vrijmarkt, festival of Koningsspelen. Wél gezamenlijk het Wilhelmus zingen – uiteraard netjes in de woonkamer – en een digitale kleedjesmarkt, zo werd aangekondigd. Maar die kleedjesmarkt blijkt uiteindelijk toch niet haalbaar, laat Oranjebond-voorzitter Dirk Steenks weten. Voor de vrijmarktverkopers is dat een gemis: naast een reden om het huis eens goed op te ruimen, is de vrijmarkt voor 15 procent van de verkopers ook een manier om een extraatje te verdienen, bleek uit onderzoek van ING in 2018. En dus vragen vrijmarktverkopers zich af: wat moet ik nu met de verzamelde zooi waar ik graag vanaf wil?

Sommige mensen zetten rekken en kleedjes op de stoep met gratis af te halen spullen, er zijn rijen voor afvalstraten en kringloopwinkels worden overspoeld door het aanbod. „Er stonden zelfs kleine files bij onze afleverpunten”, zegt Gert-Jan Dekker van RataPlan, een van de grootste uitbaters van kringloopwinkels. Op Marktplaats is een aparte rubriek voor rommelmarktspullen, waar adverteerders soms tot wel tientallen dozen spullen aanbieden.

Van Bokkem claimde een digitaal kleedje op Marktplaats en plaatste een foto van zijn afgeplakte bureau. Oorspronkelijk bedoeld als grap ziet hij zijn advertentie inmiddels als een gat in de markt. „Er zijn genoeg mensen die het niet leuk vinden om te verkopen via Marktplaats, of die niet weten hoe het moet. Ze kunnen me een mailtje sturen met de spullen en een fotootje erbij. Dan schrijf ik een leuke advertentie en verkoop het met een commissie via mijn account.” Hij deelt zijn advertentie via zijn eigen netwerk en op Facebook.

Lees ook: Tijd om digitaal te ontspullen: Maak je smartphone eens leeg

Anne-Marie Timman (48) uit Purmerend staat in haar vriendenkring bekend als slimme handelaar en verkoopt daarom vaak niet alleen haar eigen spullen, maar ook troep van vrienden en kennissen. Voor dit jaar heeft ze zes verhuisdozen vol spullen klaarstaan om te verkopen. „Ze zeggen: verkoop jij het maar want mij lukt het niet. Keukenspulletjes, sportschoenen, boeken, speelgoed. En ik heb een dochter van achttien. Die koopt kleding per kilo, zo lijkt het, dus daar komt veel vanaf.”

Voor 7,50 euro per doos probeert ze de spullen nu te slijten op Marktplaats. Lachend: „Bij alles wat ik te koop zet, denk ik: waarom heb ik zelf nou nooit zo’n geluk? Dit is een koopje.”

Marktplaatsverslaving

Marick (12) en Rodin (9) Morsheim uit Den Bosch zijn misschien jong, op de vrijmarkt zijn het ouwe rotten in het vak. Al jaren (Marick: „Ik denk wel zeven”) verkopen ze de spullen die ze gedurende het jaar verzamelen en doen ze „iets creatiefs”.

Marick: „We hebben een keer een daverend applaus verkocht voor 50 cent. Een normaal applaus kon ook, dat kostte maar 25 cent. Bij het daverende applaus hadden we een toeter en confetti. We klapten zo lang dat mensen er bijna gek van werden.”

Rodin: „Er kwamen zelfs mensen van de tv kijken, maar toen we ze een daverend applaus gaven, kregen we er helemaal niets voor!”

Normaal halen we 200 euro op. Dit jaar hopen we op 50 euro

Marick Morsheim (12)

Een beetje beteuterd concluderen ze: rijk worden van een daverend applaus wordt dit jaar lastig.

Dus zijn ook de broers naar Marktplaats getogen om de verzamelde keukenspullen, kleding, speelgoed en boeken te slijten. De teller staat tot nu toe op drie euro en vijfenzeventig cent. Tijdens het gesprek - via FaceTime - checken ze de advertenties. Enthousiaste kreten; even zijn ze vergeten dat ze worden geïnterviewd. Marick, verontschuldigend: „Ik ben een beetje verslaafd geraakt. Telkens kijk ik hoe vaak onze spullen zijn bekeken. Tot nu toe zijn de borden het meest bekeken, wel 38 keer.”

Handigheidjes

Nu de spullen vooral digitaal verkocht gaan worden, stellen verkopers de verwachtingen wat betreft opbrengsten naar beneden bij. „Normaal halen we 200 euro op. Daarvan gaan we iets leuks doen met mama”, zegt Marick. Dit jaar hopen ze op 50 euro.

Ook Van Bokkem verwacht niet rijk te worden met zijn digitale kleed. „Op een theekopje van 20 cent stelt zo’n commissie natuurlijk niets voor. Het gaat me ook niet zozeer om het geld: ik doe het ook vooral om mensen een lach op het gezicht te toveren.”

Foto Merlin Daleman

De digitale kleedjesmarkt vereist een andere aanpak, daar zijn ze het over eens. „Ik verdeel de kleding over pakketten en die bied ik aan tegen lage prijzen”, zegt Timman. „En als je de foto een beetje mooi hebt gestileerd, dan verkoopt het beter. Als je iets neerlegt op de rommelvloer in de garage… Nou, dan hoef ik het al niet meer.”

Mooie foto’s zijn belangrijk, zeggen ook de broers Morsheim. „Niet afraffelen”, zegt Marick. „Een tip van mijn moeder is een effen kleur kleed eronder zodat je de spullen beter kunt zien.” Rodin: „En we doen alleen ophalen, anders is het te veel gedoe.”

Mocht het ondanks alle moeite toch niet lukken om los te raken, dan volgt een ronde langs afvalstraat en kringloop. Voor Timman is dat een laatste optie. „Ik geef het dan liever weg via groepen op Facebook. Want als het gratis is, dán willen mensen het nu eenmaal ineens wel.”