Vrij zijn is...je eigen motor bouwen

Vrij Hoe ontspant Nederland in deze tijd?

Foto Folkert Koelewijn

Lucy van Ostade (27) uit Schijndel werd als baby al op de motor gezet. Op haar veertiende gooide haar vader na het avondeten de inhoud van een motorblok op tafel om uit te leggen hoe alles werkt. Op haar negentiende haalde ze haar motorexamen met twee vingers in de neus. En toch had ze er nooit bij stilgestaan dat ze monteur zou kunnen worden, vertelt ze. „In de motorfietswereld is het heel zeldzaam dat vrouwen aan motors bouwen, en al zeker geen vrouwen met maatje 36 en lange blonde haren.”

Ze was grafisch ontwerper toen ze op haar drieëntwintigste door toeval een kans kreeg bij een Ducati-specialist. Zat ze een dag in de week tussen een groep zestienjarige jongens te studeren, de rest leerde ze in de praktijk. Het seksisme in de motorwereld bleek hardnekkig. Bij een volgende werkgever mocht ze de motoren niet voorrijden, want „anders zouden de klanten zien dat een vrouw aan hun motor had gesleuteld”. Nu ze een eigen bedrijf heeft en workshops in motorfietsonderhoud geeft, heeft ze daar geen last meer van.

Maar wacht eens even. Dit is toch een vrijetijdsrubriek? Nou, bij Van Ostade lopen werk en hobby in elkaar over. Als ze zich wil ontspannen, trekt ze zich terug in haar schuur om te werken aan haar Harley Davidson FXR uit 1986 met een evo-blok, 1.340 cc. „De best sturende Harley die ooit is gebouwd.” Ze deelt de schuur met haar vriend, die ook motorgek is. Samen hebben ze tien motoren, elk vijf. Naast de poster met een lekker wijf heeft ze een poster met een ontbloot mannentorso opgehangen.

Als het haar beurt is om te klussen – de schuur is te klein om er tegelijkertijd in te werken –, wordt Rockabilly Radio opgezet en gaat het verstand op nul. Het doel: de Harley beter maken dan het origineel. Zo heeft ze een dikkere voorvork erop gezet zodat de motor stabieler is. En je eenmaal bezig bent, houdt het niet meer op, zegt ze. „Omdat ik het spatbord aan de achterkant had verlaagd, paste het zadel niet meer. Ik heb de bekleding eraf getrokken, het pannetje op maat geklopt. En dan stuur ik het naar een zadelmaker die het opnieuw bekleedt.”

Nog eventjes wachten, en ze kan zo vaak sleutelen als ze wil. „We zoeken naar een nieuw huis met grote werkplaats, en weten al precies hoe we het zouden inrichten. We willen elk een eigen werkbank en een hefbrug, en aan eigen muren het gereedschap ophangen dat je het vaakst gebruikt.” Maar project Harley wordt hoe dan ook dit jaar afgerond. Deze zomer gaat ze proefrijden en in de winter komt de paint erop: witte parelmoer met een glitter erin.