Niets lijkt te lukken tegen criminele asielzoekers

Criminele asielzoekers De politiek verliest haar grip op criminele asielzoekers, blijkt uit nieuwe cijfers. De opties om te handhaven worden schaarser.

Vooral verdenkingen van (winkel)diefstal, mishandeling en vernieling komen voor onder asielzoekers.
Vooral verdenkingen van (winkel)diefstal, mishandeling en vernieling komen voor onder asielzoekers. Foto Robin Utrecht/ANP

Drie, vier jaar geleden keek de Amsterdamse politie nog raar op als een aangehouden zakkenroller op de Wallen een pasje van het asielzoekerscentrum toonde. Een asielzoeker? Die verbazing is inmiddels verdwenen, zegt een agent, die niet met naam genoemd wil worden, omdat hij op persoonlijke titel spreekt. Ze komen vaak uit een ‘veilig land’ en maken dus weinig kans op een verblijfsvergunning. „Hun methode is bovendien verhard”, vertelt de agent. Rolden ze aanvankelijk op slinkse wijze toeristen, zegt hij, tegenwoordig doen ze ook aan „straatroven”.

Het aantal asielzoekers dat werd verdacht van een misdrijf, liep vorig jaar op met 13 procent (van 2.497 in 2018 naar 2.821 in 2019). Dat meldde De Telegraaf donderdag op basis van nog ongepubliceerde cijfers van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Ook nam het aantal misdrijven toe waarbij een vreemdeling als verdachte werd geregistreerd, van bijna vier- naar bijna vijfduizend. Uiteindelijk werden 1.500 asielzoekers veroordeeld in 2.800 zaken in 2019.

Het gaat vooral over verdenkingen van (winkel)diefstal (3.294 gevallen), mishandeling (327) en vernieling (255). Ook werden er vorig jaar meer verdenkingen geregistreerd van ernstiger delicten zoals poging tot moord (30 gevallen in 2019, 24 in 2018) en verkrachting (8 tegen 4). Het aantal moorden bleef op twee.

Het zijn cijfers waar de regering niet blij mee is. Verantwoordelijk staatssecretaris Ankie Broekers-Knol (Migratie en Asiel, VVD) beloofde de Tweede Kamer sinds haar aantreden hard op te treden tegen deze ‘overlastgevende asielzoekers’, maar kreeg het aantal incidenten niet naar beneden. „Je zou ze het liefst in bewaring nemen”, zei de staatssecretaris hier in januari over in WNL op Zondag. „Maar dat is lastig.”

Veiligelanders

Het kenmerkt hoe moeilijk het voor de politiek is om grip te krijgen op deze groep. „Het zou fijn zijn als je ze meteen terug kunt sturen naar het land van herkomst, maar dat lukt niet zo makkelijk”, zei Broekers-Knol in hetzelfde programma. Het uitzetten van uitgeprocedeerde asielzoekers is in Nederland en veel andere Europese landen al niet makkelijk, omdat niet alle herkomstlanden daaraan meewerken. Zolang een asielzoeker een procedure heeft lopen, kan hij of zij helemaal niet worden uitgezet.

De meeste overlastgevers zijn zogeheten ‘veiligelanders’, mensen uit onder meer Marokko en Algerije, die geen recht hebben op een verblijfsvergunning. De groep notoire overlastgevers bestaat in totaal uit zo’n driehonderd mensen, blijkt uit cijfers die het ministerie begin februari vrijgaf. Ze staan op een zwarte lijst, die wordt opgesteld en bijgehouden door de verschillende asielzoekerscentra in het land.

De afgelopen jaren probeerden Justitie en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) op verschillende manieren meer grip te krijgen op overlastgevende en criminele asielzoekers. Eind 2017 kregen Amsterdam en Hoogeveen beide een ‘aso-azc’ waar een strenger en soberder regime heerste, voor asielzoekers die in de reguliere opvang voor overlast zorgen. Met intensieve begeleiding en sobere opvang hoopten COA en Justitie dat gedragsverandering zou plaatsvinden, schreef Broekers-Knol aan de Kamer, waarna de overlastgever terug kon naar de normale opvang.

Lees ook: ‘Gevaarlijke situatie’ in asielzoekerscentra door tekort aan hulpmiddelen

Maar: „De doelstelling van gedragsverandering lijkt te hoog gegrepen”, oordeelde een evaluerend onderzoek van het onderzoekscentrum van Justitie WODC eind vorig jaar. Uit onderzoek van de Volkskrant bleek bovendien dat aan de opvangvorm een flink prijskaartje hing. Zo werd in 2017 1,2 miljoen euro uitgegeven aan de ‘aso-azc’s’, vooral aan personeel, maar zat er slechts een handjevol asielzoekers. Het aso-azc in Amsterdam is inmiddels gesloten, in Hoogeveen werd juist een nog strikter regime ingevoerd waar asielzoekers de opvang niet mogen verlaten en bewakers een vuurwapen hebben.

‘Waardige levensstandaard’

De voorganger van Broekers-Knol stelde in mei vorig jaar drie ‘ketenmariniers’ aan die de grootste overlastgevers moeten aanpakken. Ketenmarinier Jur Verbeek zei op 11 maart in een televisieoptreden bij De Hofbar (PowNed): overlastgevers „die knippen en scheren we. Die laten we alle hoeken van de kamer zien.” En als ze doorgaan? Dan worden ze uit het azc „gemikt”, zei Verbeek.

Maar dat mag niet meer. Eind 2019 corrigeerde het Europese Hof van Justitie de directeur van een Belgische asielopvang, omdat hij een Afghaanse asielzoeker die een vechtpartij was begonnen op straat had gezet. Het Hof zette een streep door de straf: personen met „internationale bescherming” hebben recht op een „waardige levensstandaard”, daar horen eten, onderdak en kleding ook bij. De uitspraak is ook in Nederland van kracht.

„De gevolgen van het arrest worden nog in kaart gebracht”, reageert een woordvoerder van Justitie en Veiligheid. Maar een belangrijke pijler uit de Nederlandse aanpak is weg. Justitie en het COA kunnen het leef- en eetgeld nog inhouden en groepjes lastpakken „opsplitsten” en over verschillende azc’s verspreiden. De „ernstige gevallen” gaan naar de superstrenge azc in Hoogeveen, zegt de woordvoerder.

De jaarlijkse rapportage over asielzoekers, waaruit de criminaliteitscijfers komen en die half mei naar de Tweede Kamer wordt gestuurd, leidde vorig jaar tot het aftreden van staatssecretaris Mark Harbers (VVD). In die rapportage stonden de verdenkingen niet uitgesplitst, maar werd alleen de top-10 vermeld van de meest voorkomende misdrijven waarvan asielzoekers werden verdacht.

De op-een-na grootste categorie uit de grafiek stond, met duizend misdrijven, vermeld onder de naam ‘overig’. Uit navraag door De Telegraaf bij de politie bleek dat daar de meest ernstige misdrijven onder vielen. Ambtenaren van het ministerie van Justitie en Veiligheid hielden een toelichting op de misdaadcijfers bewust uit het rapport, bleek later uit vrijgegeven documenten. Het ministerie heeft ervan geleerd: in deze rapportage staan alle misdrijven wel afzonderlijk vermeld.