Moet ik adviseren niet te reageren bij ruzie?

Opgevoed Elke week legt Annemiek Leclaire een lezersvraag voor aan deskundigen.

Illustratie viola Lindner

Vader: „Mijn drie kinderen (16, 15, 12) zijn meesters in het provoceren van elkaar en olie op het vuur gooien. Zij kennen elkaars zwakke plekken als geen ander en weten dus precies wat ze moeten zeggen of doen om de ander zodanig te prikkelen dat die over de grens gaat.

„Ik adviseer ze dan vaak ‘speel douche’: laat het als douchewater van je aflopen en reageer niet overal op. Nu vraag ik me af, is dat eigenlijk wel een goed advies? Rem ik ze niet te veel af? Moet ik het liever gewoon laten gebeuren?”

Naam is bij de redactie bekend. Deze rubriek is anoniem, omdat moeilijkheden in de opvoeding gevoelig liggen. Wilt u een dilemma voorleggen? Mail naar opgevoed@nrc.nl

Ga oefenen

Susan Bögels: „Relaties met broers en zussen zijn doorgaans de langste die we in ons leven hebben. De kwaliteit van deze relaties beïnvloedt die van latere relaties in het leven. Onderzoek laat zien dat chronische conflicten met een broer of zus latere angst, depressie en agressie voorspelt. Dit is dus bij uitstek een prachtig oefenterrein in onderlinge verhoudingen.

„Ouders kunnen die conflicten aangrijpen om kinderen sociaal gedrag bij te brengen, te leren zich te verplaatsen in elkaar, te leren onderhandelen, en hun grenzen aan te geven. En soms moeten we kinderen tegen elkaar beschermen.

„Ik zou eerst naar de ruzies kijken alsof u ze voor het eerst ziet: zonder oordeel, zonder ingrijpen. Wat gebeurt er precies? Wat denken en voelen alle kinderen?

„U kunt uw kinderen helpen zich in het perspectief van de ander te leren verplaatsen. Dat kan door gezamenlijke gesprekken waarbij ze alle drie om de beurt ongestoord hun grieven kunnen uiten, of door individueel met ze over de ruzies te praten, waardoor ze meer ruimte voelen om te vertellen wat ze dwarszit. Vraag ook wat ze denken dat de ander denkt en voelt.

Brengen de ruzies van de kinderen vervelende herinneringen mee aan conflicten uit uw eigen verleden? ‘Speel douche’ is namelijk niet altijd de beste houding in conflicten, het kan ook duiden op machteloosheid. Het is belangrijk om als ouders te weten hoe we met onze eigen conflicten omgaan. Ruzie hoort er nu eenmaal bij in de relaties met mensen van wie we houden, maar we moeten ze wel leren repareren. Als ouders hebben we daar een voorbeeldrol in.”

Laat geen patronen ontstaan

Stijn Sieckelinck: „In een gezinssituatie lijkt me dit een prima reactie. We proberen kinderen een gevoel van autonomie te geven: jij bepaalt hoe je reageert op provocaties: je kunt ze van je laten afglijden. Het is geen antwoord dat vrede brengt, maar dat kun je in gezinnen ook niet steeds verwachten. Elkaar zo nu en dan het leven zuur maken, hoort erbij. De aanwezigheid van conflicten is eerder regel dan uitzondering, zeker met drie kinderen. Er is altijd wel iets dat minder gesmeerd loopt. Het wangedrag van de broer of zus negeren kan het getroffen kind helpen zich even samen te rapen.

„Hooguit doet u er goed aan met uw metafoor van de douche te variëren. Anders gaan uw kinderen straks zeggen: ‘Jij geeft altijd hetzelfde irritante antwoord als je niet tot de kern van het conflict wil doordringen’.

„U moet wel goed kijken dat er geen patronen ontstaan waarin steeds hetzelfde kind de dupe is van de vuiligheden van de ander, om in de metafoor te blijven, of als het psychisch en fysiek gevaarlijk wordt. Dat moet echt aan de orde worden gesteld.

„Een ouder mag thuis zeggen: ‘Laat het van je afglijden’, maar een leerkracht in een klaslokaal nooit. Daar is ‘in vrede samenwerken’ wel het doel.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.