Héél Amsterdam? Nee, één kraakpand houdt moedig stand

Zap Volgens ‘De kennis van nu’ hebben hersenen geen duidelijke gender. De documentaire ‘Vrankrix en het Amst€rdamse rijk’ toont een vrijhaven voor onaangepasten.

Presentator Elisabeth van Nimwegen (links) met genderqueer Martijn de Hoog in De kennis van nu (NTR).
Presentator Elisabeth van Nimwegen (links) met genderqueer Martijn de Hoog in De kennis van nu (NTR).

‘De teller gaat bijna tot de 300’, zegt Martijn de Hoog als hij zijn motorhelm heeft afgezet. De 31-jarige programmeur gooit zijn lange haren los, onder zijn jack komt een vuurrode jurk tevoorschijn. Hij wil zijn vrouwelijke kant meer ruimte geven, zegt hij. De geroutineerde televisiekijker meent dan wel te weten wat voor vlees hij in de kuip heeft: wetenschapsprogramma De kennis van nu (NTR) zal wel over transgenders gaan.

In dat hokje past de uitzending echter niet. Want De Hoog is niet in transitie en hij weet ook niet of hij dat wil. Maar hij heeft wel het gevoel dat er van hem wordt verwacht dat hij een keuze maakt. „Als je erbuiten valt, dan val je op. En dat is een gevoel waaraan je liever niet de hele tijd wordt blootgesteld.” Met de groeiende emancipatie van transgenders is immers nog geen afscheid genomen van het scherpe onderscheid tussen de seksen.

En dat terwijl, zo werd in De kennis van nu woensdag uitgelegd, de neurologische basis voor radicale onderscheiden wankel is. „We denken niet meer in termen als mannenbreinen en vrouwenbreinen”, legt onderzoeker Sarah Burke uit. „Er is van alles tussenin.” De Israëlische neurowetenschapper Daphna Joel zegt dat er vrijwel niemand is met een puur ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’ brein.

Maar een maatschappij verdraagt tussenvormen vaak niet al te best. Historica Geertje Mak vindt het vreemd dat mensen die ongemak voelen bij hun geboortegeslacht, feitelijk maar één tracé wordt aangeboden: transitie, wat neerkomt op kiezen tussen twee hokjes. Mak: „Moeten we niet naar de samenleving kijken?”

Dat is een terechte oproep. Aardig was dat een kwartiertje na De kennis van nu al een stukje samenleving in beeld kwam. „Je kunt hier anders zijn zonder dat het anders is,” verklaarde een bewoner van het Amsterdamse krakersbolwerk Vrankrijk. Al blijken er op queer night toch ook kleine hokjeszaken te spelen. De vrouw met portiersdienst weet niet goed op welke gronden ze mensen moet binnenlaten of weigeren. Wie is er queer? „Ik kan het niet aan hun neus zien.”

Dat gebeurde in de van Asterixverwijzingen vergeven NTR-documentaire Vrankrix en het Amst€rdamse rijk van Annegriet Wietsma. Ze schildert de bewoners van het pand als de laatste onaangepasten in het door het grootkapitaal overgenomen en door toeristen platgerolkofferde centrum van Amsterdam. We zien hoe de twee kraakpanden aan de overkant worden ontruimd en afgebroken, hoe een hotelgigant probeert buurvrouw Wilma uit haar huis te verjagen.

Hopen op verrotting

De bewoners van Vrankrijk zijn relatief onkwetsbaar, omdat ze zelf eigenaar zijn van hun pand. Ze maken er ruimte voor mensen die niet in hokjes passen. Zoals een half-indiaanse Amerikaan die zich in eigen land niet op zijn gemak voelt omdat hij voor de ene groep te wit is en voor de andere te rood. In Amsterdam voelt hij zich thuis. „There’s a lot of room for misfits here.”

De liefde voor vreemde vogels druipt van de film. Bewoners doen bedrijfsboten tijdens Canal Pride af als ‘pinkwashing’, maar een man verklaart ook dat hij tevreden is zolang hij eenmaal per jaar naar de Efteling kan. Er wordt veel nerveus gelachen tijdens de interviews. Schitterend is een scène waarin een tiental hoogalternatieve bewoners op werkbezoek gaat bij de keurige bierbrouwer Lindeboom, die vreest de Vrankrijk-bar als klant te verliezen.

Intussen is er goede hoop dat de kapitalistische toeristenstroom ooit zal opdrogen: „Het kan niet eeuwig duren. Hopelijk begint de verrotting hier vanuit het centrum. Dan is het weer leuk in de stad.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.