Erdogan blokkeert media Golfstaten

Censuur Turkije De Turkse regering blokkeert de website Independent Türkçe en zeventien andere media, als onderdeel van een mediaoorlog met Saoedi-Arabië en de Emiraten. Ze grijpt ook de coronacrisis aan om de censuur op te voeren, onder meer tegen sociale media.

Turkse verslaggevers met mondkapjes tegen het coronavirus, donderdag in het parlementsgebouw in Ankara.
Turkse verslaggevers met mondkapjes tegen het coronavirus, donderdag in het parlementsgebouw in Ankara. Foto Anadolu Agency via Getty Images

Turkije heeft deze week de toegang geblokkeerd tot de Independent Türkçe en zeventien andere media die banden hebben met Saoedi-Arabië en de Verenigde Arabische Emiraten. De blokkade is onderdeel van een media-oorlog tussen Turkije en de Golfstaten. Zowel Turkije als de Golfstaten proberen via nieuwsmedia elkaars publieke opinie te beïnvloeden.

De Saoedische regering blokkeerde onlangs de Arabischtalige versie van de Turkse staatszender TRT en het staatspersbureau Anadolu. De officiële aanleiding was de kritische berichtgeving over de Saoedische journalist Jamal Khashoggi, die in 2018 op brute wijze werd vermoord op het Saoedische consulaat in Istanbul, en de berichten over vermeende Saoedische nalatigheid bij de bestrijding van Covid-19, waardoor Turkse pelgrims het virus mee terug uit Mekka namen.

Lees ook: Erdogan lijkt bestrijding van zijn tegenstanders belangrijker te vinden dan de aanpak van het virus

Bij wijze van vergelding blokkeerde Turkije de toegang tot achttien Arabische media, waaronder de Saoedische nieuwzender Al-Arabiya, de in London gevestigde krant Al-Hayat en Sky News Arabia, een joint venture tussen de Britse Sky Group en de Abu Dhabi Media Investment Corporation van sjeik Mansour, de vicepremier van de Emiraten. Hoewel de blokkade het gevolg is van een regionale machtsstrijd, is die niet los te zien van de bredere censuur in Turkije.

De Turkse journalist en academicus Yusuf Özkir gaf de voorzet voor de blokkade in een commentaar op de website van SETA, een denktank gelieerd aan het presidentiële paleis. Daarin riep hij op tot een „wederkerige benadering” van buitenlandse media met berichtgeving in het Turks. Het doelde op The Independent Türkçe, maar noemde ook andere buitenlandse media, zoals Deutsche Welle, BBC, Sputnik en Voice of America.

The Independent Türkçe is een relatief nieuwe website. De Saoedische Onderzoeks- en Marketing Groep kocht in 2018 de Brits-Amerikaanse uitgever The Independent en lanceerde in 2019 een Turkstalige versie van The Independent. Die bestaat uit vertaalde kopij uit de Britse krant, aangevuld met artikelen van eigen journalisten. De selectie van verhalen verraadt een politieke agenda.

Desondanks werd de komst van de site toegejuicht door organisaties die zich inzetten voor de vrije pers in Turkije. Want hij droeg bij aan het pluralisme en kon de dominante positie van de regering in de media doorbreken. Bijna alle grote media zijn in handen van zakenvrienden van president Erdogan. Linkse, seculiere en Koerdische media kampen met censuur.

Coronacrisis als excuus

Onlangs kregen de laatste twee grote oppositiezenders, Fox TV en HalkTV, hoge boetes opgelegd wegens „het aanzetten tot paniek” in hun berichtgeving over de corona-epidemie in Turkije. Anchorman Fatih Portakal van Fox kreeg een tijdelijk uitzendverbod. Ilhan Tasci, de voorzitter van mediawaakhond RTÜK, leek zelfs te dreigen met sluiting van de zenders toen hij zei dat „we indien nodig de strengste maatregelen zullen nemen”.

In deze omstandigheden zijn sociale media voor veel Turken het laatste toevluchtsoord. Maar ook daar neemt de censuur toe. Sinds het begin van de corona-epidemie hebben de autoriteiten 616 verdachten geïdentificeerd die „ongegronde en provocerende berichten” over het virus deelden op sociale media. 229 van hen zijn aangeklaagd wegens „het publiekelijk bedreigen van de gezondheid door angst en paniek te zaaien onder de bevolking”.

Lees ook: Turkse regering trekt omstreden wetten voor sociale media in

De blokkade van Twitter-accounts en websites is makkelijker sinds president Erdogan in 2018 een nieuwe mediawet invoerde. De wet geeft de mediawaakhond RTÜK de bevoegdheid om een breed scala aan nieuws- en entertainmentsites te reguleren, de toegang tot inhoud te verbieden of hele websites te blokkeren. Turkije doet veruit de meeste verzoeken om tweets te verwijderen en Twitter-accounts te blokkeren.

Niet alle verzoeken worden gehonoreerd. Daarom greep Erdogan de coronacrisis aan om sociale media zoals Twitter, Facebook en YouTube verder aan banden te leggen. In het economische steunpakket was wetgeving opgenomen die sociale media met meer dan een miljoen gebruikers zou verplichten een kantoor te openen in Turkije. Dit moest het makkelijker maken om content te verwijderen en toegang te krijgen tot servers.

De voorstellen stuitten echter op felle kritiek van de oppositie en mensenrechtenorganisaties, die vreesden dat de overheid zelfs toegang zou krijgen tot gesprekken op WhatsApp. Uiteindelijk besloot de regering om de maatregelen in te trekken. Hoewel ze voorlopig van tafel zijn, is de oppositie er niet gerust op.