‘Corona is synoniem voor angst’

De impact De supermarkteigenaar had op meer ruimte gehoopt, de uitvaartondernemer is merkbaar opgelucht over de persconferentie.

NRC sprak een maand lang met twaalf mensen die in de frontlinie stonden van de corona-epidemie. Van arts tot ondernemer, van schoolbestuurder tot supermarkthouder. Wat maakten zij mee? Wat waren hun zorgen? Hoe hielden ze de moed erin?

Dinsdagavond keken ze allemaal naar de persconferentie van premier Rutte. In de dagen ervoor vertelden de deelnemers aan deze rubriek waar ze op hoopten. De één wilde een versoepeling van de Covid-19-maatregelen, de ander was daar juist bang voor. Weer een ander zei: ik hoor wel wat de deskundigen ervan vinden.

Misschien wel het meest teleurgesteld is Paul Corbijn, de eigenaar van de Plus-supermarkt in Vrouwenpolder. Hij hoopte op een verruiming van de regels voor campings en vakantiehuisjes, dan hadden Duitsers en Belgen zijn dorp – en dus ook zijn supermarkt – weer weten te vinden. Daarom voelt de boodschap van Rutte als een „strop”. „Begrijpelijk dat het virus moet worden ingedamd”, zegt Corbijn, „maar ik maak mij grote zorgen; dit wordt een financiële ramp.”

Ook voor traumachirurg Lodewijk Poelhekke van Maasziekenhuis Pantein in Boxmeer verliep de persconferentie anders dan gehoopt. „Rutte kondigde vijf punten aan, maar eigenlijk kan wat hij zei tot één punt worden teruggebracht: beperkte vrijheid voor kinderen. Ik had op iets meer ruimte gehoopt, zodat iedereen op z’n eigen terrein naar inventieve, tijdelijke oplossingen had kunnen zoeken.”

„Contact is ook een primaire levensbehoefte.”

Poelhekke is een „nonbeliever” van de anderhalvemetersamenleving, omdat die volgens hem maatschappelijk, sociaal-economisch en emotioneel „onhoudbaar en onwenselijk” is op de lange termijn. Met zijn team zoekt hij naar oplossingen om de reguliere zorg weer op gang te brengen, en dat is volgens hem ondoenlijk met die beperkte vrijheid.

Twee deelnemers aan deze rubriek zijn merkbaar opgelucht dat de maatregelen niet versoepeld zijn: uitvaartondernemer Roland Kramer en regiomanager Armand Lagrouw van de Brabantse zorgorganisatie Surplus. Kramer maakte een autorit ter voorbereiding op een uitvaart en zag wielrenners in groepjes van tien, twaalf fietsen. „Niet normaal”, vindt hij, maar het verbaast hem niet. „Door alle positieve berichten over dalende ziekenhuisopnamen denken mensen: het kan wel weer.”

Lagrouw was bang dat het kabinet familie van verpleeghuisbewoners mondjesmaat zou toelaten. Hij is blij dat dat niet gebeurt, hoe „hartverscheurend” ook de smeekbedes van naasten zijn of hij niet alsjeblieft een uitzondering kan maken. Maar het is te gevaarlijk, vindt hij. „Zoals Rutte zei: voorzichtigheid nu is beter dan spijt achteraf.”

Mensen hebben iets nodig om naar toe te leven, denkt sociaal psycholoog Miriam de Graaff, zeker als veel discipline wordt geëist voor iets waarvan de effectiviteit niet zo duidelijk – want niet zo zichtbaar – is. In die zin is het goed, zegt zij, dat er nu een datum is voor de openstelling van basisscholen en kinderopvang. „Want je ziet dat ouders lakser worden met thuisonderwijs. Zaten hun kinderen de eerste weken stipt om negen uur rijtjes van vier op te dreunen, nu is half tien ook oké. Minder interessante oefeningen worden sneller overgeslagen.”

Sinds de geboorte van zoon Lucas, op 10 maart, heeft De Graaff nog geen kraamvisite gehad. „Misschien gaat Lucas eerder naar de kinderopvang dan dat hij zijn grootouders ontmoet.”

Geen boetes uitdelen

Het thuisonderwijs zal volgens schoolbestuurder Mirjam Leinders niet meteen worden opgedoekt, al was het maar omdat veel leraren bang zijn terug te keren, bijvoorbeeld omdat zij of hun naasten fysiek kwetsbaar zijn: „Natuurlijk gaan we het gesprek met die leraren aan, maar dwingen kun je ze niet. Wie om die reden onderwijs op afstand wil blijven geven, moet daartoe in staat worden gesteld.”

„Ik maak mij grote zorgen; dit wordt een financiële ramp.”

Ook naar ouders die hun kind willen thuishouden vanwege corona, is zij (voorlopig) coulant. „We gaan de GGD vragen goede informatie aan hen te verstrekken, maar zullen geen boetes uitdelen met de leerplicht in de hand.”

Alle deelnemers zetten de schouders eronder. Chef-kok Soenil Bahadoer wil het aantal zitplaatsen in zijn tweesterrenrestaurant halveren, de prijzen verhogen en zijn staf inkrimpen. Daar wordt hij „stil van”, maar hij heeft geen keus, wil hij overleven.

Bloembollenkweker Rob van Haaster zint op „nieuwe bloemcombinaties” met „een andere beleving”. Luc Tanja probeert bij de daklozenopvang een oplossing te vinden voor de vele bankslapers: jongeren zonder vaste verblijfplaats die normaal bij vrienden of familie kunnen overnachten, maar door Covid-19 een dichte deur treffen. „Dat maakt het nog moeilijker voor hen om hun leven op te pakken.”

„Voorzichtigheid nu is beter dan spijt achteraf.”

Monique Bueving van de voedselbank in Groningen broedt op manieren om de behoefte aan contact te bevredigen van cliënten en vrijwilligers die geen voedselpakket meer kunnen afhalen of samenstellen door de coronacrisis. „Contact is ook een primaire levensbehoefte”, zegt ze.

Huisarts Maaike Roovers-Schellekens vertelt dat ze een fysieke „slijtageslag” achter de rug heeft. Twee keer deed ze een coronatest, twee keer testte ze negatief. Het herstel gaat langzaam, maar door alle eenzame uren denkt zij veel na over wat deze ervaring haar als arts leert. „Corona staat synoniem voor angst. Als je het virus hebt, komt die heel dichtbij. Angst geeft benauwdheid. Omdat het om een longvirus gaat, verergeren de klachten. Artsen kunnen met een luisterend oor helpen die angst te reduceren.”

Cybersecurityexpert Mary-Jo de Leeuw is sinds dinsdag van één angst verlost: dat er een corona-app in productie wordt genomen die de privacy van burgers aantast. Omdat ‘open source’ volgens Rutte een eis wordt bij de ontwikkeling van de app, is die voor iedereen transparant. „Ik ben blij dat de techniek niet langer achter de coronahysterie aanloopt”, zegt zij.

Dit is deel 17, voorlopig het laatste deel van deze serie.

Miriam de Graaff (34)

Sociaal psycholoog, woont in Borne (Overijssel).

Monique Bueving (48)

Voorzitter van de voedselbank in de stad Groningen.

Lodewijk Poelhekke (47)

Traumachirurg en voorzitter van de vereniging van medisch specialisten in het Maasziekenhuis Pantein in Boxmeer. Woont in Nijmegen.

Mary-Jo de Leeuw (45)

Cybersecurityexpert, woont in Wassenaar.

Roland Kramer (57)

Uitvaartverzorger in Den Bosch.

Armand Lagrouw (56)

Regiomanager bij Surplus, een organisatie voor verpleging en verzorging in Breda. Woont in Sprang-Capelle.

Maaike Roovers-Schellekens (45)

Huisarts in Sassenheim. Woont in Oegstgeest.

Soenil Bahadoer (52)

Chefkok en eigenaar van het twee sterrenrestaurant De Lindehof in Nuenen.

Paul Corbijn (52)

Eigenaar Plus-supermarkt in Vrouwenpolder.

Mirjam Leinders (52)

Bestuurder stichting Innoord in Amsterdam. Woont in Badhoevedorp.

Luc Tanja (53)

Afdelingsmanager daklozenopvang van het Leger des Heils in Almere. Woont in Amsterdam.

Rob van Haaster (50)

Bloembollenkweker in Vijfhuizen.

Ulfert Molenhuis (72)

Voormalig voorzitter van de voedselbank in de stad Groningen.