Analyse

Bonusophef belemmert redding van Air France-KLM

Air France-KLM Bonussen gaan slecht samen met staatssteun voor Air France-KLM, zo ontdekten Pieter Elbers en Ben Smith deze week. Maar er spelen op de achtergrond nog andere problemen.

Pieter Elbers (links), bestuursvoorzitter van KLM, KLM-stewardess Juliette van der Maas en Ben Smith, bestuursvoorzitter van Air France-KLM, tijdens de presentatie van de jaarcijfers over 2019 in februari.
Pieter Elbers (links), bestuursvoorzitter van KLM, KLM-stewardess Juliette van der Maas en Ben Smith, bestuursvoorzitter van Air France-KLM, tijdens de presentatie van de jaarcijfers over 2019 in februari. Foto Koen van Weel/ANP

De druk werd te groot. Ben Smith, bestuursvoorzitter van Air France-KLM, maakte donderdagmiddag bekend dat hij afziet van zijn bonus voor 2020. In een korte verklaring suggereert Smith dat het schrappen van de bonus deel uitmaakt van zijn eerdere toezegging om een kwart van zijn salaris in te leveren. Tot nu toe leek die toezegging echter vooral te gaan over zijn vaste salaris van negen ton per jaar.

In werkelijkheid is de bonus van Smith onderuit gehaald door politiek ongenoegen. Woensdagavond kwam via NRC naar buiten dat het variabele deel van zijn salaris was aangepast aan de coronacrisis. De hoeveelheid kasgeld aan het einde van dit jaar bepaalde voor 70 procent de omvang van zijn bonus. Het heeft er alle schijn van dat de criteria zijn aangepast, om ervoor te zorgen dat de bonus ook in dit crisisjaar toch kon worden uitgekeerd.

Woordvoerders van politieke partijen spraken hier woensdag schande van tijdens een Kamerdebat over de coronamaatregelen. In plaats van een tekort aan mondkapjes ging het opeens over voorwaarden aan staatssteun. Lodewijk Asscher, fractievoorzitter van de PvdA, vroeg premier Rutte om als aandeelhouder een streep door de bonus te zetten. „Ik ga het even uitzoeken”, was Rutte’s verbouwereerde antwoord.

Doorslaggevend was waarschijnlijk de scherpe afwijzing van minister Wopke Hoekstra (Financiën, CDA). Die liet weten dat hij „bonussen in deze tijd van crisis niet gepast en onverstandig” vindt. Nederland, in het bezit van 14 procent van de aandelen Air France-KLM, zou tegen het bonusvoorstel gaan stemmen op de aandeelhoudersvergadering van eind mei. Bovendien „bemoeilijkt de bonus de gesprekken over het verlenen van steun aan het bedrijf”.

Lees ook over loonoffers van de top in crisistijd

Deemoedige commissaris

Tegelijk met de annulering van de bonus voor Smith maakte KLM bekend dat topman Pieter Elbers dit jaar 20 procent van zijn vaste salaris vanaf 520.000 euro per jaar inlevert. Zijn bonus voor 2020 was al geschrapt, maar afgelopen weekend ontstond ophef over een voorstel voor een toekomstige bonusverhoging. Net als bij de bonus van Smith werd dat voorstel binnen 24 uur na de bekendmaking weer ingetrokken. „Het voorstel tot aanpassing van het toekomstige beloningsbeleid had niet geagendeerd moeten worden.”, zegt president-commissaris Cees 't Hart nu deemoedig.

In beide gevallen, zowel bij Air France-KLM als bij KLM, hebben de commissarissen de bedrijven een slechte dienst bewezen. Ze hebben onderschat hoeveel maatschappelijke en politieke weerstand bonussen opwekken bij bedrijven die op het punt staan om met publiek geld gered te worden.

Je kunt zeggen: we hebben het over miljarden euro’s aan staatssteun om 83.000 banen in Nederland en Frankrijk te behouden, wat doen die paar ton extra salaris voor een topman ertoe? Maar de perceptie dat belastinggeld – publiek geld – een particuliere bonus betaalt, is bij een reddingsactie in Nederland onverkoopbaar. Zeker als er ook banen verdwijnen.

Zonder bonusrellen is een Frans-Nederlandse steunoperatie al complex genoeg. Woensdagavond zei Anne-Marie Couderc, voorzitter van de board of directors (die fungeert als raad van commissarissen) van Air France-KLM, in het Franse parlement dat steun voor Air France dichterbij is dan steun voor KLM. Het gaat volgens de Franse krant La Tribune om garanties voor leningen ter waarde van 10 miljard euro: 8 miljard voor Air France en 2 miljard voor KLM. De Franse staat zou inmiddels bereid zijn om voor 90 procent garant te staan.

In het Nederlandse parlement leeft een breed gedeelde wens om voorwaarden te verbinden aan die steun. In financiële zin gaat het om vier zaken: geen ontslagen, geen bonussen, geen dividend en geen aankoop van eigen aandelen. Daar valt nog flink over te steggelen, bijvoorbeeld over de duur van die voorwaarden. En dan zijn er nog mogelijke eisen ten aanzien van verduurzaming.

Geen zeggenschap

Naast het falen van de commissarissen laat de bonusophef van afgelopen week nog twee andere dingen zien.

Ten eerste: de aankoop van aandelen Air France-KLM, in februari 2019 gekocht voor een bedrag van 744 miljoen euro, heeft Nederland weinig opgeleverd. Bij de huidige, uitzonderlijke beurskoers gaat het om een papieren verlies van 470 miljoen euro. Maar de aankoop was geen investering, zei Hoekstra steeds, het gaat om meer zeggenschap in de holding en waarborgen van KLM-belangen.

De Nederlandse invloed in de top van Air France-KLM is echter nog steeds gering. Als grootaandeelhouder werd Hoekstra overvallen door het bonusvoorstel voor Smith. Op de aandeelhoudersvergadering in mei volgt Dirk Jan van den Berg, voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland, Jaap de Hoop Scheffer op als commissaris namens de Nederlandse staat. Hoekstra wilde een tweede bestuurszetel voor Nederland, maar dat is niet gelukt. Van de 19 leden van het hoogste gremium van Air France-KLM zijn er vijf Nederlands.

Twee: duidelijk is ook dat de Frans-Nederlandse verhoudingen nog steeds niet optimaal zijn. Bruno Le Maire, de Franse collega van Hoekstra, voelde zich vorig jaar overvallen door de aandelenaankoop. De twee ministers moeten nu samen de redding van Air France-KLM organiseren. Daarbij stuiten ze, niet voor het eerst, op een verschil in aanpak en meerdere politieke gevoeligheden.

In Frankrijk vinden ze dat Nederland moet kiezen tussen de belangen van KLM en die van Air France-KLM. Dat de Nederlandse staat aandeelhouder is van KLM (5,9 procent) én van Air France-KLM werkt niet, zei Martin Vial, die in de board of directors de Franse staat vertegenwoordigt, al eerder. „Je kunt niet op twee plekken tegelijk aan de knoppen draaien. Het moet de ene of de andere zijn.”

Het onderscheid dat voorzitter Couderc deze week maakte in de Franse Senaat is veelzeggend. Als Frankrijk en Nederland er niet in slagen om een gezamenlijke reddingsoperatie uit te voeren, is dat een nederlaag voor de twee ministers van Financiën. Maar de grote verliezer zou Air France-KLM zelf zijn.