Waarom België zoveel coronadoden telt

België Belgische virologen vinden de manier waarop zij coronadoden bijhouden de beste. Het land staat daardoor wel bovenaan internationale lijstjes.

Medisch personeel in een ziekenhuisbus voert coronatests uit bij een verpleeghuis in Brussel.
Medisch personeel in een ziekenhuisbus voert coronatests uit bij een verpleeghuis in Brussel. Foto Kenzo Tribouillard/AFP

Het land waar relatief de meeste doden zijn gevallen sinds het begin van de coronacrisis? Niet Italië, waar het virus een ravage aanrichtte. Ook niet de Verenigde Staten, waar in absolute getallen veruit de meeste doden te betreuren zijn. Bovenaan de lijst prijkt België, met inmiddels 525 doden per miljoen inwoners. Zelfs absoluut telt het land nu meer dan zesduizend doden – flink meer dan in Duitsland of Nederland.

De coronacrisis houdt „het kleine Koninkrijk in zijn greep”, schreef het Duitse weekblad Der Spiegel dit weekeinde. In een artikel getiteld ‘Het Belgische coronaraadsel’, halen de auteurs een reeks verklaringen aan. Het doorgangsverkeer in dit centrum van Europa is hoog, net als de bevolkingsdichtheid, en ook de luchtvervuiling kan meespelen. De politiek in het „chronisch onregeerbare” land heeft het virus onderschat, er is te weinig getest en te laat ingegrepen.

Symptomen

Toch verschilt België in dit alles niet zo veel van Nederland, waar de maatregelen later ingingen en zelfs minder streng zijn, maar waar het dodental toch veel lager ligt. Volgens Belgische virologen is de verklaring dan ook een andere: er wordt in België anders geteld. Net als veel andere landen heeft België een gebrek aan tests om te bepalen wie besmet is. In ziekenhuizen wordt iedereen getest, maar daarbuiten is dat lang niet altijd mogelijk. Toch telt het land iedereen die overlijdt met coronasymptomen, óók wie niet getest is, mee. Meer dan de helft van de gemelde doden viel dan ook niet in het ziekenhuis, maar in verzorgingstehuizen. In het overgrote deel daarvan, 96 procent, ging het om vermoede, en dus onbevestigde gevallen.

Het levert een vertekend beeld op, want in de meeste landen worden vermoede gevallen helemaal niet meegerekend. België staat dus vooral „op de eerste plaats qua transparantie”, aldus viroloog Steven Van Gucht van het Nationaal Crisiscentrum deze week. De voorlopige cijfers van oversterfte, het aantal mensen dat overleed in vergelijking met de normale verwachting, lijken te bevestigen dat het land het in werkelijkheid niet slechter doet dan andere landen.

Diplomaten krijgen vragen

Toch ontstaat ook binnen België steeds meer onrust. Diplomaten melden dat ze veel vragen over de cijfers krijgen, en politici zijn bang dat de nuances in het buitenland niet doorkomen. Premier Sophie Wilmès erkende dat de cijfers vermoedelijk een overschatting zijn, en dat het België een communicatieprobleem oplevert. Maar wetenschappers zijn vooralsnog niet van plan om hun manier van tellen aan te passen. Viroloog Van Gucht is er in Het Nieuwsblad duidelijk over: „Van de scheefgetrokken internationale ranking trekken we ons – cru gezegd – best geen fluit aan.” Deze manier van tellen is volgens hem de beste om snel eventuele problemen te signaleren en dan te kunnen bijsturen.