Opinie

Qatar

Marcel van Roosmalen

Ik heb altijd al een hekel gehad aan oliestaten, vooral aan die kleine staatjes waarvan we iedere inwoner multimiljonair hebben gemaakt. Die OPEC-vergaderingen, schimmige bijeenkomsten waar ze bespraken hoe ze de rest van de wereld een poot uit konden draaien. Dit zou een moment van glorie moeten zijn, een lichtpuntje in deze donkere tijd, maar nu de olieprijs is ingestort, geniet ik daar toch minder van dan ik had gedacht. Zo gaat dat dan schijnbaar met historische gebeurtenissen. In 1989 zat ik op mijn studentenkamer ook niet continu live naar de val van de Muur te kijken. Ik had wel wat beters te doen.

Het probleem van de coronatijd is juist het gebrek aan afleiding, het is dat op jezelf teruggeworpen worden wat het zo irritant maakt.

Vanachter een rood-wit lint schreeuwde ik het nieuws uit armoede dan maar naar de groenteboer die ook Marcel heet, maar die antwoordde dat de muskaatdruiven het komende jaar juist duurder zullen worden, waarop een van de dorpelingen vanaf twee meter afstand aankondigde dat elektriciteit ook al niets meer waard is.

„Het waait te hard en de zon schijnt te veel, ik zeg dat al jaren.”

Er zal wel weer geen correspondent zitten, maar kan dan Ronald de Boer niet bij een of andere talkshow als deskundige aanschuiven om de situatie in Qatar te duiden? Eigenlijk vind ik dat hij ‘moet’, hij verscheen tenslotte ook tot vervelens toe ongevraagd in de huiskamer als goodwillambassadeur van alle oliestaatjes en Qatar in het bijzonder. Ja, vervelend misschien voor alle andere voetbalclubs dat de eigenaren van Paris Saint-Germain en Manchester City met hun oliedollars de hele voetbalpiramide omverblazen, maar het voetbal is wel om je vingers bij af te likken! Hij heeft er gevraagd en ongevraagd alles aan gedaan om de misstanden bij de bouw van de stadions voor het komende WK te bagatelliseren en ons ontelbare keren geleerd hoe slim, vriendelijk en schoon - want voor ons is het misschien nieuw, maar de Qatarezen wassen de handen al jaren veertig keer per dag – zijn. Ze hebben met hun oliedollars wel wat neergezet in hun landje, je kunt er zelfs schaatsen op kunstijs, maar nu wil ik hem toch ook graag een keertje horen zeggen dat het ijs daar smelt.

Het liefst bij M. Ik wil de presentatrice heel graag met een zorgelijk gezicht erachteraan horen vragen hoe het toch met al die Nederlanders in de compounds daar is, er is niemand die dat beter kan dan Margriet.

Marcel van Roosmalen schrijft op deze plek een wisselcolumn met Ellen Deckwitz.