Opinie

Een olieprijs onder nul is nog maar het begin

Maarten Schinkel

De huidige economie is net een deeltjesversneller: onder extreme omstandigheden doen zich de meest exotische verschijnselen voor. Woensdag berichtte het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat het consumentenvertrouwen nog nooit zo sterk daalde als in april. Het algemene cijfer van -22, het resultaat van antwoorden op deelvragen over de economie, is nu laag, maar nog geen record. Dat stamt, met -41, uit februari en maart 2013.

Wat nog helpt, is dat mensen positief zijn over het jongste verleden: de economie over de afgelopen twaalf maanden. Maar de koopbereidheid viel van een klif, en kwam terecht op -17. De bereidheid om grote aankopen te doen ging van plus 3 naar -38. Het oordeel van consumenten over de economie in de komende twaalf maanden was nog nooit zo laag: -69. Het vorige record, -55 komt uit februari 1991.

Het zou opmerkelijk zijn als dit de huizenmarkt niet raakte. Dat kost enige tijd. De woningprijzen stegen in maart nog met 7 procent op jaarbasis. Maar de bron voor dit getal, de inschrijving bij het kadaster, komt pas geruime tijd na de gesloten koopovereenkomst beschikbaar. Huizenprijzen reageren traag. Kijk maar naar de kredietcrisis, toen er ruim een jaar overheen ging voordat de woningmarkt begon te zakken.

Lees ook: Waarom de olieprijs geen bodem lijkt te kennen

Meer nieuws uit de deeltjesversneller: de negatieve olieprijs in de Verenigde Staten van maandagavond, waar een vat West Texas Intermediate (WTI) op het dieptepunt wegging voor tegen de -40 dollar. Termijnhandel is leuk, maar er moet wél worden verkocht voordat het contract afloopt. Niemand heeft zin in tienduizenden liters daadwerkelijke vaten olie op zijn oprijlaan. Dat liep maandag spaak. In een wanhopige zoektocht naar opslag werd er, vlak voor het aflopen van de contracten, betaald om het spul kwijt te raken. De blije afnemers: slimme handelaren die de schaarse opslag wel voor elkaar hadden.

Die opslag is schaars, omdat de vraag naar olie wereldwijd met 35 procent is gekelderd. Pijpleidingen zitten vol. Mammoettankers ook. En omdat de Amerikaanse productie en opslag op het land plaatsvindt, kon de overtollige olie daar geen kant op. Gevreesd wordt inmiddels voor soortgelijke toestanden als over een maand de volgende serie termijncontracten afloopt.

De coronacrisis is zo extreem dat wereldwijd ongebruikelijke verschijnselen plaatsvinden. Een verwacht Amerikaans begrotingstekort van 15 procent, om maar wat te noemen. Een Italiaanse staatsschuld van 155 procent. Maar we vergeten inmiddels misschien dat de extreme situatie niet alleen door het virus komt. Hij was er al lang.

Negatieve rentes zijn er al een jaar of zes. De Europese Centrale Bank was de eerste die ze doorvoerde. Centrale banken zijn al elf jaar bezig met het opkopen van staatsleningen - hier was de primeur voor de Amerikaanse Federal Reserve. Ook zo’n opmerkelijk verschijnsel: het breken van het verband tussen inflatie en werkloosheid, dat lang een ijzeren wet was. Juist nu het verband voorzichtig leek terug te keren en de lonen begonnen te stijgen, sloeg het virus toe.

Al het bovenstaande wijst erop dat de economie, vooral in het Westen, twaalf jaar na de kredietcrisis nog steeds niet goed liep. Ja, er was een langdurige periode van ononderbroken expansie. Maar zonder kunst- en vliegwerk ging dat nog steeds niet. De VS liepen door stimulering en lastenverlichting een begrotingstekort op van 6 procent nog voordat het virus toesloeg. Nog afgelopen najaar herstartte de ECB zijn opkoopprogramma van staatsleningen. Het onderstreept hoe kwetsbaar we de coronacrisis al ingingen. En hoe precair de situatie nu is. Wat het wordt, geen idee, maar het volgende exotische verschijnsel is vlak om de hoek.

Maarten Schinkel schrijft over economie en financiële markten.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.