Recensie

Recensie Media

Aan tafel met Gemmeker, kampcommandant van Westerbork

Tweede Wereldoorlog In de kortfilm ‘Gemmeker’ van Videoland wordt de kampcommandant van Westerbork geconfronteerd met een van zijn slachtoffers. Zijn charmes en leugens, die hem van de galg redden, slaan hier dood.

De cast van de kortfilm ‘Gemmeker’: Jacob Derwig (overlevende Mauritz Frankenhuis), Eelco Smits (rechercheur Jan Schoenmaker), Michael Epp (kampcommandant Albert Gemmeker)

De cast van de kortfilm ‘Gemmeker’: Jacob Derwig (overlevende Mauritz Frankenhuis), Eelco Smits (rechercheur Jan Schoenmaker), Michael Epp (kampcommandant Albert Gemmeker)

Videoland

Een keurige, knappe heer die een modelkamp leidde. Zo wist Albert Gemmeker (1907-1982), kampcommandant van Westerbork, zichzelf met succes te verkopen na de Tweede Wereldoorlog. Terwijl andere nazileiders werden opgehangen, kwam Gemmeker al na zes jaar vrij. Hierna heeft hij nog 31 jaar lang in vrijheid geleefd als sigarenboer in zijn geboorteplaats Düsseldorf.

Videoland kiest voor zijn eerste eigen film, Gemmeker, een onderwerp dat niet erg aansluit bij de programmering waarop de RTL-videodienst drijft, als Temptation Island, Mocro Maffia, GTST. De kortfilm van Robert Schinkel gaat over de Shoah, in een sobere uitvoering: drie spelers zitten aan een tafel te praten in een grauwe, lege ruimte. Veel nieuwe abonnees zal Videoland hiermee niet krijgen, maar wel veel waardering.

In afwachting van zijn proces krijgt Gemmeker in de gevangenis van Assen bezoek van een onbekende man die niet blijkt te werken voor het OM of de politie. Deze man vuurt een lijst vragen op hem af. In een klein half uur ontrolt zich het hele drama van Westerbork. Zijn mysterieuze aanklager beschuldigt de SS’er ervan verantwoordelijk te zijn voor de deportatie van tachtigduizend Joden, Roma en Sinti naar een vrijwel zekere dood in het Oosten. Gemmeker zegt dat hij van dat laatste niets wist. Dat hij juist zijn best deed om een net kamp te leiden, met goed eten, goede zorg, werk, sport en cabaret.

De aanklager wijst hem erop dat alleen al het in veewagens proppen van zoveel mensen, inclusief baby’s en zieken, met nauwelijks eten of drinken, een misdaad op zich is. Bovendien illustreert hij mooi waarom Westerbork niet alleen een voorportaal van de hel was, maar ook een hel op zich. Hij legt twee potloden op tafel. Dat zijn twee transporten. Hij wijst op de ruimte tussen de potloden en zegt: „Het ergste is de tijd tussen dit transport en dat erna. Die tijd. De tijd dat je in doodsangst verkeert, niet meer weet wanneer je gaat, alleen dát je gaat.”

Jacob Derwig speelt een fantastische rol als de aanklager, die zich duidelijk heeft voorgenomen om kalm en vormelijk te blijven, maar die toch een paar keer fel uithaalt. Net onder de kalmte liggen het verdriet en de woede. De rol van Gemmeker is ook een fantastische prestatie, van de Duits-Britse acteur Michael Epp. Knap, rijzig, martiaal. Zo lang mogelijk probeert hij een façade op te houden van meewerkende vriendelijkheid. Maar zijn glimlachjes en toenaderingspogingen komen hier niet aan. Dus ook hij valt uit zijn rol en haalt flink uit. Verontwaardigd wijst hij de aanklager er op hoe mooi het leven in Westerbork was, dankzij hem, en dat hij toch ook maar deed wat hem werd verteld.

Lees ook over de biografie van Gemmeker: Ad van Liempt ontmaskert ‘de kille leugenaar’ van Westerbork

Extra boeiend aan de film is dat de confrontatie tussen dader en slachtoffer is gebaseerd op een historische gebeurtenis. In 1948 verscheen het boekje Westerbork en een vraaggesprek met zijn Commandant Gemmecke in 1948 . Hierin beschrijft textielhandelaar en Shoah-overlevende Mauritz Frankenhuis (1894-1969) zijn ontmoeting met Gemmeker in de gevangenis van Assen. Dat was geen officieel verhoor, maar een persoonlijk initiatief. Als ex-gevangene van Westerbork werd hem toegestaan om de oud-commandant zeventig vragen te stellen. Zelfs het uitbeelden van de transporten met twee potloden is echt gebeurd.

De film eindigt indrukwekkend, met de zeldzame echte beelden van een deportatie in Westerbork, uit de onvoltooide film die Gemmeker in 1944 liet maken door kampfotograaf Rudolf Breslauer (1903-1945). Niet veel later zette hij Breslauer op transport. Voor de gelegenheid zijn Breslauers beelden opgeknapt en ingekleurd, wat alles nog dichterbij brengt. In een documentaire zou zo’n ingreep ongeoorloofde kitsch zijn, hier is het op zijn plaats.

Frankenhuis verhuisde in 1948 met zijn gezin naar New York. Hij was verzamelaar – in Westerbork en Theresienstadt was hij al begonnen met het bijhouden van een geheim dagboek en het verzamelen van bewijsstukken in een koffer. Na de oorlog verzamelde hij nog veel meer Shoah-memorabilia, die hij aan musea schonk. Je vraagt je af: hoe vaak zal hij daar in New York nog aan die sigarenboer in Düsseldorf hebben gedacht?