Waarom de olieprijs geen bodem lijkt te kennen

Vijf vragen over de Amerikaanse olieprijs Door een extreme uitval van de wereldwijde vraag is de oliemarkt volledig ontwricht. Hoe kon het zover komen? En merk je er aan de Nederlandse pomp iets van?

De gevolgen van de prijsval kunnen voor Amerikaanse oliewinningsbedrijven dramatisch zijn.
De gevolgen van de prijsval kunnen voor Amerikaanse oliewinningsbedrijven dramatisch zijn. Foto EPA

Het leek onmogelijk, maar het gebeurde toch: de Amerikaanse olieprijs raakte maandagavond in een vrije val waarbij de bodem pas bereikt werd op 40 dollar negatief. De overschotten op de Amerikaanse markt waren zo groot dat bij aanbieders de paniek toesloeg toen dreigde dat ze hun olie niet meer konden afzetten.

Dinsdag kroop de prijs dichter naar de nullijn, maar nog altijd kregen kopers dollars toe voor elk vat dat ze afnamen, iets wat in de geschiedenis van de oliehandel niet eerder voorkwam. Ook Brentolie, de wereldwijd belangrijkste olieprijs, bleek niet langer bestand tegen de neerwaartse druk. Die stond voor het weekeinde nog op 28 dollar, maar zakte dinsdag even onder 20 dollar per vat – voor de coronacrisis gebeurde dat voor het laatst in 2002.

1Hoe kon de Amerikaanse olieprijs ineens zo wegzakken?

De WTI-prijs (West Texas Intermediate) kon zo dramatisch neerstorten door de coronacrisis. Die heeft de mondiale oliemarkt uit het lood geslagen door een extreme uitval van de wereldwijde olievraag. Daarnaast waren er echter ook ontwikkelingen die juist maandag in de Verenigde Staten de angst aanwakkerden.

Mondiaal is het overaanbod aan olie kolossaal. De wereldwijde vraag naar olie ligt in april 29 miljoen vaten per dag lager dan de 100 miljoen vaten die voor de crisis dagelijks verbruikt werden. Het wegvallen van het vlieg- en het wegverkeer zijn de belangrijkste oorzaken. Het in het paasweekeinde onder druk van de VS gesloten akkoord tussen het oliekartel OPEC en Rusland, over een productieverlaging met 9,7 miljoen vaten, heeft die onbalans niet hersteld.

Maar juist in de VS werd maandag de situatie nijpend. In normale tijden volgt de Amerikaanse olieprijs trouw ‘de’ olieprijs (die van Brentolie ), waarbij de WTI het afgelopen jaar zo’n 4 dollar per vat goedkoper was dan Brent. Maandagavond liep het prijsverschil op naar 60 dollar per vat.

Dinsdag liepen voor de WTI de maandelijkse termijncontracten af waarmee partijen doorgaans olie inkopen. Partijen die olie in mei geleverd zouden krijgen, hadden er geen bestemming voor en zetten hun contract massaal om naar juni. Vanwege alle grote overschotten bleef er haast niemand over die nog WTI wilde afnemen. Voor WTI wordt dat sneller nijpend dan voor Brent, omdat er minder mogelijkheden zijn om olie in te schepen in grote olietankers bij wijze van dobberende opslag. De grootste, centrale Amerikaanse olieopslag raakte de afgelopen weken in een hoog tempo voller.

Hoelang het zou duren voor de tanks daar zouden overstromen, was niet helder. Soms zijn olie-opslagen niet fysiek vol, maar al wel gereserveerd door marktpartijen. Toen maandag aan het eind van de middag (Nederlandse tijd) de belangrijkste handelsvloer CME voor Amerikaanse olie aankondigde dat negatieve prijzen technisch gezien een optie waren, was het hek van de dam.

Al snel na de nieuwe OPEC-afspraken heerste er scepsis over de maatregelen. Toen al leken ze onvoldoende voor een prijsherstel

2 Wat betekent deze situatie voor de wereldoliemarkt?

De wereldmarkt is verre van veilig. Brentolie stond dinsdagmiddag 8 procent lager en werd rond de 20 dollar per vat verhandeld. Dat is een prijs waarbij geen van de grote olieproducenten zijn financiën op orde kan houden. Enerzijds legt dat feit een bodem onder de prijs, want haast niemand heeft er belang bij dat ook ‘de’ olieprijs negatief wordt. Ook kan Brentolie gemakkelijker dan Amerikaanse olie worden verscheept naar regio’s in de wereld waar nog wel vraag is.

Anderzijds is er geen zicht op snel herstel. Het Internationaal Energieagentschap voorziet voor mei een bijna even grote vraaguitval als nu, van 26 miljoen vaten per dag. Het Noorse analysebureau Rystad schreef dinsdag dat Brent „niet immuun is voor de mogelijkheid van negatieve prijzen”.

Wel gaat binnenkort de productieverlaging in die Rusland en oliekartel OPEC hebben afgesproken. Gunstig is dat die afspraken lopen tot 2022, maar op korte termijn kan die ingreep vraag en aanbod zeker niet in balans brengen. „Deze landen hebben de reputatie dat nog maar valt te bezien wat er echt gebeurt”, aldus energie-econoom Hans van Cleef van ABN Amro.

3Hebben de olieproducenten Saoedi-Arabië en Rusland hun zin nu de Amerikaanse olieprijs op een dieptepunt ligt?

Vier dagen kostte het de OPEC om rond het paasweekeinde met Rusland afspraken te maken. De afspraak was om gezamenlijk bijna 10 miljoen vaten per dag minder te gaan produceren. Dat kwam gemiddeld neer op een daling van zo’n 20 procent. De vraag of deze afspraken hebben geholpen komt te vroeg, want tijdens de videoconferentie kwam men overeen dat pas vanaf 1 mei de oliekraan iets zou worden dichtgedraaid.

Naast een beperkte productiedaling hadden Rusland en Saoedi-Arabië eerder deze maand nog een gezamenlijk doel: de productie van Amerikaanse schalie-olie substantieel verminderen. In veel Amerikaanse staten is het nu eenmaal verboden om productieafspraken te maken.

„Na de mislukte OPEC-conferentie in maart kon je uit de marktgegevens zien dat staatsbedrijf Saudi Aramco heel veel olie naar de Verenigde Staten is gaan transporteren. Daar is sprake van een kleine armada aan tankers die nu arriveert aan de kust”, zegt olie-expert Jilles van den Beukel.

Die lagere olieprijs doet ook Rusland en Saoedi-Arabië pijn, maar als veel Amerikaanse bedrijven in problemen raken, groeit hun marktaandeel. Producenten van schalie-olie beginnen pas bij een olieprijs van 50 dollar per vat geld te verdienen. De Texaanse olieproducent Pioneer Natural Resources voorspelde na de OPEC-deal al dat bij een prijs van 35 dollar de Amerikaanse productie, als gevolg van faillissementen, met een kwart (3 miljoen vaten) zou gaan dalen.

De met schulden overladen olie- en gassector van Texas verwachtte al veel faillissementen. En nu lijkt de klap nog veel groter te worden

4 Hoe makkelijk is het om de olieproductie te stoppen?

De vraag (circa 70 miljoen vaten per dag) en de productie (100 miljoen) lopen op dit moment heel erg uiteen. Wat de vraag betreft, is niet te voorzien of de coronacrisis de scherpe kanten verliest. Dus moet de productie omlaag, zeker nu de terminals wereldwijd beginnen vol te lopen.

Volgens Van den Beukel hebben de Saoediërs en de Amerikanen het relatief gemakkelijk. „De vraag is vooral hoeveel moeite het kost om weer op te starten. In het algemeen is dat bij lichte olie, zoals van Saudi Aramco en de Amerikaanse schalie-olie, het minste probleem.”

Lastiger is dat voor de Canadezen, die veel zware olie winnen uit teerzand. „Daar wordt een heel reservoir verwarmd met stoom en als je dan een paar maanden stopt, wordt de olie hard”, zegt Van den Beukel. Bij een deel van de Russische oliewinning zijn er ook relatief grote problemen om de productie weer op te starten.

5 Gaat de consument hier iets van merken aan de pomp?

Ondanks de negatieve prijzen voor WTI verandert er voor de Nederlandse benzineconsument niet zoveel. De prijs van een liter benzine is de afgelopen vier weken al met meer dan 10 procent gedaald en daar lijkt niet snel veel verandering in te komen. De basis van de benzineprijs wordt gelegd door het ministerie van Financiën. Aan accijns en btw wordt er per liter 110 cent in rekening gebracht, en daar verandert de olieprijs niet veel aan.