Plezier spat van scherm in ‘Bringing Up Baby’: de vijf grappigste films volgens André Waardenburg

4×5 topkomedies Wat zijn de allerleukste komedies ooit gemaakt? Vier NRC-recensenten kozen hun eigen top-5. Van Buster Keaton tot de Farrelly-broers. De keuze van André Waardenburg.

Cary Grant en Katharine Hepburn in ‘Bringing Up Baby’.
Cary Grant en Katharine Hepburn in ‘Bringing Up Baby’. Foto AP
  1. Bringing Up Baby

    Howard Hawks, 1938

    Mijn favoriete komische subgenre is de ‘screwball comedy’, die zijn hoogtijdagen beleefde in de jaren 30 en 40. Deze krankzinnige komedies zitten vol excentrieke personages en snedige dialogen. De strijd der seksen wordt er met veel verbaal vuurwerk gevoerd. Een van de beste is Bringing Up Baby uit 1938, met topacteurs Cary Grant en Katharine Hepburn. De grappen zijn niet bij te benen en het aantal absurde situaties niet te turven. Het plezier spat van het scherm.

  2. The Big Lebowski

    Joel en Ethan Coen, 1998

    Toen deze film in 1998 uitkwam, ben ik er twee keer in dezelfde week heengegaan – wat zelden gebeurt. Elke keer als hij op tv komt neem ik mij voor eventjes te kijken, maar het wordt altijd langer. De strapatsen van Jeff – The Dude – Lebowski en zijn bowlingmakkers Donny en Walter zijn hilarisch. Maar The Big Lebowski heeft ook iets te vertellen. „What makes a man?”, vraagt de verteller zich af. De film is het antwoord: The Dude laat niet over zich heen lopen als hem onrecht wordt aangedaan.

  3. Sullivan’s Travels

    Preston Sturges, 1941

    Tussen 1939 en 1944 maakte de inmiddels wat vergeten Preston Sturges acht films voor filmstudio Paramount, bijna allemaal meesterwerken, In Sullivan’s Travels wil een Hollywoodregisseur geen komedies meer maken, maar het drama ‘O Brother, Where Art Thou?’ – een titel die in 2000 werd gebruikt door de gebroeders Coen als hommage aan Sturges. Verkleed als zwerver gaat hij op pad om research te doen. In de ontroerende climax komt hij erachter dat er niets gaat boven lachen.

  4. Les vacances de M. Hulot

    Jacques Tati, 1953

    Eerste film waarin Tati’s creatie Monsieur Hulot opduikt, een wat zonderlinge figuur in verfomfaaide regenjas. In Les vacances de M. Hulot gaat hij op vakantie naar een plaatsje aan zee. Zonder het door te hebben zet hij de boel op stelten. Tati’s komedie is een aaneenschakeling van slapstick-achtige kolder en subtiele geluidsgrapjes. De scène waarin zijn opgeblazen reservebinnenband, waar herfstbladeren aan plakken, abusievelijk voor rouwkrans wordt aangezien, is geniaal bedacht en uitgevoerd.

  5. The General

    Buster Keaton en Clyde Bruckman, 1926

    Van alle komieken uit het tijdperk van de zwijgende film – Charles Chaplin, Harold Lloyd, Laurel & Hardy – houd ik het meest van Buster Keaton. Keaton is nog altijd fris. Naast zijn geestige gezicht – bij alle rampen die hem overkomen blijft hij uiterlijk onbewogen – en de gevaarlijke stunts die hij zelf uitvoerde valt op dat veel grappen visueel zijn. Zo bevat zijn meesterwerk The General inventieve beeldgrappen en rustig opgebouwde ‘gags’ met een altijd perfect getimede ‘pay-off’ aan het eind.