‘Mon oncle’: vreemde, veranderende wereld: de grappigste films volgens Dana Linssen

4×5 topkomedies Wat zijn de allerleukste komedies ooit gemaakt? Vier NRC-recensenten kozen hun eigen top-5. Van Buster Keaton tot de Farrelly-broers. De keuze van Dana Linssen.

Jacques Tati in ‘Mon oncle’.
Jacques Tati in ‘Mon oncle’. Foto Filmmuseum
  1. Mon oncle

    Jacques Tati, 1958

    Alles is vreemd in de wereld van Mon oncle. Alles stuitert of breekt, alles piept en knarst. Alle alledaagse gebruiksvoorwerpen in de moderne wereld die Jacques Tati in 1958 voor zich zag, functioneren net een beetje anders dan in het vroeger van zijn held, hoofdpersoon en alter-ego Mr. Hulot. Vervreemding in een wereld vol veranderde spelregels.

  2. You, The Living

    Roy Andersson, 2007

    In zo’n vijftig gefixeerde tableaus varieert regisseur Roy Andersson met eindeloze precisie op de troosteloosheid van het bestaan. Is het grappig? Bijna niet meer. You, The Living is eerder een droogkomisch vagevuur, een apocalyptische tussenwereld waarin de hoofdpersonen zich allemaal vlak voordat de barman de laatste ronde omroept nog even afvragen of het leven wel zin heeft. En zo niet, ach, morgen is er weer een dag.

  3. Sherlock Jr.

    Buster Keaton, 1924

    De filmgeschiedenis bestond nog maar net, maar Buster Keaton maakte met Sherlock Jr. een van de eerste metafilms, waarin hij als doezelende filmoperateur een film binnenwandelt, een misdaad oplost en het meisje van zijn dromen vindt. Het perfecte voorbeeld van hoe montage ook een slapstickeffect kan hebben: Keaton struikelt van het ene landschap, of de ene locatie een andere binnen.

  4. The Philadelphia Story

    George Cukor, 1940

    Niet alleen The Philadelphia Story maar eigenlijk alle ‘screwball comedies’ uit de jaren 40 zijn favoriet. Een spervuur van verbale grappen en misverstanden, onverholen seksuele toespelingen, een omdraaiing van man-vrouw-rolpatronen, en dat dan ook nog eens netjes binnen de censuurregels van het preutse Hollywood van die dagen: een gescheiden koppel flirt er rustig op los onder het toeziend oog van een roddeljournalist (Katharine Hepburn met bijna-dubbelgangers Cary Grant en James Stewart), als het stel aan het einde maar weer bij elkaar komt.

  5. The Heartbreak Kid

    Elaine May, 1972

    Elaine May is een van de weinige vrouwelijke comédiennes die in het traditionele Hollywood wist door te breken, als actrice, maar ook als regisseur. Nog veel te miskend, tijd voor rehabilitatie! Met The Heartbreak Kid borduurde May (die met regisseur Mike Nichols in de jaren vijftig furore maakte met hun eigen voorloper van stand-upcomedy) voort op de screwball comedy, maar met iets meer zwarte humor en zonder het noodzakelijke happy end na alle seksuele escapades van de hoofdpersonen (Charles Grodin en Cybill Shepherd). In 2007 kwam er een remake met Ben Stiller en Michelle Monaghan.