Minder executies, maar niet minder zorgen

Doodstraf in 2019 Hoewel cijfers geheim worden gehouden, daalde het aantal executies. China loopt voorop, gevolgd door Iran, Saoedi-Arabië en Irak.

Ondanks een substantiële toename in het Midden-Oosten was er in 2019 sprake van een lichte daling in het aantal voltrokken doodstraffen in de wereld. Dat meldt Amnesty International deze dinsdag in zijn jaarlijkse overzicht. De organisatie houdt echter een flinke slag om de arm omdat onbekend is hoeveel duizenden mensen in 2019 zijn geëxecuteerd in China. Dit land maakt gretiger van dit middel gebruik dan welke staat ook. Voor landen als Syrië, Noord-Korea en Vietnam geldt dit voorbehoud ook, al gaat het daar om lagere aantallen.

Lees ook: ’31 mensen in Burkina Faso buitengerechtelijk geëxecuteerd’

Eenzelfde neerwaartse trend deed zich voor bij het aantal nieuwe doodvonnissen. Dit daalde van 2.531 tot 2.307. Voor zover Amnesty kan nagaan, werden er in 2019 – China buiten beschouwing gelaten – 657 mensen terechtgesteld. Dat waren er 5 procent minder dan de 690 van 2018. Al sinds 2015 vertoont het aantal executies een dalende trend, al blijft het lastig exacte cijfers te achterhalen. In landen als China, maar ook in Vietnam en Wit-Rusland zijn zulke cijfers staatsgeheim. Voor wat betreft China, waar duizenden executies worden vermoed, toont Amnesty zich vooral bezorgd over de vervolgde Oeigoerse minderheid. Sommige Oeigoerse leiders zijn spoorloos. Van de executies buiten China vindt het grootste deel plaats in het Midden-Oosten, waar de terechtstellingen met 16 procent stegen. Bovenaan de lijst staat Iran, dat 251 mensen ter dood bracht. Dat waren er twee minder dan in 2018. Het merendeel betrof mensen die schuldig waren bevonden aan moord, maar er bevonden zich ook twee politieke gevangenen onder hen. De laatsten behoorden tot de Ahvazi-minderheid in het zuidwesten van Iran en werden verdacht van betrokkenheid bij een aanslag in 2015. Na martelingen werden ze schuldig bevonden aan lidmaatschap van een gewapende groep, ook al werd daarvoor verder geen bewijs geleverd. Ook stelde Iran in strijd met internationale rechtsnormen verdachten terecht die ten tijde van hun misdrijf minderjarig waren.

Harde opstelling kroonprins

Aartsrivaal Saoedi-Arabië zag juist een toename: 184 executies tegen 149 in 2018. Ook in dit opzicht vertoont het land onder leiding van kroonprins Mohammed bin Salman eerder een hardere dan een toegeeflijker opstelling. Veel verdachten werden in het geheim veroordeeld, zonder bijstand van advocaten en niet zelden na marteling. Van de terechtgestelden hadden er 88 de Saoedische nationaliteit, de rest waren buitenlanders, onder wie 35 Pakistanen en 20 Jemenieten. Op 23 april vorig jaar stelden de Saoediërs 32 sjiieten uit het oosten van het land terecht, van wie er elf schuldig waren bevonden aan spionage voor Iran en anderen omdat ze het sjiitische geloof hadden verspreid.

In Irak werden honderd mensen terechtgesteld, bijna twee keer zoveel als de 52 executies van 2018. Deels ging het om mensen die voor Islamitische Staat actief waren geweest en die na tamelijk gehaaste processen ter dood waren veroordeeld.

Onder de westerse landen bleven de Verenigde Staten het vaakst de doodstraf voltrekken: 22 in 2019, waarvan 9 in Texas. Desalniettemin het laagste aantal in 28 jaar.