Hoe solistisch Amsterdam het AEB maar niet kwijtraakt

Afstoten afvalenergiebedrijf Amsterdam

Amsterdam probeert al bijna een jaar de noodlijdende vuilverbrander AEB te verkopen. Solistisch optreden en wensdenken in de Stopera stonden deals steeds weer in de weg. Een reconstructie.

Illustratie Pepijn Barnard

Udo Kock vraagt de aandacht. „Collega’s, er zijn nieuwe ontwikkelingen. Een private partij heeft serieuze interesse om AEB over te nemen.”

Aan tafel daalt een verbaasde stilte neer. Het is maandag 2 september 2019, het Amsterdamse college van burgemeester en wethouders houdt zijn traditionele heidagen aan het begin van het politieke jaar. Ze hebben een deftige locatie gekozen voor hun retraite: landgoed Duin & Kruidberg in Santpoort.

Het is geen normale zomer geweest. Twee wethouders – Kock (Deelnemingen, D66) en Marieke van Doorninck (Duurzaamheid, GroenLinks) – hebben zich samen met hun ambtenaren in het zweet gewerkt om afvalenergiebedrijf AEB overeind te houden.

Installaties onveilig

Aan het begin van de zomer is de vuilverbrander, die voor 100 procent eigendom is van de gemeente, in acute geldnood geraakt nadat de directie vier van de zes verbrandingsovens heeft gesloten. Het is een ongekend zware maar noodzakelijke ingreep. De installaties bleken zo slecht onderhouden dat ze niet veilig meer zijn.

De twee wethouders hebben een duidelijke rolverdeling: Van Doorninck houdt zich bezig met de landelijke afvalcrisis die ontstaan is door het stilvallen van AEB, de grootste vuilverbrander van Nederland. Kock richt zich op de financiële tekorten, het opschonen van de directie en de raad van commissarissen – en het zoeken naar een koper. Die heeft hij gevonden: sloop- en recyclingbedrijf Beelen uit Harderwijk. Net als Kock met zijn collega-wethouders in Santpoort om tafel zit, komt het nieuws door: de deal is praktisch rond.

Kock en zijn ambtenaren schetsen de contouren van de afspraken die zijn gemaakt. De handtekening van Beelen en de AEB-directie staat er al onder. Kock is zeer in zijn nopjes met het resultaat. Maar de andere wethouders kijken verbaasd, en zelfs een beetje geschrokken. Verregaande afspraken met een koper? Zo snel?

De volgende ochtend, dag twee van de retraite, neemt een hoge ambtenaar het woord: „We hebben ook contact met een andere gegadigde.”

Nu is het Kocks beurt om verbaasd te zijn. „Een andere gegadigde? Wie dan?”

Acuut gebrek aan capaciteit

Crisismanagement – daar is het Amsterdamse stadsbestuur de hele zomer van 2019 mee bezig. De sluiting van de ovens bij AEB heeft geleid tot een acuut gebrek aan verbrandingscapaciteit, dat overal in het land voor problemen zorgt. Afval en rioolslib worden noodgedwongen gedumpt op stortplaatsen, in Amsterdam dreigen Napolitaanse toestanden met vuilnis op straat. Bovendien hangt de gemeente een reusachtige financiële strop boven het hoofd: als AEB failliet gaat, verliest Amsterdam – schuldeiser, eigenaar én opdrachtgever van het afvalbedrijf – honderden miljoenen euro’s.

Een echte catastrofe wordt die zomer ternauwernood afgewend. Samen met een aantal banken houdt de gemeente AEB overeind door in totaal 80 miljoen euro aan noodkredieten beschikbaar te stellen. Andere vuilverbranders in het land springen bij, zodat het afval zich niet ophoopt langs de Amsterdamse straten.

Maar de definitieve redding blijft óók uit: Amsterdam vindt geen koper voor AEB. Ondanks ruime belangstelling is de gemeente bijna een jaar na het begin van de crisis nog steeds volledig eigenaar van een afvalbedrijf dat miljoenen aan gemeenschapsgeld verbrandt.

Eigengereide bestuurders

Het fiasco met de verkoop is voor een belangrijk deel te wijten aan meningsverschillen, eigengereidheid en wensdenken binnen het stadsbestuur, blijkt uit gesprekken met betrokkenen en documenten die NRC verkreeg met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob).

De wethouders Kock en Van Doorninck werkten langs elkaar heen. Een hoge ambtenaar ging achter een deal aan zonder zijn politieke baas daarvan op de hoogte te stellen. En de verhoudingen met de AEB-directie raakten flink verstoord.

Voormalig IMF-econoom Udo Kock geldt als het rechtse buitenbeentje van de linkse coalitie (GroenLinks-D66-PvdA-SP) die Amsterdam bestuurt. Als wethouder Financiën, sinds 2014, heeft hij een machtige positie.

Al vrij snel nadat de crisis bij AEB is losgebarsten, weet Kock wat hij wil met het bedrijf: zo snel mogelijk privatiseren. Alleen een particuliere onderneming kan in zijn ogen orde op zaken stellen bij de verzelfstandigde gemeentelijke dienst. AEB kampt met achterstallig onderhoud, een gebrekkige veiligheidscultuur en wantrouwen tussen management en personeel.

Bij zo’n verkoop zal Amsterdam een verlies moeten nemen van honderden miljoenen: in de huidige toestand zal een koper weinig over hebben voor AEB. Maar alles is beter dan voort blijven modderen op de huidige weg, gelooft Kock. Op termijn zal het een zegen blijken dat de gemeente is verlost van AEB, dat ook vóór het stilleggen van de afvalovens al in financiële nood verkeerde. Waarom moet afvalverwerking per se in handen zijn van de overheid?

Lees ook: Van wensdenken word je niet warm, merken ze in Rotterdam en Amsterdam

Kock peilt mogelijke kopers

Kock vraagt de adviseurs van KPMG om de belangstelling te peilen in de markt. Er komen negen reacties, maar een veilingtraject duurt lang en het resultaat is onzeker. Zoveel tijd heeft de gemeente niet, vindt Kock.

Begin augustus doet zich een kans voor. Sloop- en recyclingbedrijf Beelen uit Harderwijk raakt in gesprek met Kocks ambtenaren: er is interesse om AEB over te nemen. Beelen doet al jaren zaken met de gemeente en heeft ook de helpende hand toegestoken in de afvalcrisis: het bedrijf slaat op dat moment overtollig Amsterdams zuiveringsslib op bij zijn vestiging in Terneuzen, in Zeeuws-Vlaanderen.

Eigenaar Wim Beelen geldt in de afvalsector als opportunistisch en zeer ambitieus. In 1999 begon hij een sloopbedrijf dat hij razendsnel uitbouwde tot het grootste in zijn branche. Vervolgens legde Beelen zich toe op recycling en afvalinzameling. Met vuilverbranding – de kernactiviteit van AEB – heeft het concern geen ervaring, maar dat ziet Beelen niet als een probleem.

Kock voelt veel voor Beelen als koper. Dit is het type ondernemer dat orde op zaken kan stellen bij AEB, denkt hij. Op 20 augustus geeft hij zijn ambtenaren en de net op zijn voorspraak aangetreden AEB-directeur Koos de Vink toestemming om serieus te gaan onderhandelen met Beelen.

Twee dagen later ploft er een brief op de mat bij Kock, waarin Wim Beelen duidelijke voorwaarden stelt voor een overname van AEB. Hij wil een meerderheidsaandeel hebben, zodat zijn bedrijf volledig de baas wordt. Er is „een daadkrachtige leiding vereist, een die slagvaardig besluiten kan maken zonder complexe overlegstructuren”, schrijft Beelen.

Kock licht alleen Van Doorninck in over de mogelijke koper. Na een week vertelt hij zijn collega dat er gesprekken zijn met een „groot Nederlands bedrijf” waarmee de gemeente Amsterdam al zaken doet. De naam van het bedrijf noemt hij niet.

Daarna gaat het snel. Op vrijdag 1 september ligt er een principeakkoord met Beelen. Het bedrijf belooft 67 miljoen euro in AEB te steken in ruil voor tweederde van de aandelen. Ook zal de gemeente een vordering van 114 miljoen euro op AEB laten vallen en worden de banken verzocht 75 miljoen af te boeken op circa 200 miljoen aan leningen die zij nog hebben uitstaan bij het bedrijf.

Samenwerken blijkt ook optie

Kock is uitermate tevreden over de deal. Dit is precies wat hij voor ogen heeft: AEB zo snel mogelijk van de hand doen, onderhands en aan een private partij. Maar hij heeft buiten de rest van het college én een hoge ambtenaar gerekend. Zijn collega-wethouders zijn in de veronderstelling dat er aan meerdere scenario’s gewerkt wordt. Niet alleen verkoop aan een private partij – ook samenwerking met andere publieke afvalbedrijven is een serieuze optie, denken ze.

Al eerder die zomer, begin augustus, is vanuit de Stopera contact gezocht met HVC. De Huisvuilcentrale Noord-Holland is een publieke afvalverwerker die eigendom is van 44 gemeenten en zes waterschappen. HVC wil AEB niet overnemen, heeft het bedrijf eerder laten weten aan KPMG. HVC is een coöperatie, daar past geen overname bij. Bovendien is AEB gespecialiseerd in vuilverbranding, terwijl HVC daar juist minder aan wil doen. Verder is HVC huiverig voor de anarchistische cultuur bij het Amsterdamse bedrijf, waar de werkvloer voortdurend overhoop ligt met het management.

Illustratie Pepijn Barnard

Het ambtelijke hoofd van het AEB- crisisteam, Vincent van Woerkom, laat het er niet bij zitten. Van Woerkom is een invloedrijke man op het stadhuis – en hij heeft een geschiedenis met Udo Kock. In augustus 2014 is hij door Kock, dan net drie weken wethouder, uit zijn functie gezet als financieel directeur van de gemeente. Inhoudelijk geldt Van Woerkom als een sterke ambtenaar, maar hij staat ook bekend als solistisch en niet bepaald sterk in de onderlinge communicatie.

Gemeentelijke avances

Het ontslag beschadigt de reputatie van Van Woerkom: het beeld ontstaat dat híj verantwoordelijk is voor de financiële chaos die op dat moment heerst bij de gemeente. Na een uitstapje als interim-topman bij de Zuid-Hollandse afvalverwerker Avalex, is Van Woerkom nu terug bij de gemeente Amsterdam.

In de loop van augustus voert Van Woerkom een aantal gesprekken met de directie van HVC en vraagt eens op papier te zetten onder welke voorwaarden het bedrijf dan wél geïnteresseerd zou zijn in samenwerking. Op 24 augustus ontvangt van Woerkom een brief van HVC. De directie is duidelijk over de beoogde vorm van samenwerking: het bedrijf wil en kan AEB niet overnemen. Toetreden tot de coöperatie kan eventueel wel. „Wanneer de stad inderdaad de voorkeur geeft aan een publieke oplossing, en daarmee zelf aan boord kan blijven, is HVC bereid dit spoor in bovengenoemde richting serieus te overwegen.”

Dit klinkt allemaal logisch en verstandig: meerdere opties verkennen voor het afstoten van AEB. Toch is er één saillant detail: Udo Kock, de wethouder die verantwoordelijk is voor een eventuele verkoop, weet niets van de verkenningen met HVC. Van Woerkom zwijgt tegenover Kock over het contact, de brief van HVC krijgt hij nooit onder ogen. Ook de directie van AEB is niet op de hoogte van de gemeentelijke avances richting HVC.

Verbazing bij wethouders

En zo gebeurt het dat alle wethouders verbaasd zijn, die maandag 2 september in Santpoort. Kock omdat er ineens een andere gegadigde blijkt te zijn voor AEB. En de andere wethouders fronsen de wenkbrauwen omdat er al zo snel een concreet overnamebod voor het afvalbedrijf op tafel ligt. Ze voelen zich overvallen en er volgt een scherp gesprek met Kock. Waarom wordt er zo dwingend gewerkt in de richting van privatisering? Er zouden toch eerst verschillende scenario’s komen? En waarom krijgen ze maar mondjesmaat informatie over wat er is afgesproken?

Het college besluit HVC om een brief te vragen met een concrete schets van hoe de Amsterdamse toetreding eruit zou zien. Kock vindt een deal met HVC onverstandig en denkt dat het nooit zal lukken, maar hij kan niet anders dan instemmen.

Ook wordt de advocaat van de gemeente aan het werk gezet om alle opties nog eens op een rijtje te zetten. Belangrijkste conclusie: onderhandse verkoop aan Beelen is „juridisch kwetsbaar”, omdat concurrenten geen kans krijgen een bod te doen. Als AEB toetreedt tot HVC speelt dit probleem „minder”, denken de juristen. Maar die route is lang en onzeker, al was het maar omdat de onderhandelingen nog moeten beginnen en de aandeelhouders van HVC nog niet eens zijn geïnformeerd. Ook de medewerking van de AEB-directie, die vol had ingezet op een deal met Beelen, is nu twijfelachtig.

Verhitte gemoederen

Op dinsdagochtend 10 september vergadert het college opnieuw over AEB. Tijdens het overleg wordt duidelijk dat zeven van de acht wethouders liever in zee willen met HVC. Er zijn te veel juridische bezwaren tegen de deal met Beelen. Bovendien: wat als de nieuwe eigenaar het bedrijf over vijf jaar met dikke winst doorverkoopt, zoals gebeurd is bij het Brabantse afvalbedrijf Attero? Private ondernemers die binnenlopen met een voormalige publieke dienst – daar zijn de wethouders huiverig voor.

Kock trekt zijn conclusies: de volgende ochtend vertelt hij zijn collega’s in een speciaal ingelaste collegevergadering dat hij opstapt als wethouder. „Ik kan geen verantwoordelijkheid dragen voor een besluit dat evident risicovol en onnodig kostbaar is voor Amsterdam en haar inwoners”, schrijft hij in zijn afscheidsbrief.

Met het vertrek van Kock is de bestuurlijke crisis nog niet ten einde. Vijf dagen later vindt een gesprek plaats op het stadhuis met Wim Beelen. Hij is uitgenodigd om te komen praten over het afketsen van de deal. Later die week zal Beelen, op uitnodiging van de oppositie, in de raad tekst en uitleg geven over zijn gestrande overnameplan.

De wethouders Van Doorninck en Sharon Dijksma (PvdA), die Kock vervangt, maken Beelen duidelijk dat de overname écht van tafel is. Vervolgens raken de gemoederen verhit, zo blijkt uit de notulen.

Dijksma tegen Beelen: „Laten we eerlijk zijn. Zo’n tent [AEB, red.] heb je nog niet eerder gerund.”

Beelen: „Alles ligt klaar om te kunnen starten. Ondernemen begrijp ik heel goed.”

De wethouders uiten hun zorgen: gaat Beelen geen bedrijfsgevoelige informatie van AEB prijsgeven in de raad? „Je geeft aan niet van een mediacircus te houden”, zegt Van Doorninck, „maar daar ga je nu wel helemaal in door een presentatie te geven aan de gemeenteraad.”

Beelen: „Ik doe nooit iets stiekem. Dat is mijn drijfveer.”

Dijksma: „Je bent nu wel politiek aan het bedrijven”

Beelen: „Dat vind ik niet.”

Lees ook: Afval blijkt goud noch groen voor het AEB

Twee dagen later maakt Wim Beelen een spektakel van zijn optreden in de raad. Hij uit woeste beschuldigingen, vooral over Dijksma. Die zou hem in het gesprek hebben gechanteerd door hem erop te wijzen dat hij nog andere „files” heeft lopen waar hij medewerking van de gemeente bij nodig heeft. Nog diezelfde avond moet Dijksma zich in een heftig debat in de gemeenteraad verdedigen tegen Beelens aantijgingen.

In de notulen is niets terug te vinden dat wijst op chantage van Dijksma. Wat wel opmerkelijk is: de notulist heeft „aan het eind van het gesprek een deel gemist”.

Ook geen deal met HVC

Met HVC wordt het niets – precies zoals Kock heeft voorspeld. HVC wil meteen met een team bij AEB aan de slag en boekenonderzoek doen, maar het bedrijf houdt de poorten gesloten. De directie, die zich gepiepeld voelt door het afketsen van de Beelen-deal én de heimelijke verkenningen met HVC, beschouwt HVC als „directe concurrent” en heeft „geen behoefte [...] concurrentiegevoelige informatie te delen” zonder dat een juridisch doortimmerd overnametraject is opgetuigd, blijkt uit correspondentie tussen de partijen.

„Het AEB is verdrietig”, vat wethouder Dijksma het samen in een overleg met de leiding van HVC. Drie weken later worden de gesprekken alweer gestaakt. HVC is nooit bij AEB over de vloer geweest.

In de sector is met stijgende verbazing gekeken naar de verkooppogingen van de gemeente Amsterdam

In de sector is met stijgende verbazing gekeken naar de verkooppogingen van de gemeente Amsterdam. Een onderhandse deal met Beelen hadden concurrenten nooit zomaar geaccepteerd, vertellen ze aan NRC. Attero uit Brabant liet destijds al weten bij de rechter bezwaar te zullen maken als het zover kwam. Maar ook bij HVC-aandeelhouders heerste verwondering: over het feit dat het stadsbestuur plotseling exclusief met haar om tafel wilde, terwijl een keuze voor HVC „flinterdun” was.

Inmiddels is de gemeente terug bij het oorspronkelijke plan: een veiling van AEB. Maar ook die verloopt allesbehalve vlekkeloos. Koos de Vink, de interim- directeur die vorige zomer door Kock werd aangesteld om orde op zaken te stellen, stapte eind februari op. Het college stond hem niet toe zelf een bod te doen op AEB. Vorige maand werd bekend dat de veiling maanden vertraging oploopt. Boekenonderzoek bij AEB duurt langer dan verwacht, accountant PWC heeft de jaarrekening van 2018 nog altijd niet goedgekeurd.

De ovens branden weer, de acute crisis is voorbij. Maar de kans is groot dat AEB voorlopig doorgaat zoals het de afgelopen jaren functioneerde: als verliesgevende en slecht gerunde publieke dienst.