Experts en politici lopen elkaar voor de voeten bij de aanpak van het virus

Coronabeleid Nederland is in een paar weken tijd veranderd in een technocratie: deskundigen bepalen wat er gebeurt. Wetenschappers als beleidsmakers, „dat schuurt”.

Directeur infectieziektebestrijding Jaap van Dissel van het RIVM, vorige maand in de Tweede Kamer.
Directeur infectieziektebestrijding Jaap van Dissel van het RIVM, vorige maand in de Tweede Kamer. Foto David van Dam

Als zelfs de nestor onder de Nederlandse politicologen stomverbaasd is, dan is er iets aan de hand. „Ik loop al twintig jaar te leuren met dit idee”, zegt Rinus van Schendelen (1944). „Op het Binnenhof en op ministeries vonden ze het altijd reuze interessant, maar er gebeurde nooit wat mee.” Maar een crisis maakt bestaande structuren wankel. Opeens is gebeurd waar Van Schendelen al jaren voor pleit: niet politici, niet ambtenaren, maar vakdeskundigen („experten”, zegt hij) bepalen het beleid.

Nederland is in een paar weken een technocratie geworden, zegt hij. De invloed van Tweede Kamer en ambtenarij is beperkt. „Het kabinet vaart op adviezen die experten geven. Zo houd je emotie en ideologie uit het debat. Deze crisis laat zien dat politiek relatief is.”

De coronacrisis heeft de versnipperde binnenlandse politiek ‘ontideologiseerd’. Dat blijkt uit de sterk procesmatige Kamerdebatten over de crisis. Het blijkt ook uit de aanstelling van Martin van Rijn tot minister voor Medische Zorg en Sport. Hij is lid van oppositiepartij PvdA, maar zit op persoonlijke titel in het kabinet.

„Crisis centraliseert de besluitvorming altijd in de beginfase”, zegt bestuurskundige Jouke de Vries, tevens bestuursvoorzitter van de Rijksuniversiteit Groningen. „Het wordt gezien als onpatriottisch om te veel kritiek te hebben, dus sluiten politici de rijen.”

De wekelijke technische briefing van de Tweede Kamer door deskundigen laat de nieuwe verhoudingen het best zien, zegt Van Schendelen. „Kamerleden zitten erbij als scholieren uit groep 8. Als Jaap van Dissel het eerste het beste café binnenstapt, hoort hij vergelijkbare meningen. Ze hebben een enorme achterstand.”

Deskundigen springen in het gat

En ambtenaren hebben de kennis om een complexe crisis te bestrijden ook niet, zegt Van Schendelen. „Vakinhoudelijke kennis houdt op bij schaal 13. Daarboven zitten de topambtenaren, en die worden van ministerie naar ministerie rondgepompt via de Algemene Bestuursdienst. Het zijn algemene managers, die in zo’n crisis een minister niet kunnen helpen.”

Lees ook deze serie over de Algemene Bestuursdienst

In dat gat springen de deskundigen. Directeur Jaap van Dissel van het Centrum voor Infectieziektebestrijding van het RIVM is de belangrijkste. Hij zit het Outbreak Management Team (OMT) voor, waarin deskundigen advies aan het ministerie van Volksgezondheid formuleren. Het OMT werkt met vaste leden, zoals arts- microbioloog Ann Vossen en voorzitter Diederik Gommers van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care. Formeel adviseert dit OMT een ambtelijke crisisgroep, de ICCb, die vervolgens de crisisgroep binnen het kabinet adviseert. In de praktijk bepalen de deskundigen wat er gebeurt, zeggen premier Mark Rutte (VVD) en minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA).

Toen Rutte het op 16 maart in zijn tv-toespraak over ‘groepsimmuniteit’ had, zei hij: „Een mening is snel gegeven. Ik begrijp dat. Maar het antwoord op alle vragen begint bij de kennis en ervaring van deskundigen. Hun advies is leidend geweest. Het is belangrijk dat we op dat kompas blijven varen.”

Toen Rutte zei dat hij mondkapjes niet nodig vond, op 3 april: „We hebben echt de beste deskundigen, die kijken ook constant naar de laatste inzichten. Op dit moment zeggen onze deskundigen: dat is niet nodig.”

En toen Rutte op 7 april een verlenging van beperkende maatregelen aankondigde: „We zijn er nog niet. De belangrijkste boodschap van ons, van onze deskundigen is: hou vol.”

Is een advies van het OMT heilig?, vroeg een journalist. „Ja”, zei Rutte.

Zelden wijkt Rutte af van het oordeel van het OMT. Het gebeurde alleen toen hij, na lang geweigerd te hebben, op 16 maart de scholen sloot. Het OMT was daartégen, hij was vóór. Pas na grote publieke verontwaardiging, en een afwijkend advies van ándere deskundigen, de Federatie Medisch Specialisten, gaf Rutte toe.

Dat scholen nog altijd dicht zijn, ligt óók aan de deskundigen. Het RIVM doet onderzoek naar de risico’s, en minister Arie Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs, ChristenUnie) wacht daar nog altijd op.

Wetenschap of politiek

Zo lopen politiek en wetenschap elkaar soms voor de voeten. „Het schuurt”, zegt bestuurskundige Jouke de Vries. „De wetenschapper wil onderzoeken, vragen stellen. De politicus wil leiding geven en daadkracht tonen. Dat veroorzaakt een lastige wederzijdse relatie.”

Rutte committeert zich vooraf aan de adviezen van de wetenschap. Zo ontstaat zoekend leiderschap, zegt De Vries. „Rutte moet nu wel meebewegen met veranderende wetenschappelijke inzichten. Virologen zijn kritisch ingesteld, ze willen weten wat precieze effecten van beleidskeuzes zijn. Die wetenschappelijke benadering komt niet overeen met het beeld van krachtdadig politiek leiderschap.”

Bovendien: Rutte heeft het consequent over wat „de” deskundigen vinden, alsof er volledige consensus over het coronavirus is. Maar dat is flauwekul, zegt arts-microbioloog Alex Friedrich van het UMCG in Groningen. Eind februari werd hij als deskundige uitgenodigd bij het OMT, daarna lange tijd niet meer. Sinds vorige week mocht hij weer twee keer aanschuiven.

De ideeën van Friedrich weken regelmatig af van de officiële lijn van het OMT. Bijvoorbeeld rond testen: in het UMCG liet Friedrich al het zorgpersoneel testen, terwijl het OMT dat niet adviseerde. Minister De Jonge zei over die breuk met het landelijk beleid: „Ieder voor zich is niet de manier waarop je een crisis te lijf gaat.”

Ik kon niet anders, zegt Friedrich. Hij had al vroeg contact met collega’s in Italië. „Ik vermoedde wat voor ellende op ons afkwam, terwijl de heersende opvatting, ook bij het RIVM, nog was dat het om een soort griepje ging.”

Friedrich roerde zich ook toen Rutte en Van Dissel over groepsimmuniteit begonnen, onder meer in de internationale pers. „Groepsimmuniteit kan zonder vaccin nooit een volksgezondheidsstrategie zijn, not in my name”, zegt hij. Wel moet hij Van Dissel verdedigen. „Het RIVM had twee maanden om een strategie bij elkaar te improviseren, terwijl het jaren kost om je op een pandemie voor te bereiden. Het is de vraag of het de middelen kreeg om dat goed te doen.”

Dat Friedrich botst met de groep deskundigen op wie het kabinet zich in de coronacrisis baseert, deert hem niet. „Als ik zie dat iets groen is, dan zeg ik dat, ook al hoor ik tien keer dat het rood is. Landelijk beleid is niet belangrijker dan het welzijn van zorgpersoneel of patiënten.”

Deze week pleitte een groep wetenschappers in NRC voor een nationaal onderzoeksplatform, waarin onderzoekers uit verschillende disciplines kunnen denken over een uitweg. Friedrich juicht dat toe. Volgens hem gaat het nu op twee manieren mis: de deskundigen rond het kabinet zijn het te veel met elkaar eens. En het zijn ook nog eens vrijwel allemaal vakgenoten. „Het is niet gezond als een klein clubje bepaalt welke beslissingen genomen wordt. Natuurlijk heb je een kerngroep van virologen en microbiologen nodig. Maar zij moeten ook luisteren naar psychologen, linguïsten, biologen of economen.”

Terwijl het OMT consensus uitstraalt, wordt daarbinnen verschillend gedacht over Covid-19, zegt Friedrich. Hij zit regelmatig in een videoconferentie met tot twintig andere microbiologen. Ook zit hij in een mailgroep met zo’n tachtig collega’s. Heerlijk, vindt hij. „We discussiëren scherp. We vechten met argumenten. Iedereen mag lekker eigenwijs zijn. Niemand zegt dat je solidair moet zijn met de ingezette koers. Zo zou het landelijk ook moeten zijn. Het kernteam van het OMT zou een informele klankbordgroep van wetenschappers goed kunnen gebruiken.” Niet dat dat gaat gebeuren, denkt hij. „Jaap van Dissel moet in een corset werken.”

Lees hier de open brief van de wetenschappers aan het RIVM: Gebruik ons om de crisis te bezweren