Charles Michel, oud-premier van België en sinds december voorzitter van de Europese Raad, loopt over het plein voor het gebouw van de Raad in Brussel.

Foto Olivier Hoslet/EPA

Interview

Voorzitter Europese Raad: ‘Een sociaal antwoord is nu gevraagd’

Interview | Charles Michel Door nadruk te leggen op de voordelen van de interne markt, hoopt Charles Michel, voorzitter van de Europese Raad, het gif uit de Europese discussie over solidariteit te trekken.

Laat het maar aan Charles Michel over om het positieve te blijven zien. Terwijl de spanningen binnen Europa de afgelopen tijd hoog opliepen en lidstaten botsten over een economisch antwoord op de coronacrisis, wijst de voorzitter van de Europese Raad liever op de „kolossale” stappen die zijn gezet: een akkoord over Europese noodsteun, vorige week. „In de vorige economische crisis duurde het veel langer om tot overeenstemming te komen, nu duurde het maar een paar dagen!” Even later vult hij aan: „En het blijkt ook dat we zelfs via video-overleg substantiële beslissingen kunnen nemen!” Het bevestigt het opgeruimde imago van Michel.

De nieuwe voorzitter was amper drie maanden in functie toen de Europese Unie werd getroffen door mogelijk de diepste crisis sinds haar oprichting. Een crisis waarin de Europese solidariteit zwaar op de proef werd gesteld. De Belgische oud-premier lijkt er nog niet onder te lijden, maar kreeg de afgelopen weken ook kritiek: hij was te onzichtbaar, toonde te weinig gezag en bezigde meer woorden over solidariteit en eendracht dan daar echt aan bij te dragen. In aanloop naar een conferentie tussen Europese regeringsleiders, komende donderdag, legt Michel aan enkele Europese kranten zijn visie op een stappenplan uit.

Herstelfonds

Michel pleit – zoals wel meer politici – voor een ‘marshallplan’, waarmee de Europese economie er na de pandemie bovenop moet komen. Daartoe moet nu allereerst de nieuwe meerjarenbegroting van de EU worden omgevormd tot een ‘post-coronaherstelfonds’. Makkelijk zal dat niet worden: nog vóór het virus in Europa om zich heen greep, verliep de discussie over die begroting al ongekend fel. Nederland weigerde tot voor kort akkoord te gaan met een verhoging van haar bijdrage, en in februari liep een Europese topontmoeting er na dertig uur onderhandelen op stuk.

Michel noemt het „toeval” dat de coronacrisis samenvalt met de begrotingsdiscussie ook een kans. „Dat we nu beslissingen moeten nemen voor de volgende zeven jaar geeft ons ook de mogelijkheid een sterk signaal te tonen voor Europese solidariteit.”

„Dat we nu beslissingen moeten nemen voor de volgende zeven jaar geeft ons ook de mogelijkheid een sterk signaal te tonen voor Europese solidariteit.”

Op scherpe politieke uitspraken is Michel zelden te betrappen. Maar in het gesprek richt hij zich wel nadrukkelijk tot ‘nettobetalers’ – een term die Nederlandse politici steevast gebruiken voor hun eigen positie. „Dat we in de discussie over de EU-begroting spreken over nettobetalers en netto-ontvangers laat al zien dat het óók een instrument is voor Europese solidariteit. Vergeet niet: de waarheid is dat nettobetalers hun sterke positie danken aan deelname aan de interne markt.”

Sterke interne markt

Met zijn nadruk op de voordelen van de interne markt hoopt Michel het gif te halen uit de discussie over Europese solidariteit. Nederland moest onlangs erkennen „te weinig empathisch” te hebben opgetreden. Op de vraag of Michel het daarmee eens is wil hij niet antwoorden. Wel zegt hij: „Het slagen van ons Europese project is uiteindelijk niet gebaseerd op winst en kapitalisme, maar op menselijk welzijn en waardigheid. Ik herhaal: álle lidstaten hebben belang bij een sterke interne markt. En als sommige landen na deze crisis zo kwetsbaar zijn dat we het gelijke speelveld kwijtraken, dan is dat slecht voor álle 27 lidstaten. En in het bijzonder voor de landen die het meest profiteren van de interne markt.”

De emoties lopen vooral hoog op bij het ‘mutualiseren van schuld’: ‘eurobonds’. Ook volgende week zal het daar over gaan. Hoe gaat u de discussie van emoties ontdoen?

„Ik begrijp alle emoties en ik zal erkennen dat ik geconfronteerd met de beelden uit sommige lidstaten die emoties ook voelde. Maar we moeten rationeel handelen. Ik zie solidariteit en dus ook mutualisering als niets nieuws. Sterker: het is de basis van het Europese project! Wat we doen met onze Europese begroting is gebaseerd op solidariteit, en dus op mutualisering.

Lees ook het interview met Wopke Hoekstra: ‘Het is glashelder, van eurobonds is geen sprake’

„Mijn ambitie is om te werken aan een stappenplan. We zullen niet alle problemen nu al oplossen, maar de eerste stap is het eens worden over de bredere visie op onze herstelstrategie: wat vinden we belangrijk? De discussie over hoe we het financieren en welke instrumenten we precies gaan inzetten, is natuurlijk relevant, maar het is belangrijk om niet de blik op het grote plaatje te verliezen.”

Europa is fel bekritiseerd voor het gebrek aan solidariteit in de coronacrisis. Commissievoorzitter Ursula von der Leyen bood Italië deze week namens Europa excuses aan. Deelt u de kritiek?

„Het klopt dat we in Europa even nodig hadden voor we begrepen hoe serieus deze crisis was. Maar na onze eerste videoconferentie op 10 maart is een meer gecoördineerde aanpak snel op gang gekomen, bijvoorbeeld als het gaat om richtlijnen voor de grenzen. Ja, we moeten lessen leren. Maar vergeet niet dat de EU op dit moment geen zeggenschap heeft over gezondheid: daar gaan landen zelf over. Daar moeten we lessen leren.

„Ik heb al voor een meer gemeenschappelijke aanpak gepleit, meer verantwoordelijkheden op het Europese niveau. Ook hadden we duidelijker moeten maken dat we de Italianen steunen. En tenslotte toont deze crisis ook: de manier waarop we in Europa werken is te langzaam voor de wereld waarin we leven. We moeten onze procedures aanpassen. Neem de kwestie rond het medische materieel, dat vind ik heel frustrerend. Vanwege het systeem van openbare aanbestedingen was het heel moeilijk om materiaal snel aan bepaalde lidstaten te leveren toen het nodig was. Ik begrijp de kritiek en ik betreur dat zeer.”

Zal de coronacrisis aanleiding geven tot meer Europese sociale politiek?

„Ik geloof heel sterk dat we in Europa niet alleen een economisch antwoord moeten geven, maar ook een sociaal antwoord. Daarom ben ik blij met het nieuwe werkloosheidsfonds. Dit zal onderdeel blijven van onze discussie. Sommige lidstaten hebben al een sterke traditie van sociale vangnetten, misschien moeten we door deze crisis gaan nadenken hoe we dat op Europees niveau beter kunnen regelen. Want: sommige landen stonden er economisch beter voor dan andere en kunnen dat dus beter uitvoeren. Daarom is die discussie over solidariteit zo belangrijk, om alle lidstaten daarbij te kunnen ondersteunen.”