De Tour laat het wielrennen nog niet stilvallen

Wielerkalender In de wielersport draait veel, zo niet alles om de Tour de France. Als ’s werelds grootste jaarlijkse sportwedstrijd wordt verplaatst, moet iedereen meebewegen. Of ze nou willen of niet.

Het peloton tijdens de negende etappe van de Tour de France, op 14 juli 2019.
Het peloton tijdens de negende etappe van de Tour de France, op 14 juli 2019. Foto Yoan Valat/EPA

Toen woensdagochtend officieel bekend werd gemaakt dat de Tour de France dit jaar met twee maanden zal worden uitgesteld (start 29 augustus, finish 20 september) in de ijdele hoop dat het coronavirus tegen die tijd onder controle zal zijn, had dat gevolgen tot in Oosterhout. De Tour in september betekent een Vuelta in oktober. Dus wat nu te doen met de Bromtol?

Na jaren van politiek gesteggel was in februari besloten dat de bekende rotonde tussen Oosterhout en Made, met een levensgrote bromtol in het midden, daags nadat de Ronde van Spanje Brabant zou hebben verlaten op de schop zou gaan. Op 17 augustus zou de weg worden opengebroken, er zou een half jaar worden gebouwd. De Bromtol moet een turborotonde worden, met dubbele banen, zodat al het verkeer dat van en naar de snelweg A59 rijdt, makkelijker doorstroomt.

Het project, kosten 5 miljoen euro, was al aanbesteed. „Maar dat kan nu dus allemaal naar achteren toe”, zegt Ad Jespers, raadslid voor Gemeentebelangen in Oosterhout. „De gemeente zal er opnieuw over moeten nadenken of de passage van de Vuelta in oktober of november nog wel inpasbaar is, en verantwoord om te doen. Wie garandeert ons bijvoorbeeld dat er in oktober genoeg beveiligingsmensen op de been te krijgen zijn? Die worden door het virus nu al overvraagd.” En Jespers weet: er zijn meer gemeenten die beginnen te twijfelen, om uiteenlopende redenen.

Tussen 14 en 16 augustus zou de Ronde van Spanje 34 Nederlandse gemeenten aandoen, het spektakel zou beginnen met een ploegentijdrit in Utrecht, en daarna stonden nog twee etappes gepland, eentje van Den Bosch naar Utrecht en de derde rit zou starten en finishen in Breda. Alle gemeenten die de Vuelta passeert, hebben festiviteiten gepland, van Spaanse thema-avonden met paella en castagnetten op het centrale plein, tot een rondreizende BMX-baan vervaardigd van gerecycled plastic voor kinderen in openbare parken. Maar al die plannen moeten nu worden uitgesteld, tot wanneer is niet bekend. Door sommige projecten kan een streep. „We gaan geen contracten meer aan, alles staat on hold”, zegt Jespers, ook voorzitter van de Stichting Prom Oosterhout, waarmee hij wielerevenementen naar zijn stad haalt. „Tot we een nieuwe datum hebben, kunnen we niks.”

Seizoen in drie maanden

Het wordt oktober op z’n vroegst, omdat na de Tour de France van 20 tot 27 september de WK wielrennen in Zwitserland zijn, en daarna mag eerst de Giro. Er moeten ook nog vijf monumentale wielerklassiekers worden verreden.

Een wielerseizoen gepropt in drie maanden, dat ziet er op papier uit als gekkenwerk. Wielerfederatie UCI wil op 15 mei de hele kalender af hebben. Dan weet de wielersport voorlopig waar ze aan toe is. In Oosterhout hebben ze er een hard hoofd in, al was het alleen al door het weer. Jespers: „Wie gaat er eind oktober nou in de kou en regen langs de weg staan? Het zal me verbazen als de Vuelta in Nederland gaat starten. We hopen erop, maar dat is tegen beter weten in. Misschien komt er over een paar jaar wel weer een kans.” Vrijdag werd 2022 geopperd, als ook 900 jaar Utrecht wordt gevierd.

Het coronavirus gooit de wielersport volledig door de war. Er is klein leed op gemeentelijk niveau, en grote problemen als de onzekerheid nog veel langer aanhoudt. Er valt niet tegenop te organiseren.

Ook Martijn van Hulsteijn durft nergens meer op te bouwen deze dagen. De directeur van La Vuelta Holanda ziet oktober en november als laatste overgebleven opties voor een Vuelta-start in Utrecht, en hoopt op de persconferentie van het kabinet volgende week meer duidelijkheid te krijgen over wat er in het najaar wel en niet zou kunnen. Hij zit met veel vragen: „Is verplaatsen naar oktober technisch wel haalbaar, kunnen alle gemeenten akkoord gaan, is de openbare weg beschikbaar tegen die tijd, kan alles binnen het huidige budget, is de samenleving klaar voor een feestelijk evenement in oktober, traditionele stijl? Ik durf het echt niet te zeggen.” Van één ding is hij inmiddels wel doordrongen: alles moet wijken voor de Tour.

Wankel verdienmodel

Door de coronacrisis wordt eens te meer duidelijk dat er in de wielersport maar één evenement echt toe doet. Christian Prudhomme, koersdirecteur van de Tour, verwoordde het afgelopen week zo, bij persbureau AFP: „De Tour vormt de basis van de nieuwe kalender. Iedereen steunde dit idee, zelfs degene die ons niet mogen.” Er zouden wielerploegen zijn geweest die Prudhomme te kennen hebben gegeven om te zullen vallen als ze dit jaar geen Tour kunnen rijden.

Dat heeft alles te maken met het wankele verdienmodel van een sport die voor het grootste gedeelte wordt gefinancierd door sponsoren. De meeste van die bedrijven krijgen het de komende maanden zo niet jaren moeilijk, en zullen hun sportsponsoring heroverwegen. De Tour de France is dé reden waarom ze in de wielersport stappen. Hun bedrijfsnaam bereikt in de zomer miljoenen mensen over de hele wereld. En dat geldt echt alleen maar voor de Tour. Wielrennen is geen mondiale sport.

De Colombinaan Egan Bernal voert in zijn gele trui in Parijs het peloton aan tijdens de slotetappe van de Tour 2019. Foto Guillaume Horcajuelo/EPA

Ga maar na: leken kennen enkel de Tour. Komt ook door het gunstige tijdstip waarop het evenement plaatsvindt – in de zomervakantie. Sta je met het gezin in juli op de camping en komt de Tour langs, dan ga je kijken. Bakkes in de zon, biertje erbij, en dan is het eerst een halve dag wachten op de reclamekaravaan, waarna de wielrenners in een paar seconden voorbijschieten. Dat is de magie van de Tour, en de essentie van de wielersport.

Dat weten ze ook in Spanje, zegt Charles Ojalvo, pr-baas van de Vuelta, de ronde die overigens ook eigendom is van het France sport- en mediaconcern ASO. „Uit studies blijkt dat 60 procent van alle zichtbaarheid voor sponsoren wordt behaald tijdens de Tour. Dat die wedstrijd doorgaat is gewoon noodzakelijk, dat snappen wij heel goed. Daarom doen we graag een stap opzij. Maar let wel: we offeren onze ronde niet op, we moeten uitwijken om de sport van de ondergang te redden.”

Zuivering in het wielrennen

Zo ver wil Daam Van Reeth niet gaan. De sporteconoom aan de Katholieke Universiteit van Leuven denkt dat er zonder Tour een stuk of vijf wielerploegen uit de WorldTour zullen omvallen, en ook gaan er wedstrijdorganisaties failliet. „Geen Tour betekent een zuivering in het wielrennen, 2021 wordt dan een afgeslankt jaar. De wielersport zal wel overleven, maar de minder goed gestructureerde ploegen gaan het niet halen.”

Van Reeth gelooft niet in een Tour dit jaar, laat staan in een Vuelta. In een opiniestuk in de Vlaamse krant De Standaard betoogt hij vrijdag dat een groot sportevenement een biologische bom is zolang een vaccin tegen het coronavirus ontbreekt. Een rondreizend peloton plus duizenden vertegenwoordigers van media en organisatie is een rondtrekkende verspreidingshaard, waar bovendien ook nog eens publiek op afkomt; de openbare ruimte valt niet volledig af te schermen. Om nog maar te zwijgen over de gedragingen in een wielerpeloton, waar snot en zweet voortdurend in kleine druppeltjes door de lucht vliegen. De Tour is een ‘recipe voor disaster’, citeert Van Reeth een vooraanstaand viroloog. Sportwedstrijden zijn volgens hem dit jaar een utopie, ongeacht de financiële consequenties.

Dat de organisatie van de Tour dan toch met data komt, is volgens Van Reeth een middel om de wielersport niet nu al te laten stilvallen. Het is hoop bieden aan sponsoren, en ook aan de renners, die in elk geval weer even de illusie hebben dat ze niet voor niets aan het trainen zijn, en kunnen werken naar een vormpiek – voor wat het waard is. Sporten in de openbare ruimte lijkt iets voor na het virus. Als er een vaccin beschikbaar is. In 2021 dus. Waarschijnlijk.

Net als Prudhomme gelooft Charles Ojalvo er nog heilig in dat de Vuelta er zal komen dit jaar. „De start zal in oktober zijn, en de finish begin november. Zoveel is zeker”, zegt de pr-baas. „Als we niet in Nederland kunnen starten omdat de lokale autoriteiten dat niet meer willen of kunnen, dan gaan we kijken of we in Spanje kunnen beginnen. Die scenario’s gaan we binnenkort uittekenen. Utrecht hoeft dan geen premies te betalen. Over een pandemie staan dingen in ons contract, geen zorgen. We zijn er niet bij gebaat dat partijen in financiële problemen komen.”

Ga dat maar eens in Oosterhout uitleggen.