Werkloosheid stijgt: 40 procent meer nieuwe WW-uitkeringen

Arbeidsmarkt Vooral jongeren, uitzendkrachten en horecapersoneel vragen een WW-uitkering aan, ziet het UWV.

UWV-medewerkers bekijken begin april hoe aanvragen van werkgevers binnenkomen voor de tijdelijke subsidieregeling NOW.
UWV-medewerkers bekijken begin april hoe aanvragen van werkgevers binnenkomen voor de tijdelijke subsidieregeling NOW. Foto Evert Elzinga/ANP

Enkele tienduizenden Nederlanders zijn vorige maand hun baan kwijtgeraakt, ondanks de maatregelen die het kabinet heeft opgetuigd om werkgevers te steunen en baanverlies te beperken tijdens de coronacrisis.

Het UWV heeft in de maand maart bijna 38.000 nieuwe WW-uitkeringen verstrekt, zo maakte de uitkeringsinstantie donderdag bekend. Dat zijn ruim 11.000 (42 procent) méér nieuwe aanvragen dan in februari. En ruim 13.000 (53 procent) meer dan vorig jaar maart.

„De arbeidsmarkt is halverwege maart vol in de remmen gegaan”, zegt Rob Witjes, hoofd arbeidsmarktinformatie van het UWV. Hij noemt de cijfers „behoorlijk heftig”. „De eerste helft van de maand was er nog niets aan de hand, daarna veranderde alles.”

Vooral veel jongeren raakten vorige maand hun baan kwijt door de coronacrisis. Ruim 7.500 jongeren van 15 tot 25 jaar kwamen in de WW terecht, een stijging van 185 procent ten opzichte van de maand ervoor. Ook vanuit de horeca, cultuursector en logistiek is een sterke toename te zien van WW-aanvragen.

Ook het aantal vacatures is fors gedaald. Nadat het kabinet op 15 maart besloot om onder meer de scholen en horeca te sluiten, is het aantal openstaande vacatures in twee weken tijd met bijna een kwart afgenomen.

Veel uitzendkrachten

Het kabinet hoopte zoveel mogelijk werkloosheid te voorkomen door een subsidieregeling te introduceren voor werkgevers. Zij kunnen maximaal 90 procent van hun loonkosten vergoed krijgen, als zij door de coronacrisis een omzetverlies verwachten van minimaal 20 procent.

Het lijkt erop dat deze regeling voor werknemers met een vast dienstverband goed lijkt te werken. Woensdagmiddag hadden zich al bijna 91.000 bedrijven aangemeld voor deze NOW-regeling. Maar het zijn vooral jonge flexwerkers die toch hun baan kwijtraken.

Een kwart van de nieuwe WW-ontvangers is uitzendkracht, meldt het UWV. „Verder hebben wij geen uitsplitsing naar vaste en flexibele contracten”, zegt Witjes, „maar het ligt in de lijn der verwachtingen dat het om veel flexwerkers gaat”. Ook omdat er in de horeca, de hardst geraakte sector, veel gebruik wordt gemaakt van oproepcontracten.

Vorige week bleek al uit een rondgang van NRC langs 32 gemeenten dat ook bijstandsaanvragen nu vooral worden gedaan door jonge flexwerkers.

Lees ook: Vooral jongeren met flexcontract melden zich voor bijstand

Wie een subsidie krijgt via de NOW-regeling mag in principe geen personeel ontslaan. Maar voor het wegsturen van flexkrachten is geen formeel ontslag nodig.

Strikte definitie

Opvallend genoeg meldde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) donderdag dat het werkloosheidspercentage gelijk blijft op 2,9 procent. Er waren in maart zelfs zo’n 1.000 werklozen mínder dan in februari.

Dat heeft waarschijnlijk een statistische oorzaak, zegt CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen. De internationaal gangbare definitie van werkloosheid, die ook het CBS hanteert, is nogal strikt. Aan mensen die geen werk hebben, wordt door CBS-enquêteurs gevraagd of zij in de afgelopen weken actief naar een nieuwe baan hebben gezocht én of zij binnen twee weken kunnen beginnen. Pas als zij beide vragen met ‘ja’ beantwoorden, tellen ze mee als werkloze. Van Mulligen: „Veel mensen zullen nu denken: ik kán helemaal geen baan vinden, dus antwoorden ze ‘nee’. Maar dan tellen ze ook niet mee als werkloze.”

Een duidelijkere indicatie is het percentage 15- tot 75-jarige Nederlanders dat werk heeft. Dat percentage is in maart gedaald van 69,3 naar 69,1 procent. Anders gezegd: in maart waren er zo’n 17.000 mínder mensen aan het werk dan in februari.

Dat is de sterkste daling in zes jaar tijd, volgens het CBS. „De laatste keer dat we zo’n sterke daling zagen, was in maart 2014”, zegt Van Mulligen. „Toen bereikte de arbeidsmarkt na de financiële crisis een dieptepunt.”

De krapte komt terug

Tot vorige maand was de arbeidsmarkt juist krapper dan ooit en hadden veel werkgevers de grootste moeite om personeel te vinden. Daarom is het volgens Witjes belangrijk dat zoveel mogelijk bedrijven via de NOW-regeling hun personeel kunnen behouden. Want hoelang deze crisis ook duurt: vroeg of laat zullen die nijpende personeelstekorten terugkomen.

Op de lange termijn wordt de arbeidsmarkt alleen maar krapper, doordat de beroepsbevolking vergrijst. Eeuwenlang is de Nederlandse beroepsbevolking gegroeid, maar die tijd lijkt voorbij.

Lees ook: Over tien jaar is half Nederland niet meer geschikt voor zijn werk

Dat heeft ook de bouwsector ervaren, zegt Witjes. In de crisis van 2008 ontsloegen werkgevers in die sector veel personeel en investeerden ze minder in leerwerktrajecten. Het gevolg: ontslagen werknemers verdwenen naar andere sectoren en het aantal leerlingen van bouwopleidingen nam af. Witjes: „Toen de arbeidsmarkt weer aantrok, twee jaar geleden, riepen werkgevers opeens moord en brand: waarom kunnen we geen personeel vinden?”

Witjes snapt dat sommige ondernemers nu geen andere keuze zien dan het ontslaan van personeel. Toch adviseert hij werkgevers om aan de lange termijn te denken: „Het is nog maar de vraag of je het personeel dat je hebt weggestuurd straks terug kunt krijgen.”