Hoe je thuis nu restaurantje kan spelen

Koken De groothandel is open voor de thuiskok. Ineens ontdek je dat lekker koken iets anders is dan kok zijn in je eigen restaurant.

Foto Getty Images

Dit jaar zal de boeken ingaan als het jaar van de kreeft. Dat durven we nu al te zeggen. Er komt, althans bij ons thuis, niet zo snel nog zo’n jaar als 2020.

Het kwam allemaal door corona. Er was er één jarig. De restaurants waren gesloten, een etentje met vrienden vond Grapperhaus geen goed idee, het geplande weekendje weg was ook al in het water gevallen. En zo ontstond eerst het idee om een kok in huis te halen, toen om een diner te laten bezorgen, en tenslotte: waarom proberen we het niet zelf? Waarom gaan we niet naar de groothandel en maken we zelf iets dat we normaal alleen buiten de deur zouden eten? Restaurantje spelen, jeuh!

Er schijnen bijna 17 miljoen Nederlanders te zijn met een pasje van een horecagroothandel, maar wij niet. Voor ons is een bezoek aan de groothandel een unicum – als ‘uitjes’ niet zo’n sociaal taboe waren deze dagen, zouden we misschien zelfs zeggen: een uitje. En nu kon het zomaar, omdat allerlei groothandels hun deuren voor particulieren hadden geopend. Het restaurantje spelen begon daar al, bij Hanos. Via de garnalenkroketten – hoe vaak eet je die nou thuis? – naar de visafdeling. Kreeft. Drie flinke kreeften, ieder een halve. Ze deden wat ze moesten doen: levendig schaarzwaaien toen ze uit het water werden gehaald.

We hadden ons verdiept in de minst dieronvriendelijke manier om een kreeft te doden – laten we het niet mooier maken dan het is. Niet zeggen: humaan, of diervriendelijk. Diervriendelijk dieren doden is een oxymoron. Mark Bittman, culinair journalist van de New York Times, schreef eens: „Het plezier van kreeft eten is intens, maar over kreeft en pijn praten is niet leuk. Daarom vermijd ik het. Dat doen wij kreeft-eters allemaal.” Cognitieve dissonantie heet dat, maar daar gaat het nu niet over.

Wat we er wel over kunnen zeggen: we deden alles volgens het boekje en toch stuiptrekte de inmiddels halve kreeft op de grill nog steeds. Terwijl we ervoor gingen staan om de kinderen een trauma te besparen, liep de olie over de rand van de frituurpan waar we net de friet in hadden gedaan. („Te veel! Te veel!”) Als we gas in plaats van inductie hadden gehad, waren we met kreeft en al gegrild in eigen huis. „Karma”, zou de kreeft piepen.

De keuken zag er inmiddels uit alsof we de Zweedse chef uit de Muppetshow hadden laten koken. En eenmaal op tafel, was het daar ook al snel een slagveld. Maar het kreeftenvlees was perfect gegaard, de zelfgemaakte mayonaise was precies zuur genoeg maar niet té zuur. Zelfs met de frietjes was het nog goed gekomen.

Geen eitje

Dit lijkt een lange aanloop naar de boodschap: doe dit niet na. En voor een deel klopt dat: geloof ze niet, die mensen die zeggen dat kreeft makkelijker is dan een gebakken ei. Kreeft is geen eitje. En we zijn er ook niet meer gerust op dat met licht bevriezen (verlammen) en het doorklieven van het zenuwstelsel het beest niet lijdt.

Toch zijn we blij dat we het gedaan hebben. We hebben iets geleerd. Om een dier te eten, moet je het durven doden, hebben we onszelf weleens horen zeggen. We bleken dat te durven. Maar we weten nu ook dat dat het niet beter of mooier maakt. En wat zegt het over ons dat we daarna toch met smaak hebben zitten eten?

We zijn er ook weer eens van doordrongen dat restaurantje spelen iets anders is dan lekker kunnen koken. De handige thuiskok weet dat je niet nog van alles op het laatste moment wilt doen, als je ook nog ontspannen aan tafel wilt. Genoeglijk tafelen staat op gespannen voet met veel restaurantgerechten die vaak nogal wat last-minute-handelingen vragen.

Voordeliger hoeft thuis restaurantje spelen niet te zijn

En iedereen weet dat thuis frituren weliswaar heerlijke friet of kroketjes kan opleveren, maar je krijgt wel die hardnekkige vetlucht in huis en haar er gratis bij, alsof je in een oliebollenkraam woont. Thuis restaurantje spelen vraagt kortom om andere timing, andere vaardigheden en ander gereedschap dan waarover de gemiddelde thuiskok beschikt.

Voordeliger hoeft thuis restaurantje spelen ook niet te zijn. Oké, je betaalt iets minder voor de ingrediënten dan in een restaurant, maar goede producten zijn nooit goedkoop, ook niet bij de groothandel. En voor je het weet beland je, onderweg naar de kreeftpeutervorkjes, in gangpaden met spullen waarvan je niet wist dat je ze nodig had. Grootverpakkingen cellofaan, Kroatische limonadesiroop, handige schaaltjes (voor de reeds veel te grote verzameling handige schaaltjes), gerookt zout.

Lees ook: Booning business voor de peulvruchten

Ondanks het experiment met de kreeft willen we snel weer naar de groothandel. Of misschien wel dankzij. Het was er rustig, op zaterdagochtend nota bene, de gangpaden waren onbedoeld al klaar voor de anderhalvemetersamenleving. En ze hebben er ook allerlei groenten, granen, peulvruchten, kruiden en paddestoelen die je in de supermarkt niet vindt. Ook leuk om mee te experimenteren. Ideaal voor de nederige thuiskok.