Recensie

Recensie Boeken

Haar stam is uitgeroeid, zij is geroofd, ze is volstrekt alleen op de wereld

Sebastian Barry Duizend manen is de nieuwe roman van Sebastian Barry. Dit verbluffende verhaal gaat over het geroofde Indiaanse meisje Winona, dat door een homokoppel wordt opgevoed. Hoe houdt ze zich staande in een wereld vol racisme en seksueel geweld?

Een apache werkt op het land, ca. 1906.
Een apache werkt op het land, ca. 1906. Foto Universal History Archive/Getty Images

De nieuwste roman van Sebastian Barry, Duizend manen, wordt verteld door Winona, een jonge Indiaanse die zich in het midden van de negentiende eeuw staande moet zien te houden in het uit het lood geslagen Amerika van na de Burgeroorlog. Toch maakt ook deze roman deel uit van de boeken die de Ierse schrijver Barry wijdt aan de leden van de Ierse familie McNulty.

Een cyclus kun je het niet noemen. Eerder zijn het losse romans die voor hun personages uit dezelfde bron putten. Het gaat er altijd om hoe die personages zich verhouden tot de wereld – een wereld die zich met alle geweld aan hen opdringt en waar ze zich in moeten bewegen, of ze nu willen of niet, of ze nu weten wat ze aan het doen zijn of niet.

Duizend manen is de vijfde McNulty-roman. De McNulty’s stammen uit Sligo, een stad in het noordwesten van Ierland. De eerste drie aan hen gewijde romans bestrijken vrijwel de gehele twintigste eeuw. In 1998 verscheen De omzwervingen van Eneas McNulty, gevolgd door De geheime schrift (2008), en De tijdelijke gentleman (2014). De titelheld van de eerste roman bereikt zijn volwassenheid in het tumult van de Ierse onafhankelijkheidsstrijd en de daarop volgende burgeroorlog; in de tweede kijkt de honderdjarige Roseanne, ooit getrouwd met Eneas’ broer Tom, terug op haar leven, dat zich grotendeels afspeelde in de inrichting waarin ze wegens vermeende promiscuïteit werd opgesloten; de derde roman draait om Toms en Eneas’ broer Jack, wiens leven en huwelijk door alcohol worden bepaald en verwoest. De geschiedenissen raken elkaar, vaak terloops, en vaak is onzeker wat er precies is gebeurd.

Voor de vierde McNulty-roman, Dagen zonder eind (2016), verplaatste Barry de handeling naar het midden van de negentiende eeuw. De McNulty van dienst is Thomas, in een van de eerdere romans in het voorbijgaan genoemd als de oudoom die naar Amerika was geëmigreerd en in de Burgeroorlog aan de kant van de Noordelijken scheen te hebben gevochten. Dat heeft hij inderdaad, maar hij heeft meer gedaan, hij heeft ook aan de Indianenoorlogen deelgenomen en woont op het eind van de roman op een boerderij van een oude strijdmakker in Tennessee, met zijn liefdespartner John Cole en een door hen opgenomen Indiaans meisje, Winona. In de vijfde roman heeft Barry het universum van McNultys een nieuwe dimensie gegeven door het perspectief van Winona te kiezen.

Geroofd

Winona is nog jong maar heeft genoeg meegemaakt. Haar stam is uitgeroeid, zij is geroofd, ze is volstrekt alleen op de wereld. Aan het begin van Duizend manen lijkt ze in rustig vaarwater terechtgekomen. Ze maakt deel uit van de extended family op de boerderij, Thomas McNulty en John Cole hebben haar grootgebracht als iets wat ‘zo goud was dat zelfs de zon me benijdde’, ze werkt in het naburige stadje bij een advocaat die haar zeer waardeert. Maar ze is Indiaanse, ze heeft geen rechten, in de ogen van de witte Amerikanen is ze eigenlijk geen mens. ‘Ik was minder dan de minsten van hen. […] Ik was minder dan de zwarte vliegjes die iedereen in de zomer plaagden. Minder dan de ouwe stront die tegen de achterkant van de huizen werd gesmeten.’ En dat merkt ze wanneer ze op uiterst gewelddadige wijze wordt verkracht. Er is een blanke jongen in het stadje, Jas Jonski, die zegt dat hij verliefd op haar is en wiens avances ze altijd een beetje heeft afgehouden. Heeft hij er iets mee te maken?

Het Tennessee van vlak na de Burgeroorlog is verre van rustig, de slavernij is afgeschaft maar het geweld tegen zwarten gaat voort, er zijn milities, sheriffs en rechters van wie lang niet altijd duidelijk is aan welke kant ze staan. In die hectische wereld gaat de rechteloze Winona op zoek naar recht, aangemoedigd door de herinnering aan haar moeder, die in haar eentje op vijanden af kon gaan als dat nodig was.

Ze is fier en zelfstandig, en als personage eigenlijk een echte heldin. Door haar als hoofdpersoon te kiezen, benadrukt Barry dat de witten in wier wereld Winona zich beweegt de indringers zijn, dat zij bij de oorspronkelijke bewoners van dit continent hoort. De tragiek daarvan wordt versterkt door wat je in de vorige roman over de uitroeiing van de Indianen hebt gelezen. Maar door haar zo fier en onverschrokken te maken, ontkomt Barry er niet helemaal aan haar neer te zetten als ‘edele wilde’. Je zou bijna willen dat ze eens zonder reden een jong katje zou doodtrappen om haar iets ambivalenter te maken. Ook dan zouden we nog steeds aan haar kant staan, maar we zouden iets meer hebben om op te kauwen.

Als historische romans benadrukken de vertellingen over de McNulty’s vooral dat de geschiedenis te groot is voor één persoon. Als je er middenin zit is de geschiedenis nergens te bekennen, dan zijn er vooral onduidelijke omstandigheden waarin je keuzes moet maken, of waarin keuzes voor je worden gemaakt. Het verhaal dat ontstaat is nooit eenduidig, en afhankelijk van de verteller – ook dat wordt in deze romans steeds weer benadrukt.

Verbluffend meesterschap

Altijd slaagt Barry erin met verbluffend meesterschap zijn personages een overtuigende stem mee te geven, of het nu gaat om een temerige alcoholist of een verbeten Indiaanse. Ook in Duizend manen geloof je de verteller door haar toon. Die is literair én overtuigend. Complimenten voor Barry’s vaste vertaler Jan Willem Reitsma, die er ook nu weer uitstekend Nederlands van heeft gemaakt. Je kunt blijven citeren, bijvoorbeeld de passages waarin Winona haar grote liefde Peg bezingt: ‘Als je honing in de lucht kon laten zweven zou die Peg zijn.’ Want net als in Dagen zonder eind wordt ook hier homoseksuele liefde zo vanzelfsprekend geïntroduceerd dat je het bijna als een anachronisme zou beschouwen – tot je beseft dat dat niet aan deze roman ligt, maar aan andere romans die in gebreke zijn gebleven. ‘Als je een schijfje van de wildste rivier kon nemen en daarvan een mens kon maken zou dat Peg zijn.’

Of Barry een vastomlijnd plan met deze romans heeft is niet duidelijk, en dat is goed, zo blijven ze prima los van elkaar te lezen; als er wel een vastomlijnd plan achter zit is dat ook prima, vastomlijnde plannen die zich onzichtbaar weten te maken zijn toch vaak de beste.