Recensie

Recensie Boeken

Een boek over de hypocrisie van de westerse wereld

Aravind Adiga In al zijn romans heeft deze Booker Prize-winnaar een duidelijke boodschap. Deze keer gaat het om een illegaal in Australië. De verontwaardiging is te groot om te beklijven.

De Sydney Harbour Bridge.
De Sydney Harbour Bridge. Foto Steven Saphore / EPA

Als de moraal baat heeft bij een vaste structuur dan is de Indiase schrijver Aravind Adiga de meest overtuigende moralist die er is. In al zijn romans kiest hij een mal voor het verhaal waarin hij zijn boodschap giet. In zijn geestige Booker Prize-winnende debuut De witte tijger koos hij voor de briefvorm. De verhalenbundel Tussen de aanslagen draaide om een toeristische handleiding en in zijn intrigerende roman De laatste man in de toren stond een gebouw centraal, dat op het punt stond gesloopt te worden. Dat onontkoombare moment moest de lezer houvast bieden in een wereld waar het ieder voor zich en geen voor ons allen is.

Zijn nieuwe roman, Gratie, heeft Adiga (1974) opgehangen aan een strenger tijdslimiet: de illegaal Danny moet binnen 12 uur een beslissing nemen die zijn plek in de wereld bepaalt. Een ambitieuze keuze waarmee Adiga het voetspoor zoekt van James Joyce’s Ulysses, Michael Cunninghams The Hours of Ian McEwans Saturday, zij het in de helft van de tijd.

Adiga weet veel in dat tijdsbestek te stoppen: Danny, getraumatiseerd, uit Sri Lanka gevlucht, houdt zich in Sydney in leven als schoonmaker. Hij komt in de problemen wanneer een vrouw vermoord wordt bij wie hij werkte. Hij weet wie de dader is, maar als hij naar de politie gaat, zal hij het land uitgezet worden. Laat je je moraal spreken of kies je voor jezelf en blijf je onzichtbaar in het land waar je wil zijn?

Witte en bruine mensen

Australië, bekend om een extreem inhumaan vluchtelingenbeleid, is een interessant decor om een roman over een illegale migrant neer te zetten. Danny doet er enkele mooie observaties. Zo weet hij dat wie als illegaal in Australië rondloopt te maken krijgt met vele verschillende blikken: van de nadrukkelijk onverschillige tot en met de vriendelijke van de man met de behaaglijke baan. Eén ding geldt voor elke illegaal in Sydney: ‘niks eenvoudiger dan onzichtbaarder worden voor witte mensen, die je toch al niet zien; maar het moeilijkste is onzichtbaar worden voor bruine mensen die je altijd zien.’

Zoals in alle boeken van Adiga draait het ook nu om het besef dat het vergeefse moeite is om te proberen iets te veranderen aan je leefomstandigheden: gelijkheid is onhaalbaar. Wie het wil redden, moet zich aanpassen aan de wensen van de ander. Voor wie er wél in slaagt om iets te veranderen, zijn de consequenties niet te overzien.

Zo gaat het ook in Gratie. Nauwkeurig weet Adiga de hypocrisie van de westerse wereld neer te zetten, maar in eerdere romans deed hij dat scherper. De vraag is alleen of zijn verhaal veel toevoegt aan wat er al is geschreven over vluchtelingen en asielzoekers. Adiga is te nadrukkelijk in wat hij wil zeggen: de keuze voor een schoonmaker, die de hypocrisie van de ander of het eigen bestaan weg poetst, is ongelukkig. De tijdsdruk werkt averechts en haalt juist de vaart uit het verhaal. Adiga valt veel in herhaling, aan het eind bedreigt de moordenaar Danny zelfs per telefoon verschillende keren op één bladzijde.

Het verhaal dat Adiga wil vertellen is uiteraard belangrijk, maar de mal waarin hij de moraal deze keer giet, beklijft niet. Vasthoudendheid aan structuur maakt inleven immers, zoals zo vaak in het leven, moeilijker.