Hou je taai in quarantaine

Ewoud Sanders

Woordhoek

Hoe lang duurt een quarantaine? Het woord zegt het al, want quarantaine is afgeleid van het Franse quarante, dat ‘veertig’ betekent. In Italië ontstond de gewoonte om schepen uit verre oorden bij terugkomst met bemanning en lading veertig dagen in de haven in isolatie te houden. Dit om verspreiding van besmettelijke ziekten te voorkomen. In het Italiaans werd deze periode van gedwongen afzondering quarantina genoemd. De Fransen namen dit woord over uit het Italiaans, wij leenden het op onze beurt van hen, halverwege de zeventiende eeuw.

Een van de vroegste Nederlandse vindplaatsen is een krantenbericht uit 1665, waarin staat dat in Londen de pest is uitgebroken. „Sijn Majesteyt en het geheele Hof” zijn naar Salisbury afgereisd, een stad zo’n 130 km verderop. „De meeste rijcke Lieden vertrecken”, meldde de krant; er „is gelast niet omtrent het Hof te komen, dan met behoorlicke Quarantaine.”

Lees: je mocht het hof pas bezoeken nadat je in quarantaine was geweest. Hoe lang die isolatie duurde staat er niet bij. De oorspronkelijke veertig dagen, die overeenkwamen met de vastenperiode, werden al snel losgelaten. Meestal ging het om tien of veertien dagen.

Overigens vermeldt hetzelfde bericht dat er twee Hollandse kooplieden in de Tower waren opgesloten – een onvrijwillige lockdown. Waarschijnlijk zaten ze daar relatief veilig, want de Londenaars hadden „aan alles gebreck, soo datter soo veel van ongemack als van sieckte sterven”. In achttien maanden overleden er ruim honderdduizend, een kwart van de Londense bevolking. Het artikel sluit af met een kanttekening die kenmerkend is voor de VOC-mentaliteit: Nederlandse schepen uit Indië waren door dit incident vijf dagen vertraagd.

Hou(d) je taai!

Van alle coronagroeten hoor en lees ik het vaakst: hou(d) je taai. Dit roept de vraag op: sinds wanneer doen wij dat? En is je taai houden altijd als iets positiefs beschouwd? Taai heeft immers ook een negatieve connotatie. Taai voedsel laten we bijvoorbeeld liever staan.

We blijken ons al taai te houden sinds we het woord quarantaine kennen, dus sinds de Gouden Eeuw. Volgens het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) betekent zich taai houden: „zich flink houden in lichamelijk of zedelijk opzicht, niet toegeven”. Als toevoeging vermeldt dit naslagwerk: „Voorheen ook met ongunstige gevoelswaarde gebezigd.”

Als voorbeeld citeert het WNT enkele zinnen uit een liederenbundel uit 1669. Daarin klaagt een man zich tegen zijn geliefde: „Liefste lief gy sijt soo fray / ge hebt een schoon en hupse troni / Gy en sijt geen oud’ Caroni, / Waerom hout gy u soo tay.”

Ik heb de indruk dat de negatieve betekenis van je taai houden zeker tot halverwege de negentiende eeuw is blijven bestaan. Het was bijvoorbeeld niet ongewoon om tegen een dronkenlap te zeggen: „Houd je taai, man!” Dat betekende zoveel als: gedraag je, houd je fatsoen. Maar vanaf de tweede helft van die eeuw vinden we het steeds vaker als aanmoediging. Samen met onder meer houd je ferm, houd je flink en houd je sterk. Sinds het begin van de twintigste eeuw is houd je taai een populaire afscheidsgroet. De toon bepaalt de betekenis. Van het tamelijk onschuldige „Oké, hou je taai, ouwe reus”, tot een welgemeende sterktewens bij ziektes, tegenslagen of rampspoed. Zoals nu.

schrijft elke week over taal. Twitter: @ewoudsanders.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.