Vuurzee bedreigt kernreactor Tsjernobyl

Oekraïne De branden woeden op twee kilometer van de opslaglocatie van radioactief materiaal. „De situatie is kritiek”, zegt een touroperator. „Het is daar nu volkomen veilig”, zegt de onderminister.

De hevige bosbranden in de buurt van het dorp Ragovka, niet ver van de exclusiezone rond de verlaten kerncentrale van Tsjernobyl.
De hevige bosbranden in de buurt van het dorp Ragovka, niet ver van de exclusiezone rond de verlaten kerncentrale van Tsjernobyl. Foto EPA/STR

De bosbranden die sinds begin april het noordwesten van Oekraïne teisteren, hebben de verlaten kerncentrale van Tsjernobyl vervaarlijk dicht genaderd. De branden zouden de spookstad Pripjat hebben bereikt en nu woeden op twee kilometer van de opslaglocatie van radioactief materiaal.

Honderden brandweerlieden doen, met behulp van acht blusvliegtuigen, hun uiterste best om het vuur te doven. De voor maandag verwachte regen zou het bluswerk kunnen versnellen.

Het oprukkende vuur rond de kerncentrale zorgt al twee weken voor onrust. „De situatie is kritiek. De zone staat in brand”, schreef Jaroslav Jemeljanenko, een lokale touroperator en lid van het staatsagentschap dat de exclusiezone rond Tsjernobyl beheert, maandag in een alarmerende post op Facebook.

Maar volgens de Oekraïense autoriteiten vormt het vuur „geen dreiging” voor het complex en is het stralingsniveau rond de kerncentrale niet gestegen. Ook zou het opgeslagen kernafval uit de reactor niet in gevaar zijn. „Alles komt goed”, schreef de onderminister van Binnenlandse Zaken, Anton Gerasjtsjenko, op zijn Facebookpagina.

Hij benadrukte dat het radioactief materiaal opgeslagen ligt in een omheind complex van gewapend beton. Bomen in de directe omgeving zouden zijn omgehakt. „Het is daar nu volkomen veilig. Brand is uitgesloten”, aldus Gerasjtsjenko.

Kritiek

De Oekraïense president Volodymyr Zelenski verklaarde zondag via Telegram de situatie op de voet te volgen en in nauw contact te staan met de Staatsdienst voor Noodsituaties, die het bluswerk coördineert. „De conclusies zullen niet lang op zich laten wachten.

De maatschappij moet de waarheid horen en veilig zijn”, benadrukte de president. Daarmee probeerde hij kritiek in te dammen dat de autoriteiten de situatie zouden bagatelliseren, zoals tijdens de grote kernramp van 1986 toen de Sovjetautoriteiten de omvang van ramp dagenlang ontkenden.

De Russische tak van Greenpeace waarschuwt echter dat de situatie ernstiger is dan de autoriteiten schetsen. Greenpeace-woordvoerder Rasjid Alimov zei zondag tegen Reuters dat brand in een nucleaire zone altijd een groot risico is. Volgens hem bestaat het gevaar dat radioactieve isotopen (nucliden) door het vuur worden verspreid.

Lees ook: Angst in Litouwen

Brandstichting

De branden ontstonden begin april, toen een inwoner van een dorp in de buurt, naar eigen zeggen „voor de lol”, op verschillende plaatsen vuilnis en droog gras was gaan verbranden. De 27-jarige man werd enkele dagen na de brandstichting aangehouden.

Hoewel de brandweer het vuur na enkele dagen onder controle leek te hebben, laaide het als gevolg van droogte en harde wind weer op, en breidde zich uit tot een oppervlakte van zo’n 35.000 hectare. Het hoofd van de Oekraïense ecologische dienst, Jegor Firsov, meldde op 5 april een verhoogd stralingsniveau nabij de brand, maar dat zou al kort daarop zijn gedaald naar een normaal niveau. Inwoners van de hoofdstad Kiev roken weliswaar een brandlucht, maar zouden volgens Firsov geen gevaar lopen.