Reportage

In de favela is de honger weer terug

Armoede Miljoenen Brazilianen klommen in de voorbije jaren uit de armoede. Nu vrezen velen dat het land door de coronacrisis weer terugvalt.

Favela-bewoner Marta da Silva (42) deelde laatst een voedselpakket met haar buren. Er is geen sociaal vangnet.
Favela-bewoner Marta da Silva (42) deelde laatst een voedselpakket met haar buren. Er is geen sociaal vangnet. Foto Pilar Olivares

Toen vrijwilligers dit paasweekeinde een voedselpakket met onder meer rijst, bonen, meel en olie bij Marta da Silva-Máximo dos Reis (42) bezorgden, deelde zij dat met haar buren. „We hebben het allemaal zwaar door de coronacrisis. Veel mensen in de wijk, ook ik, zitten zonder werk en dus zonder geld. We delen onze ellende en ons eten met elkaar, zo leven wij hier in de favela”, vertelt ze.

Samen met haar negenjarige zoontje André Miguel, de jongste van haar vier kinderen, daalt ze voorzichtig de Escadaria Saint Roman af. Deze steile trap verbindt de twee kleine sloppenwijken Cantagalo en Pavão Pavãozinho (samen zo’n tienduizend inwoners) met de lager gelegen, welvarende strandwijk Copacabana. De inwoners hebben een prachtig uitzicht op de Atlantische Oceaan, maar wonen hier in kleine opeengestapelde huisjes en leven onder het bestaansminimum. Nu door de Covid-19-epidemie het economische leven vrijwel stilligt, en winkels en bedrijven dicht zijn, komt de klap in deze wijken het hardst aan. „We krijgen steun van kerken, van ngo’s, van supermarkten en rijke families in Copacabana die ons voedselpakketten sturen”, zegt Da Silva. In deze tijden van nood groeit volgens haar de solidariteit in het zeer ongelijke Brazilië.

Het IMF voorspelde dinsdag een krimp van ruim 5 procent in 2020 voor Brazilië, net als voor de hele regio Latijns-Amerika

Tot enkele jaren geleden werd Brazilië geroemd als BRICS-land, een opkomende (regionale) grootmacht, net als Rusland, India, China en Zuid-Afrika. Na enkele jaren economische malaise, en nu de corona-epidemie, blijkt hoe fragiel het Braziliaanse groeiwonder was. Het land vreest terug te vallen in de diepe armoede die het begin deze eeuw razendsnel afschudde. Het IMF voorspelde dinsdag een krimp van ruim 5 procent in 2020 voor Brazilië, zoals voor de hele regio Latijns-Amerika.

Geen vangnet voor informele werkers

Marta da Silva en haar negen familieleden –twee zussen, een neef, haar moeder en haar vier kinderen – wonen in een half afgebouwd huisje in een van de smalle steegjes van Cantagalo. Net als circa 40 procent van haar landgenoten werkt ze in de informele sector: ze lakt nagels en hosselt wat bij als verkoopster. Maar nu alles stilligt, komt er geen cent binnen. „Ik leef normaal gesproken van wat ik per dag verdien. Maandelijks leggen mijn zussen en ik geld bij elkaar, waar we boodschappen van doen.”

Om negen mensen te eten te geven, hebben ze minimaal 2.000 real per maand nodig (ongeveer 350 euro). Daarbij komen dan nog elektriciteits- en telefoonkosten, ongeveer 500 real. „We betalen geen huur, want we hebben dit huisje zelf opgebouwd, al jaren. Iedere keer als we wat extra geld hebben, bouwen we verder.”

Da Silva is op weg naar de bank, in de hoop de uitkering te innen die beschikbaar is gesteld vanwege de coronacrisis. De kwetsbaarste burgers en kleine zelfstandigen is een bedrag van maandelijks 600 real (ruim 100 euro) beloofd. „Van het pakket dat we met Pasen kregen, kunnen we nog de rest van de week leven. Maar daarna?” Ook vraagt ze zich bezorgd af wat er gebeurt na deze gezondheidscrisis? „Hoe groot is de economische klap? Bedrijven die failliet gaan, winkels die sluiten, werknemers die op straat staan – vallen we weer helemaal terug?”

Aan de zijkant van de trap naar de sloppenwijk ligt een man te slapen. Naast hem staat een leeg plastic bord. De groei van de armoede in de favela, maar ook beneden in het rijke Copacabana, is in een paar weken snel zichtbaar geworden. De voorheen zo bruisende, iconische strandwijk is groezelig geworden en overgenomen door zwervers en dakloze families die hun huis zijn kwijtgeraakt nadat ze geen huur meer konden betalen.

Bij velen heerst de vrees dat Brazilië, een van de meest ongelijke landen ter wereld, terugvalt naar het niveau van twee decennia geleden. Vooral onder president Luiz Inácio ‘Lula’ da Silva (2003-2011) maakte het land een spectaculaire economische ontwikkeling door, aangejaagd door stijgende grondstoffenexporten.

Lula, zelf van arme komaf, zette die groei in voor armoedebestrijding, via sociale programma’s en gezinsuitkeringen. Honger werd effectief bestreden en circa 40 miljoen Brazilianen klommen uit de ergste armoede op naar de groeiende middenklasse. De laatste jaren ging Brazilië gebukt onder een economische crisis, die zich door de coronacrisis zal verdiepen: een vangnet heeft het land niet.

Marta da Silva met haar zoon Andre (9) in de sloppenwijk Cantagalo in Rio. Foto Pilar Olivares

Maaltijden koken van giften

Dat de honger alweer terugkeert, ziet ook kok Carlos Almeida (32) in zijn sloppenwijk Chapéu Mangueira. Veel bewoners werken normaal als verkoper op het strand van Copacabana of verhuren stoelen en parasols. Nu de stranden zijn gesloten, hebben ze geen inkomsten. Almeida, die een maand voor de Covid-19-uitbraak terugkeerde uit de VS, besloot voor hen te gaan koken. „Ik had net een nieuwe baan in een restaurant in Rio, maar verloor die toen ze dicht moesten.” Hij kookt nu maaltijden van individuele giften als bonen, rijst, kip. „We zitten allemaal in het zelfde schuitje in de wijk en veel mensen hebben echt honger.”

Marta da Silva haalt teleurgesteld haar pinpas uit de geldautomaat. De zeshonderd real van de overheid blijkt nog niet gestort; morgen probeert ze het weer. Ondertussen hoopt ze te overleven met de steun van het onderwijsproject Edumais, dat haar in het weekend het voedselpakket bezorgde. Met wereldwijde donaties gaat deze organisatie – in 2016 opgericht door de Nederlandse manager Diana Nijboer – nog eens ruim zeshonderd extra pakketten verspreiden in de wijk.

Da Silva: „Ik was een zelfstandige, harde werker en nu ben ik volledig aangewezen op voedselpakketten. Het helpt enorm, maar het blijft toch onzeker, want stel dat er volgende week geen pakket komt? Ik probeer kalm te blijven en te bidden. Dat is het enige wat we nu kunnen doen.”