Duitsland trekt royaal de portemonnee voor kunst

Duitse steunmaatregelen De Duitse regering reserveert 50 miljard euro voor kleine ondernemers en zelfstandigen, onder wie kunstenaars, galeriehouders en kleine uitgevers.

‘Samen tegen corona’: muurschilderingen in Berlijn.
‘Samen tegen corona’: muurschilderingen in Berlijn. Foto’s EPA

Dat kunst en cultuur van wezenlijk belang zijn staat in Duitsland buiten kijf, ook voor de politiek. En dus maakte de regering snel duidelijk dat de culturele sector in de coronacrisis kan rekenen op financiële steun.

„Cultuur is geen luxe, maar elementair voor de maatschappelijke samenhang in ons land”, zei minister van Cultuur Monika Grütters (CDU) afgelopen zomer al bij de presentatie van haar begroting voor 2020. En nu de sector hard getroffen wordt door de maatregelen die het coronavirus moeten indammen, herhaalt Grütters dat niet alleen in allerlei toonaarden, ze voegt bij die woorden ook daden.

Duitsland trekt royaal de portemonnee, en met een voortvarendheid waar de doorgaans trage en bureaucratische Duitse overheidsinstellingen bepaald niet om bekend staan. Opmerkelijk is bovendien dat de landelijke regering redelijk soepel lijkt samen te werken met de zestien deelstaten, die op allerlei terreinen, waaronder kunst en cultuur, een grote eigen verantwoordelijkheid hebben.

De culturele sector werd meteen met name genoemd, toen Angela Merkels coalitieregering van CDU/CSU en SPD in maart haar omvangrijke reddingspakket voor de economie presenteerde en binnen een week door beide Kamers van het parlement loodste. Als onderdeel van dat pakket wordt het enorme bedrag van 50 miljard euro uitgetrokken voor kleine ondernemers en zelfstandigen, onder wie kunstenaars, boekhandelaren, galeriehouders en kleine uitgevers.

Digitaal aanvragen

Deze onmiddellijke steun (‘Soforthilfe’) is bedoeld om lopende kosten als de huur nog te kunnen betalen. Het gaat om geld (tot 15.000 euro) dat meteen digitaal aangevraagd kan worden en niet hoeft worden terugbetaald.

Lees ook dit opiniestuk van Cornald Maas: ‘Kabinet, red ook de kunsten’

Maar compensatie voor weggevallen inkomsten is het niet. En het biedt ook geen soelaas voor bijvoorbeeld musici, acteurs of schrijvers die geen atelier hebben waarvoor ze huur betalen of andere vaste kosten.

Ook de toezegging dat het ministerie van Financiën soepel zal zijn bij het verlenen van uitstel van belastingbetaling, biedt weinig uitkomst aan kunstenaars die al weinig verdienen en dus weinig belasting betalen. Schrale troost is verder dat wie door de coronacrisis al zijn inkomsten ziet wegvallen, makkelijker in aanmerking komt voor een bijstandsuitkering: er zal de komende zes maanden niet gekeken worden of de aanvrager over een vermogen beschikt.

Ergernis is er bij sommige kunstenaars bovendien over dat Grütters weliswaar de mond vol heeft over het bijzondere maatschappelijke belang van de kunsten, maar dat kunstenaars desondanks net zo behandeld worden als andere zelfstandigen en kleine ondernemers. Een apart noodfonds voor kunst en cultuur is er niet.

Deelstaten

Wel hebben sommige deelstaten hun eigen financiële steunmaatregelen voor zelfstandige kunstenaars: Noordrijn-Westfalen stelde 2.000 en Berlijn zelfs 5.000 euro per aanvrager beschikbaar, wat aanvragers al binnen enkele dagen op hun rekening kregen.

Maar in Berlijn was de pot snel leeg. En Noordrijn-Westfalen zette de uitbetaling tijdelijk stop na aanwijzingen dat er gefraudeerd werd met valse digitale aanvraagformulieren.

Voor de podiumkunsten en bioscopen is het perspectief extra somber. Door de regels voor social distancting moeten zij er rekening mee houden dat het lang zal duren voor zij hun publiek weer kunnen ontvangen.

Tegoedbonnen

Om organisatoren van concerten en andere voorstellingen financieel wat lucht te geven, heeft de regering tot een zogenoemde ‘tegoedbonregeling’ besloten. Reeds verkochte kaartjes van voorstellingen die zijn afgelast door de coronacrisis hoeven voorlopig niet terugbetaald te worden. In plaats daarvan krijgen de bezitters van een kaartje een tegoedbon, die ze kunnen benutten als de voorstelling later alsnog doorgaat. Pas als de tegoedbon op 31 december 2021 nog niet is ingewisseld, moet het geld worden terugbetaald. Een consumentenorganisatie bekritiseerde deze aanpak als „afgedwongen solidariteit”.

De regering van de deelstaat Berlijn is doordrongen van het belang van de creatieve sector voor de stad. Vorige week besloot ze daarom nog eens dertig miljoen euro uit te trekken, deze keer voor bedreigde particuliere cultuurinstellingen zoals theaters, clubs, cabarets, musea en orkesten met meer dan tien medewerkers en een omzet van minder dan tien miljoen euro. Het van de ene dag op de andere wegvallen van inkomsten uit kaartverkoop en consumpties is voor deze instellingen veelal een directe bedreiging van het voortbestaan.