Necrologie

Dirk van den Broek wist hoe hij de massa kon bereiken

Dirk van den Broek (1924-2020) | oprichter supermarktketen Als een van de eerste kruideniers zag Dirk van den Broek de mogelijkheden van zelfbediening. Lage prijzen werden zijn kenmerk.

Dirk van den Broek in 1990. Zijn motto: beter twaalf keer een dubbeltje verdienen dan vier keer een kwartje.
Dirk van den Broek in 1990. Zijn motto: beter twaalf keer een dubbeltje verdienen dan vier keer een kwartje. Foto ANP

Voor klanten was het behoorlijk wennen, zelfs een beetje ongemakkelijk misschien. Een winkel waarin niet de kruidenier je meel en suiker afwoog en in zakjes verpakte, maar waar de consument met een mandje in de hand zélf zijn boodschappen bij elkaar sprokkelde. Wat moesten voorbijgangers wel niet denken? Dat de winkelier bestolen werd?

Toen Dirk van den Broek, die vorige week woensdag op 96-jarige leeftijd overleed, eind jaren veertig zijn levensmiddelenzaak ombouwde tot ‘zelfbedieningswinkel’ liep het niet meteen storm. „De mensen stonden met hun neuzen tegen de ramen, maar binnenkomen, ho maar”, zei hij daarover jaren later in Het Parool. En dus moest Van den Broek ze het zelf uitleggen: „Kijk Piet, je stopt je spullen in dit mandje en dan loop je ginds naar mijn vrouw, bij haar mag je het afrekenen.”

Van den Broek was niet de eerste Nederlander die heil zag in zelfbediening – een nieuwigheid die overwaaide uit de Verenigde Staten. In het boek 50 jaar zelfbediening in Nederland, geschreven door Gerard Rutte, valt te lezen hoe de Nijmeegse Chris van Woerkom al kort na de Tweede Wereldoorlog stellingen vol levensmiddelen in zijn winkel plaatste. „Een stukje Amerika in Nijmegen”, luidde de tekst op een folder van Van Woerkom in het voorjaar van 1949. „Zelfbedienen is geld verdienen.”

Toen Van den Broek over zelfbediening las, wist hij meteen: dit is de toekomst

Wel was Van den Broek de eerste die in Amsterdam experimenteerde met het model. Als zoon van een veehouder trok hij voor de oorlog al op vijftienjarige leeftijd door Oud-West om melk te verkopen – waarna hij in 1942 een melkwinkel opende aan het Mercatorplein. Toen Van den Broek over zelfbediening las, wist hij meteen: dit is de toekomst. „Zo kon je mensen voordelig leveren en zouden ze dus in massa’s naar je toe komen”, tekende vakblad Distrifood ooit op.

Een goede prijs was volgens Van den Broek daarbij cruciaal. Want als de klant zijn melk voor dezelfde prijs elders kon halen, waarom zou hij dan naar jou toekomen? De Amsterdammer richtte zich met zijn winkels nadrukkelijk op de onderkant van de samenleving, zegt Jan-Willem Grievink, die jarenlang schreef voor vakbladen en nu directeur is van kennisinstituut FoodService Instituut Nederland. „Een van zijn motto’s was: je kunt beter twaalf keer een dubbeltje verdienen dan vier keer een kwartje.”

Goedkoop, sober, efficiënt

De winkels van Van den Broek kenmerkten zich door hun goedkope aanbod, de sobere inrichting en de efficiënte manier van werken, aldus Grievink. Alles om de prijzen laag te houden. „Dirk van den Broek deed niet aan dure hoofdkantoren. Het was gewoon een kwestie van producten stampen, grote borden met scherpe aanbiedingen. Aan die stijl is hij heel erg trouw gebleven.”

In de jaren zeventig en tachtig breidde Van den Broek, net als veel andere supermarktondernemers, in rap tempo uit. Dat deed hij door zelf winkels te openen, maar ook door overnames. Hij begon supermarktketen Digros, en nam de winkels van de Zuid-Nederlandse formules Bas van der Heijden en Jan Bruijns over. Pas in 2014 werden al die pakweg honderd filialen omgedoopt tot kortweg Dirk – zonder de achternaam.

Van den Broek hield het niet bij levensmiddelen alleen. Hij opende in de jaren vijftig ook verschillende restaurants, zoals ‘Dirck Dirckz’ en fastfoodketen ‘Happy Dick’. Ook begon hij een drogisterij- en een slijterijketen en richtte hij in 1965 een goedkope reisorganisatie op, die later zou worden omgedoopt tot D-Reizen.

Zijn zonen Jan, Henk en Dirk junior bereidde Van den Broek op dat moment al voor op het overnemen van het familiebedrijf. Zelf deed hij in 1977, op 55-jarige leeftijd, de stap terug tot commissaris. En ruim tien jaar later legde hij ook die rol neer. Bij Dirk gaan bestuurders relatief vroeg met pensioen, weet marktkenner Grievink. „Van den Broek wilde voorkomen dat hij heel lang zou blijven hangen. De nieuwe generatie moest ook de ruimte krijgen.”