Foto Francisco Seco/AP

Interview

‘Alleen samen kunnen we de schuldenberg aan’

Eurogroepvoorzitter Mário Centeno Het financiële bluswerk is nog maar net begonnen, zegt Eurogroep-baas Mário Centeno. In een nieuw herstelfonds moet 1.000 tot 1.500 miljard euro komen. „En de tijd dringt.”

De ‘Cristiano Ronaldo’ van de Europese ministers van Financiën, zo luidde de bijnaam van de Portugees Mário Centeno toen hij zijn land er na de eurocrisis bovenop hielp. Een crisis later, nu als voorzitter van de Eurogroep, evenaart hij opnieuw de behendige slaloms – in politieke zin dan – van zijn voetballende landgenoot. Vorige week was Centeno de regisseur van een akkoord over de Europese financiële ‘bazooka’ (540 miljard euro) waarmee de 19 eurolanden de ergste economische klappen van de coronacrisis hopen op te vangen. Er gingen weken van ongekende politieke ruzies aan vooraf tussen Noord- en Zuid-Europa. Toch lukte het Centeno er een compromis uit te slepen.

„Als je aan het stuur zit moet je je emoties in bedwang houden”, zegt hij in een interview met NRC en vier andere Europese kranten. „Ik richt me maar op één ding: het vinden van een oplossing.”

Herhaaldelijk geeft hij aan dat het financiële bluswerk in de crisis nog maar net begonnen is. Wat Centeno dan nog niet weet, is hoe gitzwart de economische voorspellingen zijn die het IMF een paar uur na het interview zal afgeven. Met een krimp van 7,5 procent glijdt de eurozone af in een depressie. Wat is 540 miljard dan nog waard?

Het akkoord voorziet in een financieel vangnet van 240 miljard euro aan leningen uit het ESM-noodfonds, 200 miljard extra vuurkracht voor de Europese Investeringsbank en 100 miljard in een nieuw op te tuigen Europees werkloosheidsfonds. Over gezamenlijke uitgifte van schuldpapier – euro-obligaties, inmiddels omgedoopt tot ‘corona-obligaties’ – wordt in het akkoord niet expliciet gesproken. Tot opluchting van Nederland, fel tegenstander. Maar Italië blijft juist hameren op de obligaties. Het akkoord vermeldt ook een ‘herstelfonds’ en de belofte om te zoeken naar ‘nieuwe financiële instrumenten’.

Komen via de achterdeur de corona-obligaties alsnog terug op tafel, als ‘nieuw instrument’?

„Ik sluit ze niet uit. Een groep landen streeft naar gezamenlijke schulduitgifte. Andere landen zoeken naar alternatieven. Maar één ding is duidelijk: de oude crisishandboeken fungeren niet meer. We moeten innovatief, out of the box denken.”

Wat behelst het herstelfonds?

„We ervaren een ongekende economische schok waarvan we gezamenlijk moeten herstellen. Daartoe dient dat herstelfonds. Elk land komt uit deze crisis met enorm veel schulden. Alleen sámen kunnen we de schuldenberg aan. Om na de pandemie de economie weer op te bouwen moeten we zorgen voor gezamenlijk afspraken over hoe we de kosten van de schuld over de tijd uitsmeren. Over de benodigde instrumenten wordt hard nagedacht.”

Wat is er mis met het gemeenschappelijk maken van onze belangen? Daar is Europa op gebaseerd

Mario Centeno

Dat betekent het ‘mutualiseren’ van schuld. Daar staan Nederlandse politici angstvallig tegenover.

„Wat is er mis met mutualiseren? Onze hele Europese interne markt is gebaseerd op mutualiseren: het gemeenschappelijk maken van onze belangen. We kopen elkaars bloemen en pasta. Mijn land Portugal is voor 75 procent van zijn export afhankelijk van de EU. In Nederland ligt dat percentage nog hoger. Wat doet Nederland straks, als we nu falen met het oplossen van onze gezamenlijke problemen?”

Hoeveel geld komt er in dat fonds?

Centeno begint eerst over „één tot anderhalve miljard euro” maar corrigeert zich snel. „Sorry, ik moet nog even wennen aan de astronomische bedragen. Ik denk dus aan 1.000 tot 1.500 miljard euro.”

U zegt: uitsmeren over de tijd. Hoe lang kan Europa zich die schuldenlast veroorloven?

„Sowieso moeten we er rekening mee houden dat we, in het beste scenario, pas eind 2022 weer kunnen terugkeren naar het economische peil van 2019. Na 2022 blijven we nog lang kampen met het schuldenvraagstuk. Daar zullen we aan moeten wennen.”

In de vorige crisis was het medicijn: bezuinigen.

„Dat moeten we dit keer voorkómen. Van de fouten van toen hebben we geleerd. Een EU-interne markt bestaat niet zonder markten, dus moet je de markten in Europa niet kapot gaan bezuinigen.”

Wanneer kan het fonds worden opgetuigd?

„Nadat we gezamenlijk in Europa de lockdowns hebben opgeheven. Pas dan weet je wat de specifieke economische schade en de noden per land zijn.”

Op de Europese top op 23 april moeten de regeringsleiders het eens worden. De ruzie de afgelopen weken belooft weinig goeds. Staan landen als Italië en Nederland lijnrecht tegenover elkaar?

„Ik ben optimistisch over een compromis waarbij elke partij de winst kan claimen. En vergeet niet dat we met de ministers van Financiën het pakket van 540 miljard dat er nu ligt in korte tijd voor elkaar hebben gekregen. Tijdens de eurocrisis kostte het járen voor er wat was. Die tijd hebben we nu niet. Deze crisis is qua ernst niet te vergelijken met de vorige.”