Verdienmodel ‘big pharma’ is niet meer gericht op vaccins

Big Pharma De coronapandemie laat de achilleshiel zien van het bedrijfsmodel van de grote beursgenoteerde farmaceuten, stelt onderzoeker Rodrigo Fernandez.

Zoeken naar niches levert grote farmaceuten vaak meer op dan fundamenteel onderzoek naar wijdverbreide ziektes, ziet de onderzoeker.
Zoeken naar niches levert grote farmaceuten vaak meer op dan fundamenteel onderzoek naar wijdverbreide ziektes, ziet de onderzoeker. Foto EPA

Toegewijde artsen en onderzoekers in strakke laboratoria. Gloedvolle teksten over samenwerking, leiderschap en gezondheid: de recente reclamecampagnes en publieksuitingen van de grote farmaceutische bedrijven laten de knapste kant van de industrie zien. Stuk voor stuk werken de medicijnfabrikanten keihard aan het bestrijden van de coronapandemie. En nee, ze doen dat niet voor het geld, maar voor de mensheid, is de boodschap.

Wie echter het verdienmodel van de farmaceutische industrie in de afgelopen decennia onder de loep neemt, komt tot een heel andere conclusie. Want de farmaceuten blijken zakelijk gezien steeds minder gericht op het uitvinden of produceren van breed toegankelijke medicijnen of vaccins tegen virussen als corona. En steeds meer gericht op het aangaan en exploiteren van lucratieve financiële constructies.

Voorbeelden zijn de uitdijende schulden van de bedrijven, hun groeiende reserves, de inkoop van eigen aandelen, torenhoge dividenduitkeringen en de geëxplodeerde handel in start-upbedrijven en patenten van veelbelovende nieuwe medicijnen. Andere uitingen van de toegenomen aandacht voor financieel rendement zijn de achterblijvende investeringen in eigen farmaceutisch onderzoek en de steeds hoger wordende medicijnprijzen. Daarin verschillen de grote farmaceuten, van Johnson & Johnson tot Novartis, van Roche tot Pfizer, nauwelijks van elkaar.

Achilleshiel

Al met al laat de coronapandemie de achilleshiel van het bedrijfsmodel van de grote beursgenoteerde farmaceuten zien, zegt onderzoeker Rodrigo Fernandez van onderzoeksbureau SOMO. Hij onderzocht de afgelopen maanden samen met een collega de jaarrekeningen van de 27 grootste farmaceutische bedrijven over de periode 2000-2018. Het bijbehorende rapport over de ‘financialisering van big pharma’ wordt deze dinsdag gepubliceerd.

„De wereld kijkt naar de farmaceutische sector voor oplossingen voor de coronapandemie, maar we moeten ons goed realiseren hoe de sector werkt”, zegt Fernandez. „In essentie is het verdienmodel van de farmaceuten onhoudbaar. Ze hebben enorme bedragen geleend zonder dat daar investeringen tegenover stonden. De aandeelhouders hebben de afgelopen jaren simpelweg te veel waarde onttrokken aan de bedrijven. Dat geld is weg en kan nu niet worden gebruikt voor bijvoorbeeld coronaonderzoek.”

In essentie is het verdienmodel van de farmaceuten onhoudbaar

Rodrigo Fernandez onderzoeker

Onderschat daarbij niet hoe sterk financiële overwegingen het medicijnenonderzoek sturen, zegt Fernandez. Een voorbeeld zijn de onderzoeken naar vaccins en medicijnen die ontstonden rond de uitbraak van sars in Azië in 2003 en ebola in West-Afrika in 2014. Na aanvankelijk enthousiasme droogde de financiering voor dit onderzoek op, omdat de uitbraken (en daarmee de potentiële winsten) uitdoofden. Veel onderzoek naar een coronabehandeling borduurt nu, jaren later, echter voort op dit soort niet-doorgezette studies.

Ondertussen zijn de aandeelhouders de grote winnaars van het veranderde bedrijfsmodel van de farmaceuten, aldus Fernandez. Uit zijn onderzoek blijkt dat tussen 2000 en 2018 de jaarlijkse uitkeringen aan de aandeelhouders van de 27 grootste farmabedrijven verviervoudigden, tot 146 miljard dollar (134 miljard euro) in 2018. De helft daarvan vloeit naar de aandeelhouders via sterk gestegen dividenduitkeringen, de andere helft via het inkopen van eigen aandelen – wat de beurskoersen opdrijft.

Lees ook hoe farmaceuten door Covid-19 nu veel meer interesse hebben in het ontwikkelen van vaccins: Opeens zoekt iedereen hét vaccin

Sterk stijgende schulden

In dezelfde periode, blijkt uit het onderzoek van Fernandez, stegen de schulden van de farmaceuten sterk, tot meer dan 500 miljard euro in 2018. Dat extra geld – geleend tegen zeer lage rentes – ging naar inkoop van eigen aandelen en naar het opkopen van concurrenten en biotechnologische start-upbedrijven met een veelbelovend nieuw medicijn in portefeuille.

„In 2002 hadden de grootste tien farmaceuten ter wereld nog bijna geen goodwill voor dit soort bedrijven op hun balans staan”, zegt Fernandez. „In 2018 ging het om 270 miljard dollar. Dat laat zien hoe de sector is veranderd. Oorspronkelijk ging het om het ontwikkelen, produceren en verkopen van medicijnen, maar inmiddels wordt er veel meer geld verdiend met het opkopen en monopoliseren van intellectueel eigendom rond nieuwe medicijnen.”

Om die reden, zegt onderzoeker Irene Schipper (ook van SOMO), is het zo belangrijk om vast te leggen dat de golf aan publiek geld die beschikbaar komt voor onderzoek naar corona, niet alleen leidt tot een aantal superwaardevolle patenten die de farmaceutische industrie vervolgens jarenlang naar eigen inzicht kan uitbuiten.

Lees meer over het delen van Corona-patenten: Druk op farmaceuten om coronapatenten te delen

Samen met zestig Europese ngo’s stuurde SOMO hierover eind vorigemaand een brief aan de Europese Commissie, die veel geld heeft vrijgemaakt voor coronaonderzoek. Het moet met coronamedicijnen en vaccins geen ‘business as usual’ worden, staat in die brief. Dat wil zeggen dat „marktdynamiek de hoogte van de prijs van een eventueel medicijn dicteert, ten koste van snelle toegang. Of dat financiële overwegingen – in plaats van gezondheidsbelangen – richting geven aan waar en wanneer producten beschikbaar zullen zijn”.

De Nederlandse overheid ziet dit belang, blijkt uit een recente Kamerbrief. Daarin schrijft minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) dat Nederland welwillend staat tegenover het voorstel om wereldwijde kennis en patenten over corona te delen in een „een internationale pool voor intellectueel eigendom inzake Covid-19”.

Maar zoiets valt niet af te dwingen, zegt Schipper. „We zien dat universiteiten in de coronacrisis veel sneller hun kennis aan het delen zijn dan voorheen. Ze wachten nu niet totdat een bevinding is gepubliceerd in een tijdschrift, maar maken hun bevindingen direct openbaar. Idealiter gaan de farmaceutische bedrijven dat ook doen, zeker als ze publiek geld hebben gekregen voor coronaonderzoek.”

Niches voordeliger

Onderzoek dat Schipper eerder deed op dit terrein stemt echter somber. Zij concludeerde vorig jaar dat de Nederlandse overheid nauwelijks voorwaarden verbindt aan de honderden miljoenen die het via universiteiten, start-upsubsidies en andere faciliteiten investeerde in medicijnontwikkeling. „Het gebeurt dat een nieuw medicijn dat met veel overheidsgeld is ontwikkeld, zo excessief wordt geprijsd door de farmaceut die uiteindelijk het patent in handen heeft gekregen dat diezelfde overheid die prijs niet kan vergoeden.”

Het grote probleem, zegt Schipper, is dat het financieel vaak voordeliger is voor de grote farmaceuten om op zoek te gaan naar niches dan om fundamenteel onderzoek te doen naar wijdverbreide ziektes. „Er is bijvoorbeeld wereldwijd echt behoefte aan nieuwe antibiotica en aan betere medicijnen tegen malaria en tbc. Toch doen de grote farmaceuten hier nauwelijks onderzoek naar. Die kopen liever een start-upbedrijfje en brengen jaren later een kankermedicijn op de markt dat een paar ton per behandeling kost. In die val moeten we niet trappen, in de huidige pandemie.”