Een bijna normale Pasen

Lezers Veel NRC-lezers hebben het zo slecht niet, is het besef. In de tuin eitjes zoeken kan ook digitaal en voor de gezamenlijke paasbrunch klap je gewoon tegelijk de laptop open. En toch.

Riet Engelen lunchte met haar kleinkinderen, op afstand.
Riet Engelen lunchte met haar kleinkinderen, op afstand.

Zo anders verliep Pasen niet, op het oog. Elke Meiborg (57), psycholoog, vierde het feest zoals elk jaar met haar partner in hun tuin in het Groningse Loppersum. Broodjes erbij, gebak, koffie, thee, eitje tikken. De zon scheen, het was vredig. Maar het gevóél, was dat hetzelfde? „Nee, helemaal niet. Mensen uit mijn praktijk bellen me omdat ze hun baan kwijt zijn, zonder geld zitten, eenzaam zijn. En ook ik voel de onzekerheid: hoe gaat het verder met de wereld?”

„Wat doet u met Pasen tijdens de coronacrisis?” vroeg NRC zijn lezers. De oproep leverde tientallen reacties op en evenzoveel foto’s van prachtige tuinen, gedekte tafels en glazen witte wijn. Veel lezers hebben het zo slecht niet, is het besef. In de tuin bij opa en oma eitjes zoeken kan ook prima digitaal en voor de gezamenlijke paasbrunch klap je gewoon tegelijk de laptop open.

En toch.

Behoefte aan contact

„Na het ontbijt zette ik even de tv aan om te kijken naar de toespraak van de paus”, zegt Ferry Ballhaus (66) uit Loosduinen. „In z’n eentje in die enórme Sint Pieter, heel vervreemdend.” Bianca van der Mik (39), die normaal bezoekers verwelkomt in haar kerk, de City Life Church in Den Haag, verzorgde ditmaal livestreams van de paasviering. Ze is blij met de nieuwe online mogelijkheden. De mensen van haar kerk appen en zoomen, nieuwe gelovigen loggen in en het bereik neemt toe – laatst was er iemand uit Indonesië ingelogd. „Maar wat ik echt mis is het moment na de dienst. Even napraten, omhelzen, vragen: hoe is ’t?”

De Amsterdamse hbo-student Simone Schwab (19) zou Pasen vieren bij haar ouders, maar dat ging niet door. „M’n moeder heeft een zakje eitjes toegestuurd.” Ze woont antikraak, vloog als laatste het gezin uit en had juist nu veel zin om haar ouders, zussen en broer weer te zien. Nu dat niet kan, brengt ze wellicht haar hulpbehoevende buurman nog een bordje pasta. Ook geeft ze sinds de coronacrisis telefonisch les aan iemand die de Nederlandse taal niet machtig is. Haar digitale schoolwerk voelt nu soms wat doelloos, iets voor een ander doen geeft haar meer voldoening, merkt Schwab. „Dan hou ik ook zelf deze situatie beter vol.”

Lees ook de Grote Thuisblijfgids: alles wat je nodig hebt om het thuisblijven te overleven

De paasviering met zeventien man aan een lange tafel in de Ardennen ging niet door, „maar onderaan de streep ben ik nu toch socialer dan anders”, zegt Marie Cecile Groenland (50) uit Rotterdam. Ze woont alleen en heeft normaal gesproken een druk bestaan als forens. Maar in plaats van filerijden, loopt ze nu elke ochtend een rondje door het centrum van de stad – „zo stil als op een zondagochtend in vroeger tijden” – en thuis staat nu de hele dag wel ergens een scherm open voor een gesprek met vrienden of familie. „Ik spreek ze nu veel meer dan ooit, we nemen echt de tijd.”

Leven als een monnik

„Mensen zijn in deze tijd aardiger voor elkaar”, merkt Ineke Putto-Pauk (73) uit Leiderdorp. „Op straat wordt meer gegroet, je komt elkaar vaker tegen tijdens een rondje door de buurt.” Ze hoopt dat er na de coronatijd een beetje van die hartelijkheid zal blijven. En ook Marget Kaandorp (68) uit Amsterdam heeft nu ondanks de fysieke barrières meer tijd voor de mensen om haar heen. Ze prijst zich gelukkig, is niemand door corona verloren, en vindt: we moeten niet zeuren, „oorlog is erger”. Al voelt het huiselijke leven als dat van „een monnik” en is de „schichtige” gang door de supermarkt „alsof je in een boek bent beland dat nog uitgegeven moet worden”. Maar ze ziet ook voordelen: „Ik woon in de Jordaan en daar is het nu heerlijk rustig. Geen toeristen!”

„Rustig?” Jan Muijser (50), woonachtig in dezelfde buurt, heeft het hele paasweekend al last van de bovenburen, een drietal studenten op driehoog. „Harde muziek, geschreeuw op het balkon, vrienden over de vloer.” Anderhalve meter afstand? „Het lijkt wel alsof ze nu juist dichter tegen elkaar aan kruipen.” Zaterdagnacht belde hij de politie, „maar die had geen tijd”. Nu heeft hij een doos ijsjes gekocht om z’n bovenburen mee te paaien. „Minichoco’s.”

Een écht rustig Pasen beleeft Jan Wim Bugel (78), die al wekenlang in een „kleine, veel te dure” hotelkamer vast zit in het Indiase Mumbai. Tot vier uur ’s middags mag er vanwege de lockdown niemand de straat op, dus zit Bugel dagelijks urenlang in de kamer op z’n tablet en maakt hij ’s middags het gebruikelijke rondje door de buurt. In het hotel zit nog een handvol gasten die zijn blijven steken. Het hotelpersoneel, twee jongens, wordt steeds later wakker. „Die liggen de hele dag bij de balie beneden achter YouTube.”

Laten we elkaar in deze tijd niet besmetten met corona, maar „met hoop”, had de paus in zijn toespraak op zondag gezegd. Jan Wim Bugel hoopt op een vlucht terug naar huis.