Opinie

Een aardig nieuwsje: Tunesië eert vrouw met bankbiljet

De eerste vrouwelijke arts in Tunesië heeft nu een bankbiljet, las Carolien Roelants. Ze werd door vrouwen tot in Europa als voorbeeld gezien.

Dwars

Tegen al mijn (en uw?) verwachtingen in vond ik een aardig nieuwsje te midden van alle corona- en andere somberheid. Zoals wel vaker als het om positief nieuws gaat, komt het uit Tunesië, waar een prominente arts, dr Tawhida Ben Cheikh, sinds twee weken het bankbiljet van 10 dinar (3 euro) siert. Ze is de eerste echte vrouw op een Tunesisch bankbiljet; alleen een mythische, koningin Dido, ging haar voor.

Ik neem even een afslag naar vrouwen op bankbiljetten: vrouwen komen kennelijk maar op een schamele 15 procent voor. Wij en de Britten hebben natuurlijk onze koninginnen, Syrië heeft koningin Zenobia, en dan zijn er hier en daar nog een paar presidentes, maar daar blijft het wel zo’n beetje bij. Harriet Tubman, die tegen slavernij vocht, zou dit jaar op het Amerikaanse 20-dollarbiljet komen in plaats van president Andrew Jackson, slavenhouder. Maar vorig jaar werd bekend dat dit is uitgesteld tot na president Trumps (eventuele) tweede termijn. Voor alle duidelijkheid: in 2016 verketterde toen nog presidentskandidaat Trump dit Obama-initiatief als „zuiver politiek correct”. Tubman kon wel op een 2-dollarbiljet komen, vond hij. Jackson is een van Trumps favorieten.

Terug naar Ben Cheikh. Zij was – ze stierf in 2010 op 101-jarige leeftijd – een bijzondere vrouw. „Met een ongelooflijke kracht wilde ze de Tunesische vrouw helpen zich te bevrijden van al haar lasten”, zei haar dochter Zeïneb Benzina, zelf archeoloog, tegen Le Monde. Wat wel betekende dat zijzelf haar moeder nauwelijks had gekend in haar kindertijd „want ze werd in beslag genomen door haar humanistische gedrevenheid”.

De bevolking van Tunesië, een Frans protectoraat tot de onafhankelijkheid in 1956, was in die tijd zéér conservatief. Meisjes gingen nauwelijks naar school en Ben Cheikh was de eerste die de middelbare school afmaakte. Ik laat het Ben Cheikh zelf vertellen: ik vond op internet een erg leuk interview met haar uit 1990 in Motherhood by Choice: Pioneers in Women’s health and Familyplanning.

Daarin wijst ze allereerst naar haar moeder, jong weduwe geworden en „vroom moslim en zeer ruimdenkend”. Een vooraanstaande Franse arts/filosoof in Tunis adviseerde Ben Cheikh in Parijs medicijnen te gaan studeren en regelde haar opvang daar. Haar hele, conservatieve familie was fel tegen. Maar haar moeder kwam voor haar op: „Mijn dochter wil leren en jullie weten dat de islam mannen én vrouwen verplicht te leren en zich te verbeteren”.

Terug in Tunis in 1936 mocht ze als Tunesische vrouw niet in openbare ziekenhuizen werken – weer zo’n bewijs dat westers koloniaal bestuur helemaal niet zo verlicht was als sommigen wel denken. Ze ging het feministische maandblad Leila leiden, dat ijverde voor de emancipatie van de islamitische vrouwen in Noord-Afrika. En ze begon een eigen praktijk. Omdat veel vrouwen deze eerste vrouwelijke arts in Noord-Afrika met hun klachten overstroomden, rolde ze de gynaecologie en gezinsplanning in.

Na het aantreden als president van Habib Bourguiba in 1957 kreeg ze het tij mee. „Hij was erg vooruitstrevend voor zijn tijd, niet alleen in Noord-Afrika, maar in de hele Arabische wereld en Afrika.” Ik voeg daaraan toe: wat betreft vrouwenrechten ja, maar verder was hij een ordinaire sterke man. Maar goed. Ben Cheikh richtte de eerste gezinsplanningkliniek op, en werd begin jaren zeventig tot in Europa als voorbeeld gezien. In 1973 werd in Tunesië abortus gelegaliseerd (in Nederland in 1984).

Ben Cheikh was in 2012 al op een postzegel getrakteerd.

Carolien Roelants is Midden-Oostenexpert en scheidt op deze plaats elke week de feiten van de hypes.