Analyse

Vooral de Nederlandse koppigheid blijft hangen

EU-akkoord Na drie dagen van moeizame onderhandelingen ligt er een akkoord over een Europees noodfonds. Zonder gezichtsverlies, maar mét veel losse eindjes. De boodschap: Europa is er niet alleen voor de banken, maar ook voor de burger.

Eurogroep-voorzitter Mário Centeno (midden), op de persconferentie na afloop van het video-overleg over Europese noodhulp.
Eurogroep-voorzitter Mário Centeno (midden), op de persconferentie na afloop van het video-overleg over Europese noodhulp. Foto Patricia de Melo Moreira/ EU Council

Tussen de tweets zitten donderdagavond precies twee minuten - en een wereld van verschil.

Om 22:14 uur meldt Roberto Gualtieri tevreden dat Rome de buit binnen heeft in de al dagen slepende onderhandelingen over de Europese noodhulp. De strenge voorwaarden waarvoor Nederland pleitte „zijn van tafel”, aldus de Italiaanse minister van Financiën. Om 22.16 uur claimt Wopke Hoekstra precies het tegenovergestelde. De noodhulp komt er, maar „daar horen wel voorwaarden bij”, aldus de Nederlandse minister van Financiën.

Een moeizaam tot stand gekomen akkoord dat voor velerlei uitleg vatbaar is. Iedereen wint, niemand lijdt gezichtsverlies. Europeser kan het haast niet.

Toch zal Den Haag ook bezorgd terugkijken op een paar weken waarin Nederland ongemeen fel onder vuur kwam te liggen. Aan een eurozone-akkoord gaat áltijd strijd vooraf, maar dat Nederland ditmaal iedereen van zich vervreemdde – het was zelfs de traditionele bondgenoot Berlijn even kwijt – is opmerkelijk; Duitsland groeide wél naar Frankrijk toe. In grote Europese kranten werd gedetailleerd ingegaan op de Nederlandse politieke context die tot zo’n onwrikbare opstelling had geleid. In de grote onderhandelingen die nog komen, over het klimaat, de EU-begroting en Brexit, heeft Nederland bondgenoten nodig. En terwijl het de scherven bij elkaar veegt, zal het zich vaak afvragen: was het dit het waard?

Lees ook: Zelfs Berlijn ergert zich nu aan de Nederlandse opstelling

Tijdens het drie dagen durende EU-overleg was het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) de belangrijkste splijtzwam. Wie leningen wil van dit na de eurocrisis opgerichte noodfonds, moet normaal gesproken akkoord gaan met strenge hervormingen. De Nederlandse eis om ook in de coronacrisis vast te houden aan dit principe bleek na drie dagen soebatten onhoudbaar. Hoekstra moest een veer laten, maar haalde ook iets binnen: ESM-leningen zijn in principe alleen beschikbaar voor de financiering van ‘zorg, genezing en preventie’, die direct of indirect met het virus samenhangt.

Open eindjes

Er zitten meer open eindjes in het akkoord. Zo is er een ‘herstelfonds’ aangekondigd waarmee de Europese economie, zodra het kan, weer snel op gang kan worden gebracht. Maar verder is er niet veel bekend: hoe gaat die steun eruitzien? Waar komt het geld vandaan? Nu de ministers uitgepraat zijn, gaat de tekst naar de regeringsleiders. Zij moeten duidelijkheid scheppen. Om te beginnen op 23 april. Vrijdag werd bekend dat dan een nieuwe EU-top wordt gehouden. De strijd is nog niet voorbij.

De aangekondigde omvang van het pakket – zo’n 500 miljard euro – klinkt fors, maar steekt bleekjes af tegen de 1.173 miljard die Duitsland uittrekt voor zichzelf alleen. Economen van verschillende Europese denktanks zijn kritisch: het pakket komt al te laat, is te beperkt en komt niet in de buurt van het soort steun dat bijvoorbeeld de Amerikaanse federale overheid kan mobiliseren.

Tegelijkertijd is het donderdagavond gesloten akkoord bijzonder, omdat er meteen veel aandacht is voor de dreigende sociale schade. Tijdens de financiële crisis van 2008, die zou uitmonden in de eurocrisis, lag de nadruk in Europa op het beperkt houden van begrotingstekorten en staatsschulden, en minder op het maatschappelijke bloedbad in vooral Zuid-Europa, met meer zelfmoorden en spectaculaire massawerkloosheid onder de jeugd. Ditmaal lijkt het besef er de EU zich niet nog meer verloren generaties kan veroorloven. Zo komt er een tijdelijke EU-regeling van 100 miljard euro om massaontslagen te voorkomen, bijvoorbeeld door middel van werktijdverkorting.

De boodschap: Europa is er niet alleen voor de banken, maar ook voor de burgers. De gedachte hierachter: ook rijkere eurolanden hebben er geen baat bij als andere landen door de coronacrisis nog verder achterop raken dan nu al het geval is. Laat je de verschillen in welvaart oplopen, dan scheurt uiteindelijk ook de interne markt en de gemeenschappelijke munt.

Permanent werkloosheidfonds

„We moeten ervoor zorgen dat we sámen groeien, en niet uit elkaar”, zei Mário Centeno, voorzitter van de eurogroep, het gremium van ministers van Financiën, donderdagnacht. Nederland is bezorgd: Hoekstra bedong donderdag dat de regeling geen opmaat mag zijn naar een permanent Europees werkloosheidsfonds.

Ook bijzonder: de snelheid waarmee Europa handelt. In deze crisis al vele malen sneller dan tien jaar geleden, al kan het gekissebis van de afgelopen dagen een andere indruk wekken. Financieel-economische regels zijn normaal heilig in de Europese Unie, maar juist die regels werden de afgelopen anderhalve maand in rotvaart buiten werking gesteld. Lidstaten spraken al af dat ze zich voorlopig niet aan de begrotingsregels hoeven te houden en zich ook geen zorgen hoeven te maken over het geven van staatssteun. Exportregels werden aangescherpt om te voorkomen dat cruciale beschermingsmiddelen uit Europa verdwenen. Het EU-budget werd leeggeperst om noodfondsen beschikbaar te maken.

Indrukwekkender nog was het offensief van de Europese Centrale Bank. Tijdens de kredietcrisis kwam de ECB ook in actie, maar het duurde lang voordat toenmalig voorzitter Mario Draghi met zijn befaamde ‘whatever it takes’ de onrust op de kapitaalmarkten suste. Nu handelde de ECB direct voortvarend: al op 12 maart kwam ze met een ongekend forse geldinjectie in de banken waarmee de ergste onrust voorlopig weggenomen werd.

Lees ook dit interview met Wopke Hoekstra: ‘Het is glashelder, van eurobonds is geen sprake’

Logge tanker

De EU is vaak omschreven als een logge tanker, die zich maar heel langzaam laat bijsturen. Maar nog geen zes weken nadat de omvang van de coronapandemie tot Europa begon door te dringen, zijn al stappen gezet die voorheen ondenkbaar en zelfs onbespreekbaar waren. Wat volgt er nog, nu volgens economen mogelijk de grootste economische crisis in een eeuw op komst is? Donderdag spraken eurolanden af dat de mogelijkheid van „nieuwe financiële instrumenten” wordt opengehouden. Wat Zuid-Europa en Frankrijk betreft gaat het daarbij ook om ‘eurobonds’, het gezamenlijk aangaan van schulden om risico’s uit te smeren. Duitsland en Nederland blijven tegen, maar de discussie hierover zal niet verstommen, al helemaal niet als de crisis dieper blijkt dan verwacht.

Aan het akkoord gingen heftige discussies vooraf. Vooral Nederland en Italië kwamen recht tegenover elkaar te staan. In beide landen voelt de regering de hete adem van populistische, eurokritische partijen in haar nek. Hoekstra en premier Rutte vrezen het oude verwijt, bekend van de eurocrisis, dat ze Nederlands belastinggeld weggeven. In Italië voert oppositieleider Matteo Salvini al maanden campagne met het schrikbeeld dat het land zich in ruil voor ESM-steun aan Europese eisen moet onderwerpen.

De ministers van beide landen hadden er daarom groot belang bij het akkoord als een ‘overwinning’ te presenteren. Maar de Nederlandse koppigheid is wat vooral zal blijven hangen. Dinsdag sleepte een nachtelijk video-overleg zich zestien uur voort en lag vooral Hoekstra dwars. Een gemiste kans, zo klinkt het in Brussel, temeer omdat in het uiteindelijke akkoord nauwelijks iets is aangepast.