Thuiskok

Plaattaart

Met de jonge, hartige variant van de jackfruit, waarmee er in dit kookboek gekookt wordt, is het lastig zoete toetjes maken. Daarom eindigen we met een plaattaart, een soort pizza, van jackfruit, spruiten en ricotta. Verwarm de oven voor tot 200 graden. Klop de Griekse yoghurt los met de sumak en 1 eetlepel citroensap. Maak de spruiten schoon. Snijd een plakje van de onderkant af en halveer de wat grotere spruiten. Kook ze in ruim kokend water met de palmkool in 3 minuten beetgaar. Rol het deeg met het bakpapier naar beneden uit op een bakplaat. Besmeer het deeg met de helft van de ricotta en houd de randen rondom vrij. Giet de spruiten en de palmkool af en laat uitlekken. Meng in een kom de stukjes jackfruit met de spruiten, palmkool, peterselie, knoflook, 1 eetlepel sinaasappelrasp, fenegriek, komijn en de ansjovis en schenk er de olie bij. Laat 1 uur marineren. Verdeel de gekruide spruitjes en palmkool over het deeg. Schep er de rest van de ricotta op. Schenk wat extra olijfolie op de ricotta en bestrooi met de rest van de sinaasappelrasp. Bak de taart in 15 tot 20 minuten goudbruin en knapperig. Neem de taart uit de oven, bestrooi met de hazelnoten en snijd in stukken. Garneer met de waterkers. Lekker met wat sumakyoghurt.