Coronacrisis maakt 195 miljoen mensen werkloos

Arbeidsmarkt De werkloosheid stijgt wereldwijd enorm. Maar de huidige recessie is atypisch: in sommige sectoren groeit de vraag naar arbeid juist.

Vrijwilligers bij een voedselbank in Van Nuys, Californië. Tijdens de coronacrisis regelen ze dat 1.500 families voedsel krijgen.
Vrijwilligers bij een voedselbank in Van Nuys, Californië. Tijdens de coronacrisis regelen ze dat 1.500 families voedsel krijgen. Foto Mario Tama/Getty Images

Alarmerende cijfers publiceerde de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) deze week. In het tweede kwartaal van 2020 zal het aantal gewerkte uren door de coronacrisis met 6,7 procent afnemen. Dat zijn, anders gezegd, 195 miljoen mensen die hun voltijdbaan verliezen.

De financiële crisis van 2008 zal verbleken bij deze „grootste internationale crisis sinds de Tweede Wereldoorlog”, schreef de ILO.

Uit de Verenigde Staten kwamen recordbrekende statistieken. Bijna 17 miljoen mensen hebben de afgelopen weken een werkloosheidsuitkering aangevraagd, ruim 10 procent van de beroepsbevolking.

De eerste Nederlandse werkloosheidscijfers verschijnen aanstaande donderdag, maar wethouders zien nu al een forse toename van het aantal bijstandsaanvragen, bleek deze week uit een inventarisatie van NRC. De helft van de 32 ondervraagde gemeenten ziet een verdubbeling van de aanvragen, Amsterdam en Rotterdam zelfs bijna een verdriedubbeling.

Lees ook: Vooral jongeren met flexcontract melden zich voor bijstand

Toch is deze recessie atypisch. Wereldwijd vallen de sectoren stil waar mensen normaal samenkomen: de luchtvaart, horeca, theaters, de winkelstraat. Maar op een aantal andere plekken wordt het personeelstekort juist nijpender: in ziekenhuizen, distributiecentra, supermarkten en de landbouw bijvoorbeeld.

De thuiszittende stewardess ontvangt haar loon nu uit de staatskas

„In deze crisis zie je niet dat de vraag naar producten of diensten wegvalt”, zegt hoogleraar arbeidseconomie Joop Schippers (Universiteit Utrecht). „Zoals dat bij een normale crisis gebeurt. Mensen wíllen wel met vakantie, naar de horeca en kleren kopen, maar de mogelijkheid is er niet.”

Opvallend is ook hoe de economische aanpak van landen verschilt. Waar werknemers in de VS massaal worden ontslagen, of met onbetaald verlof gestuurd, komen Europese overheden met steunpakketten van tientallen miljarden euro’s. De thuiszittende stewardess blijft haar loon gewoon ontvangen, maar dat komt nu – via subsidies – uit de staatskas.

Door het inkomen van Europeanen op peil te houden, zullen zij ook blijven consumeren, is de gedachte. Zo wordt een negatieve economische spiraal voorkomen.

Een verstandige strategie, vindt Schippers. „Zodra er weer een mogelijkheid komt om te consumeren, zullen mensen daar bovenop springen. In de horeca zul je een inhaalslag zien en er komen vast ook feestjes om te vieren dat de beperkingen voorbij zijn.”

Asperges steken

De Amerikaanse strategie heeft een ander voordeel. Wie écht werkloos raakt, kan een carrièreswitch overwegen. Die kan gaan werken bij een webwinkel, ziekenhuis of distributiecentrum dat zijn hulp hard nodig heeft. De Nederlandse stewardess die nog elke maand haar loonstrook ontvangt, zal daar weinig aanleiding toe zien.

Toch moet je de flexibiliteit van de Amerikaanse arbeidsmarkt ook niet overschatten, zegt Steven Brakman, hoogleraar internationale economie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Een piloot gaat niet zomaar asperges steken. „En iemand uit Florida is lang niet altijd bereid om voor zijn werk naar Californië te verhuizen.”

De Europese arbeidsmarkten zijn de afgelopen decennia óók flexibeler geworden. Dat verkleint de effectiviteit van de overheidssubsidies, die bedoeld zijn om iedereen aan het werk te houden.

Een Nederlands bedrijf dat overheidssteun krijgt bij de loondoorbetaling, via de tijdelijke ‘NOW-regeling’, mag bijvoorbeeld geen werknemers ontslaan, maar kan wel de flexibele schil verkleinen. Daar is geen formeel ontslag voor nodig.

Nederlandse wethouders zien dan ook vooral bijstandsaanvragen van jongeren die een uitzend- of oproepcontract hadden. Zij leveren wél koopkracht in tijdens deze coronacrisis.

Een vergelijkbaar beeld kwam afgelopen week uit Spanje. Daar had vorig jaar een kwart van de beroepsbevolking een tijdelijk contract. De afgelopen weken is het aantal mensen met zo’n tijdelijk contract al gedaald met 17 procent. Het aantal vaste dienstverbanden kromp slechts met 2 procent.

Onmogelijke dilemma’s

De ILO is vooral bezorgd over de twee miljard mensen die wereldwijd in de informele sector werken, vooral in opkomende landen en ontwikkelingslanden. Deze 61 procent van de wereldwijde beroepsbevolking werkt bijvoorbeeld als schoenenpoetser, straatverkoper, taxichauffeur of hulp in de huishouding.

Wereldwijd kan de armoede voor het eerst sinds 1990 weer gaan toenemen

Als zij blijven werken, ondanks de overheidsmaatregelen en lege straten, lopen zij een extra groot risico om ziek te worden. Maar als zij wel veilig thuisblijven, kunnen ze zichzelf niet meer voeden, want ze hebben meestal geen enkele werknemersbescherming. „Dat zijn onmogelijke dilemma’s”, zei Guy Ryder directeur-generaal van de ILO deze week.

In India werkt zelfs bijna 90 procent van de beroepsbevolking in de informele economie, schrijft de ILO. Velen van hen dreigen door de coronacrisis dieper in armoede weg te zakken.

Lees ook: Een lockdown alleen al brengt de armsten in India in levensgevaar

Goedkopere economen

Wereldwijd kan de armoede voor het eerst sinds 1990 weer gaan toenemen, volgens de Universiteit van de Verenigde Naties (UNU). „De duurzame ontwikkelingsdoelen lopen serieus gevaar”, zei UNU-directeur Kunal Sen woensdag.

Kan deze coronacrisis de westerse arbeidsmarkt ook structureel veranderen? Ja, denkt econoom Brakman. „We werken nu op grote schaal thuis en in sommige sectoren gaat dat best goed. Dan kunnen leidinggevenden denken: waarom heb ik eigenlijk al die dure kantoorruimte nodig?”

Maar als de werkplek minder belangrijk wordt, kan dat ook de positie van werknemers verzwakken. „Als ik al mijn hoorcolleges voortaan vanuit huis opneem, dan denkt mijn baas: in India zitten minstens even goede economen en die zijn de helft goedkoper.”

Zo neemt de internationale concurrentie tussen werknemers toe, zegt Brakman. „En zo graven we ons eigen graf.”