Apple en Google openen telefoons voor corona-apps

De twee concurrerende bedrijven gaan er onder meer voor zorgen dat telefoons van de twee merken elkaar beter kunnen zien via bluetooth. Zo is het mogelijk om in te schatten wie er in de buurt is geweest van iemand die mogelijk besmet was met het coronavirus.

Corona-apps op een Nederlandse telefoon.
Corona-apps op een Nederlandse telefoon. Foto Remko de Waal/ANP

Apple en Google gaan hun telefoons beter geschikt maken voor het gebruik van corona-apps. De twee techbedrijven, concurrenten van elkaar, maakten dit vrijdag in een gezamenlijk persbericht bekend.

Zo kunnen corona-apps, zoals bijvoorbeeld de Nederlandse overheid die ontwikkelt, beter gebruikmaken van bluetooth.

Deze draadloze signalen worden door traceer-apps gebruikt om in te schatten wie er in de buurt is geweest van iemand die mogelijk besmet was met het coronavirus. Het is een manier om zonder iemands privacy te schenden toch verspreiding van het virus te vertragen.

De huidige apps zijn nog beperkt omdat de meer fijnmazige, draadloze technologie is afgeschermd in de besturingssystemen. Apple en Google willen er eerst voor zorgen dat iPhones en Android-telefoons elkaar beter kunnen zien via bluetooth. Daarna, in de komende maanden, worden besturingssystemen iOS en Android aangepast zodat officiële gezondheidsorganisaties apps kunnen bouwen.

Lees ook: Corona verandert ‘Big Tech’ in ‘Good Tech’ – voor eventjes

Gebruikers hoeven de technologie niet per se te activeren; het is een optionele mogelijkheid en ze hebben volledige controle over welke data ze op deze manier delen. Apple noch Google weet of een gebruiker al dan niet besmet is. Persoonlijke informatie of locatiedata zijn niet noodzakelijk en worden niet meegestuurd.

De techbedrijven benadrukken dat de samenwerking tijdelijk is en de techniek alleen voor noodgevallen, zoals deze pandemie, bedoeld is.

De Amerikaanse president Donald Trump had de grote Amerikaanse techbedrijven al gevraagd mee te werken aan de bestrijding van het coronavirus. In de wereld van appontwikkelaars werd al langer aangedrongen dat Apple en Google hun besturingssystemen gedeeltelijk open zouden moeten stellen om corona-apps doeltreffender te maken.

Omgevingsgeluiden

Een voorbeeld van hoe de technologie gebruikt kan worden uitgelegd in dit MIT-artikel. Het gaat om zogeheten ‘low energy’ bluetoothsignalen waarmee telefoons elkaar op korte afstand kunnen waarnemen, zonder daarbij de identiteit van een gebruikers prijs te geven.

De telefoon vangt via bluetooth ‘omgevingsgeluiden’ van andere telefoons op, vertaald in een lijst willekeurige gegevens. Zodra iemand besmet is geraakt, wordt zijn of haar recente geschiedenis van die omgevingsgeluiden opgestuurd naar een centrale database.

Andere gebruikers kunnen via de database een seintje krijgen dat ze in de buurt zijn geweest van een besmette persoon en hun voorzorgsmaatregelen nemen door in quarantaine gaan.

Apple en Google willen publiceren hoe ze hun techniek ontwikkelen, zodat onder meer privacyexperts mee kunnen kijken.