Reportage

Staan we op de Titanic of dammen we de vijand in?

Strijdtaal De geschiedenis van een land bepaalt welke metaforen voorbijkomen in de strijd tegen corona, ziet .
Illustratie Kamagurka

Een nieuwe ziekte zonder geneesmiddel die de hele samenleving bedreigt – het ligt voor de hand dat politici bij zo’n existentieel gevaar de zware metafoor van de oorlog hanteren. Maar ‘oorlog’ betekent wel overal iets anders, leert een rondgang langs NRC-correspondenten. Zoals Spanje de crisis toetst aan de Burgeroorlog van 1936-’39, zo grijpt het Verenigd Koninkrijk terug op zijn finest hour van kwetsbaarheid en kracht in 1940, toen stijve bovenlippen en het wonder van Duinkerken de doorslag gaven. Dus nu geen aanstelleritis, svp. „Onze grootouders werd gevraagd bombardementen te trotseren, jij moet van de overheid een paar weken op de bank hangen met Netflix”, schreef een twitteraar.

Lees ook: oorlogsmetafoor rechtvaardigt vergaande maatregelen

En in China is weer sprake van een „volksoorlog”, een „beslissende strijd” met „de Leider van het Volk” aan het hoofd, een term die voor Mao werd gebruikt en nu terug is. Ook Israël gebruikt oorlogstaal, maar in deze Pesach-tijd wijst premier Netanyahu graag naar het boek Exodus: „We zijn aan de farao ontkomen, en we zullen ook corona achter ons laten.” Die religieuze dimensie zie je ook in Indonesië, waar social distancing betekent: „werk thuis, studeer thuis en bid thuis”.

Voor oorlogsretoriek moet je niet meer in Duitsland zijn. „Es ist ernst, nehmen Sie es ernst.”, zei Angela Merkel nuchter. En de „historische opgave” waarover ze eerder sprak, klonk alsof het om een extra grote portie huiswerk ging.

Metaforen zijn geen vrijblijvende stoffering van de taal, heeft George Lakoff geschreven, ze zijn de elementaire bouwstenen van het denken zelf. Verleidelijk dus om te geloven dat metaforen een kijkje in de diepte geven. Is het toeval dat Nederland zijn strijd tegen het water, eh, in de strijd gooit en spreekt over het virus „indammen”? En dat een wetenschapper in Californië op bosbranden wees: „Een paar vonken kunnen zo weer een nieuwe brand veroorzaken, die moet je snel uitslaan.”

In de VS en Canada duiken sportmetaforen op

Dat sport, een gestileerde vorm van oorlog, juist in vreedzame landen als beeldspraak opduikt, is dan logisch. Premier Trudeau heeft het over een inspanning van ‘Team Canada’, waarin de nationale solidariteit bij de Olympische Spelen en het ijshockey doorklinkt. Overigens ook bij de buren: Anthony Fauci, de Amerikaanse Jaap van Dissel, zei „dat je niet naar de puck moet schaatsen, maar naar waar de puck heen gaat”.

In een persconferentie van de Vlaamse premier bliezen orkanen en kwamen tsunami’s aanrollen, die tijdelijk verhinderden dat het economische schip veilig water bereikt. Wit-Rusland, ten slotte, dat geen zeehavens heeft en een president die kortgeleden nog aanbeval dagelijks met wodka te gorgelen, zoekt zijn metaforen – behalve bij Tsjernobyl – ook op zee. „Het lijkt de Titanic wel”, zei een tegenstander van de regering in de Financial Times: „Op de eersteklas-dekken vieren ze nog feest, maar de derde klas staat al onder water.”

M.m.v. Koen Greven, Melle Garschagen, Jannie Schipper, Garrie van Pinxteren, Juurd Eijsvoogel, Annemarie Kas, Bas Blokker, Frank Kuin, Anouk van Kampen

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.