Het geouwehoer en geklaag missen we

De Impact Nederland slaat zich door de coronacrisis. Maar hoe doen déze mensen dat? „Mijn omzet daalde vorige week met 25 procent.” Danielle Pinedo beschrijft welke impact Covid-19 heeft op mensen.

NRC sprak een maand lang met twaalf mensen die in de frontlinie stonden van de corona-epidemie. Van arts tot ondernemer, van schoolbestuurder tot supermarkthouder. Wat maakten zij mee? Wat waren hun zorgen? Hoe hielden ze de moed erin?

Deze week liep Paul Corbijn met zijn hond over de dijk in Vrouwenpolder. Hij kwam niemand tegen. „Dat gebeurt normaal nooit. Zelfs midden in de nacht zwerven hier Duitse toeristen over straat.”

Corbijn is eigenaar van de Plus-supermarkt. De afgelopen weken vertelde hij monter over de impact van de coronacrisis op zijn bedrijf. Hij liet ‘kuchschotjes’ plaatsen voor caissières en zag een run op paracetamol, kip en brood ontstaan. Maar nu Duitse toeristen in Zeeland worden geweerd, is er weinig reden voor optimisme. Zijn omzet daalde vorige week met 25 procent, voor deze week rekent hij op 60 procent. „Een regelrechte klap.”

Niet alleen bij Corbijn verandert de toon, zes weken na de eerste coronabesmetting in Nederland. Veel deelnemers aan deze rubriek hebben het moeilijk. Ze moeten al hun inventiviteit gebruiken om de crisis het hoofd te bieden.

Regiomanager Armand Lagrouw van Surplus Zorg vertelt over het verpleeghuis in Breda waar dertien van de honderd bewoners besmet raakten met Covid-19; drie van hen stierven. Gelukkig werd kort na de virusuitbraak in Nederland een depot ingericht dat dagelijks mondmaskers, spatbrillen, schorten en handschoenen – al naar gelang de behoefte – aan 1.500 medewerkers van dertien verpleeg- en verzorgingshuizen verstrekt en terugvordert. Het ziekteverzuim is al die tijd stabiel gebleven, zegt Lagrouw.

„Nederlanders beginnen langzaam te wennen aan de anderhalvemetersamenleving”

Mirjam Leinders, bestuurder van de Amsterdamse stichting Innoord, waaronder zestien openbare scholen vallen met ruim vierduizend leerlingen, toonde zich vorige week bezorgd. Ze zag een ‘coronageneratie’ ontstaan; kinderen wier leerachterstand door Covid-19 steeds groter wordt. Een aantal van hen wordt sinds deze week bij wijze van pilot in kleine groepjes terug naar school gehaald, twee keer twee uur per week. Op de vraag of ze niet bang is te worden teruggefloten, omdat het tegen de regels van het kabinet indruist, zegt ze: „Zou kunnen.”

Bij uitvaartonderneming Klopper & Kramer in Den Bosch dragen medewerkers duikbrilachtige gezichtsmaskers om zichzelf te beschermen tegen het toenemende aantal doden als gevolg van Covid-19-besmetting. Volgens het RIVM overleeft het virus maar kort buiten het lichaam. „Met het dragen van persoonlijke beschermingsmiddelen en het uitvoeren van handhygiëne zijn de risico’s op besmetting tot een minimum te beperken”, kreeg directeur Roland Kramer te horen.

„Nederlanders missen het geklaag en geouwehoer bij de koffieautomaat, zéker als ze alleenstaand zijn.”

Sociaal psycholoog Miriam de Graaff denkt dat Nederlanders langzaam beginnen te wennen aan de anderhalvemetersamenleving. Hadden bedrijven in de eerste weken van de crisis vooral oog voor productie en inhoud, nu ontstaat meer aandacht voor werknemers. „Een deel voelt zich eenzaam”, zegt zij. „Ze missen het geklaag en geouwehoer bij de koffieautomaat, zéker als ze alleenstaand zijn. Bedrijven doen er goed aan oog voor het menselijke contact te houden.”

Cybersecurityexpert Mary-Jo de Leeuw maakt zich vooral zorgen over de apps die, als het aan minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid, CDA) ligt, worden ingezet bij de bestrijding van het coronavirus. „Apps hamsteren data en gebruiken die voor verschillende doeleinden”, zegt ze. „Wie garandeert dat gegevens van volgapps later niet gedeeld worden met levensverzekeraars, zorgverzekeraars of hypotheekverstrekkers? Ik mag hopen dat De Jonge doet wat hij heeft beloofd: de privacy van burgers in acht nemen.”

Mensen als Monique Bueving, Luc Tanja en Lodewijk Poelhekke hebben geen aansporing van premier Rutte nodig om vooruit te kijken. Bueving, voorzitter van de voedselbank in Groningen, houdt nu al rekening met wat zij „de nieuwe faillieten” noemt: kleine zelfstandigen die door de coronacrisis aan de grond zitten. „In mei verwachten we een toename in het aantal aanmeldingen”, zegt zij.

„Waar moeten daklozen heen als de nachtopvang tegen die tijd nog steeds beperkt is?”

Afdelingsmanager Luc Tanja van de daklozenopvang van het Leger des Heils in Almere zegt dat zijn personeel door een gebrek aan beschermende middelen steeds meer risico loopt, maar denkt ook na over het moment dat hotels en sporthallen die nu daklozen opvangen, opengaan voor publiek. „Waar moeten daklozen heen als de nachtopvang tegen die tijd nog steeds beperkt is?”

Traumachirurg Lodewijk Poelhekke voorziet voor de korte termijn een tekort aan wegwerpartikelen voor de aansluiting van patiënten aan beademingsapparatuur, maar vindt ook dat op de langere termijn een „brede discussie” nodig is over de toekomst van de Nederlandse zorg. Want die zorg mag internationaal geroemd worden, zegt hij, het is opvallend dat Nederland kampt met grote tekorten aan medicijnen, personeel, materiaal en IC-bedden. „De maatschappij maakt keuzes op economische gronden. Hoe goed verdedigbaar ook, de keerzijde van die keuzes moet belicht én geaccepteerd worden.”

Chef-kok Soenil Bahadoer en bloembollenkweker Rob van Haaster, de optimisten uit deze rubriek, blijven kansen zien. De eerste werkt normaal tachtig uur per week en bloeit op van de zee aan vrije tijd. „Pas maar op dat ik deze manier van leven niet te leuk ga vinden”, grapte hij tegen zijn vriendin. Van Haaster merkt dat Duitse supermarkten mondjesmaat bloemen bestellen, en denkt dat „het dieptepunt achter ons ligt”. Niet voor niets vloog er deze week een zwaluw in zijn schuur: „Het tij gaat keren”.

Huisarts Maaike Roovers-Schellekens, die vorige week corona-achtige klachten had, maar niet positief testte, voelt zich veel beter. „Zodra het kan ga ik weer aan het werk”, bericht zij.

Miriam de Graaff (34)

Sociaal psycholoog, woont in Borne (Overijssel).

Monique Bueving (48)

Voorzitter van de voedselbank in de stad Groningen.

Lodewijk Poelhekke (47)

Traumachirurg en voorzitter van de vereniging van medisch specialisten in het Maasziekenhuis Pantein in Boxmeer. Woont in Nijmegen.

Mary-Jo de Leeuw (45)

Cybersecurityexpert, woont in Wassenaar.

Roland Kramer (57)

Uitvaartverzorger in Den Bosch.

Armand Lagrouw (56)

Regiomanager bij Surplus, een organisatie voor verpleging en verzorging in Breda. Woont in Sprang-Capelle.

Maaike Roovers-Schellekens (45)

Huisarts in Sassenheim. Woont in Oegstgeest.

Soenil Bahadoer (52)

Chefkok en eigenaar van het twee sterrenrestaurant De Lindehof in Nuenen.

Paul Corbijn (52)

Eigenaar Plus-supermarkt in Vrouwenpolder.

Mirjam Leinders (52)

Bestuurder stichting Innoord in Amsterdam. Woont in Badhoevedorp.

Luc Tanja (53)

Afdelingsmanager daklozenopvang van het Leger des Heils in Almere. Woont in Amsterdam.

Rob van Haaster (50)

Bloembollenkweker in Vijfhuizen.

Ulfert Molenhuis (72)

Voormalig voorzitter van de voedselbank in de stad Groningen.