Eerste coronafaillissementen zijn ‘stilte voor de storm’

Faillissementen De economie ligt stil, maar er zijn nog maar enkele tientallen ‘coronafaillissementen’ uitgesproken. Curatoren vrezen voor een veel grotere golf na de zomer.

Lege terrassen in Den Bosch. De afgelopen week is voor vijftien horecabedrijven faillissement aangevraagd: vier keer zoveel als een maand geleden.
Lege terrassen in Den Bosch. De afgelopen week is voor vijftien horecabedrijven faillissement aangevraagd: vier keer zoveel als een maand geleden. Foto Merlin Daleman

Als de faillissementen van 8 april 2020 een eerste graadmeter vormen voor de problemen die de Nederlandse economie te wachten staan, worden het zware tijden. Vijfenveertig bedrijven werden woensdag failliet verklaard: net zoveel als in de gehele vorige week.

Weinig sectoren of regio’s blijven daarbij ongemoeid, zo toont het insolventie-register van recent omgevallen bedrijven. Van Brasserie 21 aan de Markt in Assen, de Congress Company in Den Bosch en Kokky’s Kappers in Tilburg tot de Tractor Academie in Valkenswaard.

Maar tegen de achtergrond van het stilleggen van grote delen van de economie sinds half maart, valt het aantal faillissementen op dit moment mee, zegt curator Noor Zetteler van het Utrechtse advocatenkantoor Wijn & Stael. Dat komt, zegt zij, doordat de maatregelen die de overheid de afgelopen weken heeft genomen om de economie te redden noodlijdende bedrijven tijdelijk lucht hebben gegeven.

De faillissementenkenner doelt onder meer op het uitstel van betaling van btw, loon en winstbelasting door de Belastingdienst. Ook doelt Zetteler op de NOW-noodregeling, waarmee bedrijven met een flinke omzetdaling tot 90 procent van hun loonkosten bij de overheid kunnen claimen, en op de coulante opstelling van banken, die momenteel niet moeilijk doen als bedrijven hun aflossingen uitstellen.

Het is tijd kopen, zegt zij. „We zitten in een stilte voor de storm.” De uitkomst laat zich volgens haar raden. „Dat er een golf van faillissementen aankomt lijkt mij, hoe triest ook, onvermijdelijk.”

‘Mijn kindje’

Geert Nab uit Aerdenhout liet op 1 april Amstel Student Publications failliet verklaren, het bedrijf dat hij dertig jaar geleden op zijn studentenkamer begon en waarmee hij afstuderende studenten en bedrijven aan elkaar koppelde – indertijd een gat in de markt. Het bedrijf gaf het Carrière Jaarboek uit en een krant voor afgestudeerden. Beide zullen niet meer verschijnen.

„Dit bedrijfsonderdeel liep door de digitalisering al niet meer zo goed, maar het was mijn kindje. De coronacrisis heeft het laatste zetje gegeven”, zegt Nab, die na een sabbatical vanwege de crisis terugkeerde bij zijn bedrijf als directeur. „Ik vond het niet ethisch om deze bv met overheidssteun nog een aantal maanden langer te laten voortbestaan, terwijl ik wist dat die het waarschijnlijk niet zou redden. Daarvoor zijn de regelingen van de staat wat mij betreft niet bedoeld.”

Iedereen weet dat er een recessie aankomt, zegt Nab. „Je kunt nu je verlies nemen, of straks. Het leek mij eerlijker om in te zetten op de bedrijfsonderdelen die wel toekomst hebben. En dat zit nou eenmaal niet in de hoek van de gedrukte media.”

In de eerste 13 weken van 2020 gingen per week 3,5 horecabedrijven failliet, de afgelopen week al 15

Een andere onderneming die al kort na het afkondigen van de coronamaatregelen voor een faillissement van een aantal bedrijfsonderdelen koos, is Quick Parking, uitbater van budgetparkeerterreinen en bijbehorende shuttlebussen bij vliegvelden in Nederland, België, Parijs en Kopenhagen. Quick Parking investeerde in 2019 fors in een nieuw online reserveringssysteem, kreeg te maken met kostenoverschrijdingen en net toen het voorjaarsseizoen 2020 zou aanbreken, ging de luchtvaart op slot.

„Door de coronacrisis zijn de reisbewegingen van het ene op het andere moment tot een minimum beperkt”, mailt directeur Albert Weerman. „Als gevolg daarvan zijn alle parkeerplaatsen leeg en zijn toekomstige reserveringen geannuleerd.” En dus kon hij niet anders dan „extra kostenbesparingen” doorvoeren, waarbij gedwongen ontslagen onvermijdelijk waren. Ook werd een aantal „verlieslatende vennootschappen in Nederland, België en Frankrijk” failliet verklaard.

Waar Weerman en Nab de vlucht naar voren hebben genomen, kijken veel bedrijven nog de kat uit de boom, zegt Esther Oppedijk van Veen, insolventie-advocaat van Resor. Dat geldt ook voor schuldeisers, die net zoals het bedrijf zelf, het faillissement aan kunnen vragen. „We zitten in een fase van afwachten, aankijken en beoordelen. Wat is het effect van het stimuleringspakket van de overheid? Hoelang duurt de lockdown nog? Redt een ondernemer het toch?”

Sowieso, zegt zij, duurt het in een crisis enige tijd voordat het aantal omgevallen bedrijven echt oploopt. Faillissementen „lopen erachteraan”. En door de recente maatregelen van de overheid, die bedrijven tijdelijk van liquiditeitsruimte voorzien, is die vertraging nóg groter.

Bovendien hebben noch bedrijven in zwaar weer, noch hun schuldeisers op dit moment iets te winnen bij een faillissement, vermoedt Oppedijk van Veen. „Bedrijven die zelf tegen faillissement aanzitten, kunnen het met een beroep op de steunmaatregelen van de overheid nog even uitzingen. En het ligt niet voor de hand dat schuldeisers juist nu faillissement aanvragen voor een bedrijf dat de rekeningen niet betaalt. Zij hebben daar, met het land op slot, weinig bij te winnen. Zo brengt in de huidige situatie de gedwongen verkoop van bedrijfsonderdelen of activa mogelijk te weinig op.”

Een verlaten Nijmeegse binnenstad. Bedrijven die tegen faillissement aanzitten, kunnen het door de overheidssteun nu nog even volhouden. foto flip franssen

Het is daarnaast onzeker of een faillissementsaanvraag door een schuldeiser überhaupt nu slaagt. Neem een horeca-exploitant die de huur niet betaalt en een beroep doet op overmacht, of stelt dat het pand niet voor huur gebruikt kan worden. „Bij de faillissementsrechter moet een vordering zonneklaar zijn. Als het om dit soort vorderingen in deze tijd gaat, is de kans groot dat die zegt: ‘ga eerst maar naar civiele rechter’”, vertelt insolventie-advocaat Job van Hooff van Stibbe.

Daar komt bij dat de Raad voor de Rechtspraak vanwege de coronacrisis een tijdelijke afwijkende regeling heeft afgekondigd. Curator Zetteler: „Daarin staat expliciet dat de rechtbank moet toetsen of er misbruik van de situatie wordt gemaakt, en bij faillissementsverzoeken de pandemie en daarmee samenhangende economische situatie moet meewegen.”

Horeca en festivals

De coronacrisis treft een Nederlandse economie die zeer goed draaide. In de afgelopen jaren van hoogconjunctuur was het aantal faillissementen stabiel en historisch laag, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Wekelijks werden ongeveer zestig bedrijven failliet verklaard, waarbij de sectoren handel en zakelijke- en financiële dienstverlening de meeste faillissementen kenden.

Tussen 2009 en 2014 lag het aantal faillissementen in Nederland ruwweg twee keer zo hoog, zo blijkt uit de CBS-cijfers. Opmerkelijk: in die periode gingen opvallend vaker bedrijven in de bouw en in de industrie failliet, ten opzichte van de afgelopen jaren.

Het aantal faillissementen in de horeca en de cultuur, sport en recreatie – waar in de huidige crisis naar verwachting juist veel klappen zullen vallen – was de afgelopen jaren zeer laag. In heel 2019 gingen 55 sport- en recreatiebedrijven failliet en 196 horeca-ondernemingen. En dat terwijl de sector enorm groeide. Begin 2020 telde Nederland 68.700 horecavestigingen (cafés, restaurants, campings, logies). Nooit eerder was dit aantal zo hoog.

Ook de festivalsector is kwetsbaar: alle grote evenementen voor de komende maanden zijn afgezegd

De afgelopen week gingen vijftien horeca-ondernemingen failliet, meldt het CBS donderdag, en „dat is veruit het hoogste aantal faillissementen per week in deze branche tot nu toe in 2020”. In de eerste dertien weken van 2020 werden per week gemiddeld 3,5 horecabedrijven failliet verklaard. Andere uitschieters in de recente faillissementen ziet het CBS nog niet.

Waar die gaan vallen laat zich wel raden. Eveneens kwetsbaar is bijvoorbeeld de evenementen- en festivalsector, een zeer grote werkgever in de zomermaanden. In de wintermaanden draait de sector boekhoudkundig grote verliezen, worden er investeringen gedaan en financieringen afgesloten – allemaal met het oog op het voorjaar en de zomer. In een paar maanden tijd wordt vervolgens de benodigde omzet voor het hele jaar geboekt. Alleen: alle grote evenementen voor de komende maanden zijn afgezegd en ook voor de periode daarna is het zeer onzeker. Daardoor, zeggen betrokkenen, is een reeks faillissementen aanstaande.

Lees ook dit opiniestuk van hoogleraar Sweder van Wijbergen: voorkom eerst failissementen, stimuleer dan bestedingen

Keten van problemen

Een faillissement is een gevolg van een gebrek aan liquiditeit van een bedrijf, leggen fallissementsdeskundigen uit. Maatregelen zoals uitstel van betaling van de belastingaanslag of het opschorten van leningaflossingen door banken, helpen tijdelijk om een liquiditeitsprobleem op te vangen en zorgen voor een adempauze. Maar op de NOW-noodregeling na zijn het geen giften of kwijtscheldingen.

„Het uitstel van belastingbetaling en aflossen van de banklening klinkt leuk, maar het leidt tot vergroting van de schuldenlast van bedrijven”, legt Van Hooff uit. Lang niet alle bedrijven kunnen die schulden en de gemiste omzet van dit voorjaar inlopen. „Ik heb vrijdag een afspraak met de kapper staan die niet doorgaat. Maar dat betekent niet dat ik straks, als de kapper weer open is, plotseling twee keer naar de kapper ga. Dit geldt voor veel bedrijven in allerlei sectoren.”

In feite is er sprake van een „ketenprobleem” schetst Oppedijk van Veen. Het ene bedrijf dat in de problemen komt, trekt weer een volgende mee. „Achter een restauranthouder zit een keten van verhuurders en leveranciers die elk weer hun eigen financiële verplichtingen hebben.” De insolventiespecialist vreest dat de huidige lockdown „de genadeklap” wordt voor bedrijven die het al niet zo goed deden. „We moeten ons voorbereiden op een situatie straks van bedrijven die met extra schuld belast zijn en maanden geen omzet hebben gedraaid: hoe ga je die schulden saneren?”

Rechtswetenschappers en curatoren pleiten al langer voor een aanpassing van de huidige faillissementswetgeving. Die werkt volgens hen niet goed, omdat vrijwel alle bedrijven in Nederland die uitstel van betaling aanvragen, vervolgens ook failliet gaan. Bij de Tweede Kamer ligt een nieuwe wet ter behandeling die het mogelijk moet maken faillissementen te voorkomen via een ‘dwangakkoord’. Daarmee kunnen schuldeisers verplicht worden een deel van de schulden kwijt te schelden. Ook aandeelhouders kunnen worden gedwongen hun verlies te nemen.

„Die wet kan een oplossing bieden voor de huidige situatie”, zegt advocaat Anne Mennens van Wijn & Stael, die een proefschrift schreef over die nieuwe wet. „Er wordt in de coronacrisis nu betaling van heel veel schulden uitgesteld, maar daar komt geen afstel van. Je zult dus ooit iets aan die schuldenberg moeten doen.”

Lees ook: Experts: ‘voer zo snel mogelijk nieuwe faillissementswet in’