Opinie

Een homofoob ziekenhuis is vermoedelijk beter dan geen

Grunberg in New York

Een vriendin in Brooklyn schreef: „Ik zie dat je besloten hebt terug keren naar de plek die mijn vrienden en ik tegenwoordig New Wuhan noemen. Ben je helemaal gek geworden? Grapje. Ik heb altijd geweten dat je gek was.”

Om zeven uur ’s avonds hangen sommige mensen in New Wuhan uit hun ramen en slaan met pollepels op pannen. Er zijn er die applaudisseren, maar de pollepels overstemmen het applaus, waardoor ik de indruk krijg dat men zo probeert de president te verjagen.

Bij mij in de straat speelt iemand om zeven uur trompet, zo vals dat het onmogelijk is te herkennen wat er gespeeld wordt. Ik durf niet uit het raam te kijken. Een van de charmes van New York was dat je hier gelukkig kon zijn zonder te weten wie je buren waren. Het voelt pervers om die buren nu te moeten zien, met hun pollepels, pannen en hun trompet.

Mijn Franse les, die ik al sinds 2002 op dinsdagmiddag en vrijdagochtend volg, gaat door in Central Park. Het geïmproviseerde ziekenhuis dat daar is verrezen en doet denken aan een circustent ligt er stil bij. Niemand gaat naar buiten, niemand gaat naar binnen. Een man maakt foto’s met een telelens alsof het ziekenhuis een zeldzame vogel is. De organisatie achter dit ziekenhuis is homofoob, maar een ziekenhuis waar de homofobie rondwaart is vermoedelijk beter dan geen.

De joggers rennen door het park alsof het nog 2019 is.

De vriendin uit Brooklyn vraagt of ik mee wil doen aan een virtuele Seideravond, het joodse paasfeest gaat beginnen. Een virtuele Seideravond is me te veel, ik zal me die avond alleen bedrinken.

Ik zal vragen waarom deze avond anders is dan alle andere avonden. Ik zal antwoorden: „Omdat we dit jaar in New Wuhan zijn. Volgend jaar in New York.”

Schrijver woont in New York City. Op deze plek schrijft hij over de impact die het coronavirus heeft op het leven daar.