Profiel

Zelfs Hugo de Jonge, de vlotte veelprater, voelt nu grote druk

Hugo De Jonge Woensdag verdedigt Hugo de Jonge zijn aanpak van de pandemie opnieuw in de Tweede Kamer. Zijn rol als ‘chef corona’ overviel hem. „Mijn kinderen hebben normaal nul interesse in mijn werk, maar nu wel.”

Minister Hugo De Jonge op werkbezoek, onder meer in een centrum voor gehandicaptenzorg in Sliedrecht.
Minister Hugo De Jonge op werkbezoek, onder meer in een centrum voor gehandicaptenzorg in Sliedrecht. Foto Phil Nijhuis/Ministerie van VWS

Als Hugo de Jonge in november 2019 in de Haagse Kloosterkerk spreekt over de onzekerheid die hij steeds weer ervaart bij een nieuwe baan heeft hij geen idee wat hem vier maanden later te wachten staat. Die avond houdt de vicepremier en CDA-minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in een volle kerk de ‘Preek van de Leek’, waarbij prominente Nederlanders een dienst mogen leiden. Voor De Jonge vertrouwd terrein: hij is de zoon van een hervormd predikant.

Hij heeft het over psalm 8, over de almacht van God, over het gevoel „klein en nietig” te zijn. „Als we voor een taak staan die we nauwelijks aan denken te kunnen.” Als beginnend docent had hij dat gevoel. En toen hij wethouder werd en in 2017 minister zag hij „als een berg” op tegen de bijbehorende verantwoordelijkheid.

Vier maanden later draagt Hugo de Jonge de allerzwaarste politieke verantwoordelijkheid uit zijn carrière. Vrijwel meteen na het plotselinge vertrek van Bruno Bruins (Medische Zorg, VVD) wordt De Jonge gebeld door premier Rutte (VVD) met de opdracht het gat te vullen. En zo wordt Hugo de Jonge, die tot dan vooral bekend staat om zijn vrolijke schoenen en zijn bezoekjes aan de zonnebank, op donderdag 19 maart verantwoordelijk voor de Nederlandse strijd tegen de dodelijke coronapandemie.

Lees ook: hoe de coronacrisis minister Bruno Bruins velde

Bruno is in charge

In de weken daarvoor bemoeit hij zich daar nauwelijks mee. De regel op het ministerie is: Bruins doet de communicatie, de andere bewindspersonen bieden waar nodig ondersteuning en houden zich op de achtergrond.

De Jonge lijkt dat prima te vinden. „Bruno is in charge”, zegt De Jonge op 1 maart tijdens een optreden in De Balie in Amsterdam. Hij wordt „af en toe” door Bruins bijgepraat. „Als ik hem niet in een talkshow zie, dan bel ik hem, van: ik heb je al een uur niet in een talkshow gezien. Hoe gaat het?”

Door twee ontwikkelingen neemt de betrokkenheid van De Jonge opeens toe: zondag 15 maart wordt de sluiting van de scholen aangekondigd, de eerste maatregel die van grote invloed is op het dagelijkse leven. Bovendien begint het dan ook te rommelen in de portefeuille waarvoor De Jonge direct verantwoordelijk is: de ouderenzorg. Ouderenorganisaties pleiten voor het inperken van bezoek aan verpleeghuizen.

Lees ook: hoe het leven in verpleeghuizen door corona is verschraald

De Jonge besluit aan te schuiven bij het dagelijkse coronaoverleg dat dan al wekenlang plaatsvindt op het ministerie van Volksgezondheid. Hij is ook voor het eerst bij de Ministeriële Commissie Crisisbeheersing (MCCB), met onder meer premier Mark Rutte. Drie dagen voor het vertrek van Bruno Bruins.

Later die week staat De Jonge zelf in een volle zaal met journalisten. Op zijn eerste dag als ‘chef corona’ moet De Jonge meteen grote maatregelen bekendmaken: verpleeghuizen mogen geen bezoek meer ontvangen.

De Jonge oogt gespannen. Als Rutte spreekt, wiebelt hij op zijn plek. Hij likt een paar keer over zijn lippen. Zijn ademhaling ligt hoog, af en toe trilt zijn stem. Hij leest zijn tekst grotendeels op. De druk, zeggen mensen om hem heen later, was op dat moment heel hoog. De Jonge had bijna geen tijd gehad om zich voor te bereiden op wat zou komen.

Foto Phil Nijhuis/Ministerie van VWS

De week daarop zijn de zenuwen nog niet weg. Het is de maandag na een weekend waarin veel Nederlanders niet binnen bleven. In een wat rommelige persconferentie, met vier bewindspersonen, worden aangescherpte maatregelen aangekondigd. De Jonge bladert steeds weer door zijn papierstapel. Af en toe staart hij voor zich uit. Soms bewegen zijn lippen geruisloos, alsof hij de tekst aan het oefenen is.

Foto’s op de sociale media

Zijn optredens in die eerste week staan in schril contrast met hoe de buitenwereld de sociaal kundige minister kent. Zijn vlotte manier van werken vat hij zelf afgelopen zaterdag samen met een foto op zijn sociale media.

De Jonge zit aan de eettafel, zijn vrouw knipt zijn haren. Zijn dochter houdt een iPad vast waarop de vaste kapper van De Jonge, gesloten door het coronavirus, instructies geeft. De Jonge is een minister die problemen wil aanpakken – liever met een actieplan dan met een langdurig wetgevingstraject. En de hele wereld mag meekijken.

Lees ook: dit eerdere NRC-portret van Hugo de Jonge uit 2018

Als werkbezoeken een politieke sport zouden zijn, dan was De Jonge recordhouder. Voor de uitbraak van het virus staan er drie tot vier per week in zijn agenda. Sinds 2018 gaat NRC geregeld mee, en of hij nou praat met een bejaarde, een kleuter of een getraumatiseerde patiënt in de jeugdzorg: hij weet altijd een goede toon te vinden.

Dat wordt gewaardeerd in de zorgsector, zo’n minister die de zorg niet alleen kent van beleidsnota’s. Zijn werkbezoeken belanden in de ‘terugblikvlog’, een kort filmpje dat hij ieder weekend zelf inspreekt. Dat de filmpjes slecht worden bekeken, soms maar tientallen keren, lijkt hem niet te deren. De Jonge is iemand die de aandacht opzoekt: ook voor zijn lekenlezing vorig jaar bood hij zichzelf aan, zonder een uitnodiging af te wachten.

Ook nu hij ‘chef corona’ is, blijft hij bezoeken afleggen. Bij ziekenhuispersoneel. Verpleeghuizen. Het landelijk coördinatiecentrum voor patiëntenspreiding (tweemaal zelfs). Vaak op eigen initiatief, ongevraagd. En van alle bezoeken verschijnen foto’s op sociale media, in een zelfs hoger tempo dan voorheen.

Als op een zaterdag een grote lading mondkapjes binnenkomt, plaatst hij er een foto van, nog voordat zijn departement het nieuws wereldkundig heeft gemaakt. Een dag later verschijnen er foto’s waarop hij helpt bij het uitladen van nog meer dozen mondkapjes die zijn gedoneerd door het Chinese telecombedrijf Huawei.

De gedachte: in deze tijden willen mensen ook wel eens hoopvol nieuws horen. Dat blijkt niet zonder risico: de eerste lading die De Jonge op zijn Instagram zet wordt later teruggeroepen door problemen met de kwaliteitseisen.

Foto Phil Nijhuis/Ministerie van VWS

Op een zaterdag eind maart, bezoekt hij een verpleeghuis in Krimpen aan den IJssel. In het restaurant, waar de oude, veelal dementerende bewoners in normale omstandigheden eten en bezoek ontvangen, is het nu uitgestorven. Steeds weer vraagt De Jonge aan de medewerkers wat ze nodig hebben en steeds weer klinkt hetzelfde antwoord: mondkapjes.

Bestuurslid Hendrik Jan van den Berg vertelt hem dat het Regionaal Overleg Acute Zorgketen in Rotterdam-Rijnmond heeft geadviseerd om zonder mondkapjes geen zorg meer te leveren. Een arts wijst op een ander dilemma: moet je dementerende patiënten „medicatie toedienen zonder medische indicatie” zodat ze niet gaan rondlopen? De Jonge is druk in de weer met zijn telefoon. „Sorry jongens, ik schrijf even mee”.

Diezelfde middag bezoekt hij een locatie van ASVZ, waar gehandicaptenzorg wordt geboden. Een van de bestuurders vraagt De Jonge: hoe is het nu eigenlijk met jou? „Het zijn lange dagen, en dat ben ik gewend”, zegt hij. „Maar dit is heel intens. Ik ben alleen maar aan het werk. Ik heb niet eerder meegemaakt dat het leven van thuis en mijn werk zo dicht bij elkaar komen. Mijn kinderen hebben normaal nul interesse in mijn werk. Nu zie ik ze meeluisteren als mijn telefoon gaat.”

Op het terras van een woning voor ernstig meervoudig verstandelijk gehandicapten zit Timothy. Hij communiceert alleen met een spraakcomputer. De Jonge gaat bij hem zitten. Een voor een klinken de letters die Timothy indrukt: I K J O U W I L K N U F F E L E N. „Ach, moeilijk hè”, zegt De Jonge. „Het is zó moeilijk. Maar het kan even niet anders, anders worden we ziek hè.”

Eindeloze woordenstroom

Hugo de Jonge – dat is ook een schier eindeloze woordenstroom. Zijn broer Marien de Jonge zei ooit in dagblad Trouw: „Hugo de Jonge is pratend geboren, zeggen wij thuis altijd.” Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib toont daarover tijdens debatten niet zelden haar wanhoop. Hoofd in de handen, hand op het voorhoofd. Kamerleden kunnen hun ongeduld ook niet altijd bedwingen, want wie al die woorden aanhoort, wordt niet altijd beloond met een informatief verhaal.

Foto Phil Nijhuis/Ministerie van VWS

Het optreden van De Jonge is heel anders dan dat van Bruno Bruins. Die toonde zijn onzekerheid openlijk, bijvoorbeeld over de capaciteit van IC-bedden. Zowel in houding als taalgebruik.

De Jonge weet net zo weinig, maar staat de Kamer met meer zelfvertrouwen te woord. Als hij fel wordt toegesproken door een fractievoorzitter krimpt hij niet ineen. Als hij een fout maakt, herstelt hij die gewoon zonder knipogen. „Oh, excuus voorzitter”, zei hij onlangs toen hij zich versprak en de vertrokken Bruins door elkaar haalde met diens opvolger Martin van Rijn (PvdA).

Twee kroonprinsen

In de afgelopen weken groeide De Jonge in zijn rol. Hij staat er met meer zelfvertrouwen, de trilling in zijn stem is verdwenen. De komende tijd staat er meer voor hem op het spel dan alleen het bestrijden van het coronavirus. Hij doet er niet geheimzinnig over dat hij het partijleiderschap van het CDA graag op zich wil nemen. De vicepremier zei in een interview met NRC in december dat een rol als premier „misschien wel” bij hem zou passen. Hij zou erover nadenken.

Dat geldt ook voor die andere CDA-bewindspersoon met een sleutelpositie in Rutte III: minister van Financiën Wopke Hoekstra. Het CDA heeft in deze crisis twee ministers met grote verantwoordelijkheid op bepalende posities: Hoekstra moet de Nederlandse economie redden, De Jonge de Volksgezondheid. De partij is druk met het delen van filmpjes en foto’s van de bewindspersonen in actie.

Voor de coronacrisis klonk in het CDA dat dit een luxe was: twee kroonprinsen. De buitenwereld kon zo zien dat de partij beschikt over genoeg talent. En mocht er nog een bananenschil op de weg liggen waardoor een van de twee een uitglijder zou maken, was de gedachte, dan stond er altijd nog een alternatief klaar. Hoekstra kwam de afgelopen weken in de problemen door zijn harde opstelling in de discussie over Europese noodhulp. De Jonge heeft nu dus een streepje voor, maar voor hoe lang? De coronacrisis kent een hoog politiek afbreukrisico.

Luister ook naar deze aflevering van onze podcastserie NRC Haagse Zaken: Kroonprinsen in crisistijd

U kunt zich ook abonneren via Apple Podcasts, Stitcher, Spotify, Castbox of RSS.