Opinie

Vluchten of vechten, en niet aan je gezicht zitten

Maxim Februari

Blijf van uw neus af! Wij moeten een serieus gesprek met elkaar voeren en dat vraagt zowel van u als van mij een zekere ernst en toewijding. Dat kan niet als u steeds met uw hand aan uw gezicht zit. Dus wees zo vriendelijk rustig op uw stoel te blijven en niet zo te friemelen. We gaan het hebben over de toekomst.

De toekomst is onzeker. Dat is altijd zo, maar ditmaal staat enerzijds vast dat de toekomst afhangt van onze bereidwilligheid onze handen te wassen en bovendien onze mond, neus en ogen niet meer aan te raken; anderzijds is het onzeker wat dit nieuwe gedrag in de toekomst met ons zal doen. Het aanraken van je gezicht, bekend als ‘overspronggedrag’, heeft een functie. Wat moeten we straks zonder?

Dieren vertonen in tijden van acute spanning allerlei vormen van overspronggedrag. Tijdens een conflict tussen twee tegenstrijdige gedragsimpulsen – blijven zitten of vluchten bijvoorbeeld – kiest het dier niet voor een van die twee gedragingen, maar voor een derde gedragssysteem, dat helemaal niets met de situatie te maken heeft. In case of embarrassment: wash. Katten wassen zich, vogels beginnen uit pure zenuwen grassprieten uit de grond te trekken, mensen raken hun neus aan.

Veel van het klassieke menselijke overspronggedrag – aan je vinger likken, langs je kin wrijven, een imaginaire lok van je voorhoofd wegstrijken – is nu voorgoed taboe. De autoriteiten hebben het verbod erop wereldwijd afgekondigd. Donald Trump, benoemde het begin maart al als een probleem. I haven’t touched my face in weeks. It’s been weeks. I miss it.

De media komen sindsdien met tips hoe je te houden aan het nieuwe verbod. Draag een bril. Gebruik nare handschoenen die pijn doen aan je gezicht als je het aanraakt. Zet een wekker. Hang briefjes op. Een psycholoog uit New York suggereerde in The Huffington Post cognitieve gedragstechnieken. „Een andere manier om het gedrag te verminderen: collega’s elkaar laten attenderen op het aanraken van hun gezicht en elkaar zelfs laten bestraffen.”

Nee, blijf zitten, ik ben nog niet klaar. En nou niet nadenkend tegen uw getuite lippen tikken, we moeten eerst onze biologie onder de loep nemen en dan onze spanningen. Blijf bij de les.

De mens is een dier. Dat weten we al een tijdje, maar we vergeten het vaak. De mens vertoont hetzelfde instinctieve gedrag als de andere dieren. De mens kan nare ziektes oplopen van de andere dieren. De mens verbindt net als de andere dieren zijn waardigheid aan zijn persoonlijke hygiëne. Op de zak kattenbakkorrels van de supermarkt las ik ooit dat je de kattenbak op een discrete plaats moest zetten, „in verband met de waardigheid van de kat”.

Door de menselijke waardigheid gelijk te stellen aan de waardigheid van de kat heb ik me ooit de woede van een hele zaal op de hals gehaald. Maar ik blijf erbij. Zeker omdat ik mensen over hun tijd in interneringskampen heb horen vertellen dat niets zo ontluisterend was geweest als het gebrek aan wc-papier. Ik ben ervan overtuigd dat wc-papier kopen in tijden van nood een gezonde, instinctmatige reactie is. Belangrijk voor de waardigheid van het dier dat de mens nu eenmaal is.

Je kunt onze dierlijkheid beschamen, en zelfs bestraffen, maar dat is hachelijk. Natuurlijk moet je overspronggedrag soms ontraden, want het kan gevaarlijk en ongezond zijn. Niet alleen het aanraken van je gezicht tijdens pandemieën, maar ook roken bijvoorbeeld, oversprongactiviteit bij uitstek. Alleen gaat het bestraffen van zulk gedrag volledig voorbij aan de natuurlijkheid ervan. Je neemt de onderliggende spanning er in elk geval niet mee weg.

Op dit moment ervaart iedereen op de wereld spanning. Een conflict tussen twee gedragssystemen: vluchten of vechten. We kunnen allemaal vluchten in de gedachte dat deze crisis ons veel goeds zal brengen. Dat het automatisch zal leiden tot solidariteit, tot hervorming van het kapitalisme en bewustwording van de effecten van globalisering. We kunnen warm worden van de cupcakes die we via het scherm met elkaar maken.

Of we kunnen aanvallen. De verschrikkelijke keuzes onder ogen zien tussen de ene en de andere patiënt, tussen dood en failliet, tussen dit en dat criterium; we kunnen ons realiseren dat je in zaken van leven en dood wel degelijk moet blijven tellen en dat schaarste het kader is waarbinnen wij bestaan.

Dit conflict woedt individueel in de mens en collectief in de mensheid en het is geen wonder dat daardoor spanningen ontstaan. De drang komt op met de handen in het haar te gaan zitten. Begrijpelijk, maar niet verstandig. De mens kan zijn overspronggedrag nu maar het best van de katten leren. In geval van ontreddering: wassen!

Maxim Februari is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl.