Onrust bij thuiszorg en wijkverpleging om gebrek aan bescherming

Coronavirus Gebrek aan bescherming brengt patiënten en hulpverleners in gevaar. De situatie buiten het ziekenhuis is vrijwel onhoudbaar, zeggen werkgevers en werknemers.

Een thuiszorgmedewerker bereidt de medicatie voor een patiënt voor in een huis in Hilversum.
Een thuiszorgmedewerker bereidt de medicatie voor een patiënt voor in een huis in Hilversum. Foto Ilvy Njiokiktjien

Er is groeiende onrust in de thuiszorg, de wijkverpleging, de gehandicaptenzorg en in verpleeghuizen door het gebrek aan bescherming en het beperkte testen van het personeel. Vakbonden vinden de situatie onacceptabel en dreigen hun achterban op te roepen niet meer naar het werk te gaan.

Wijkverpleegkundigen, thuiszorgmedewerkers en verpleeghuispersoneel komen veel in contact met ouderen die extra kwetsbaar blijken te zijn voor het coronavirus. Medewerkers voelen zich schuldig over ouderen die sterven als gevolg van Covid-19 en die bezocht zijn door onbeschermde medewerkers. Daarnaast maken hulpverleners zich groeiende zorgen over hun eigen veiligheid.

„We naderen nu het punt dat we moeten adviseren: als je niet kunt werken volgens de RIVM-richtlijnen, ga dan niet aan het werk”, stelt de voorzitter van CNV Zorg & Welzijn Anneke Westerlaken.

Duivels dilemma

Beroepsorganisatie V&VN noemt het onaanvaardbaar dat mensen zonder bescherming aan het werk gaan, of het nu om te weinig brillen, schorten, handgel of mondmaskers gaat. Voorzitter Gerton Heyne zegt dat medewerkers voor een duivels dilemma worden geplaatst. „Als je ervoor kiest dan niet te werken, ontzeg je hulpbehoevenden zorg. Maar als je wel gaat werken, loop je het risico als besmettingsbron te fungeren. Zorgmedewerkers kampen echt met mentale problemen door die afweging.”

Verpleegkundigenvakbond NU’91 wijst erop dat de Tweede Kamer anderhalve week geleden al een motie aannam, van SP-leider Lilian Marijnissen, die het kabinet opdroeg alles op alles te zetten om mensen veilig te laten werken in de zorg. „Dat zien wij nog niet”, zegt een woordvoerder.

Wijkverplegers niet altijd getest

Een wijkverpleegkundige die door haar baas is gewaarschuwd niet met de media te praten, zegt op anonieme basis: „Ik was heel blij om te horen dat vanaf komende week ook zorgmedewerkers buiten het ziekenhuis getest mogen worden. Het is voor mij buitengewoon zwaar om niet te weten of ik een gevaar voor mijn cliënten en familieleden ben. Maar nu blijkt dus dat nog steeds de meeste wijkverpleegkundigen niet in aanmerking komen voor zo’n test.”

Bij de aangekondigde uitbreiding van testen in Nederland gaan personeel op de intensive care en de huisartsen voor. Medewerkers uit de thuiszorg en wijkverpleging worden niet zomaar getest.

Lees het verhaal waarin wordt gepleit om zieke coronapatiënten langer thuis te houden.

Werkgevers erkennen de problemen, maar zeggen machteloos te staan. Ze zijn afhankelijk van het inkoop- en verdeelcollectief dat het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport twee weken geleden is gestart.

„Iedereen wil hulpmiddelen, maar ziekenhuizen komen als eerste aan de beurt, daarna huisartsen en daarna verpleeg- en thuiszorg”, zegt Hans Buijing – directeur van Zorgthuisnl waarbij ruim honderdvijftig zorgbedrijven zijn aangesloten. „Wij zijn steeds als laatste aan de beurt. Dit betekent dat wij structureel met te weinig middelen zitten.”

Ondeugdelijke alternatieven

Wat nu? „Vraag het aan Hugo de Jonge”, zegt Gerton Heyne van beroepsorganisatie V&VN. „Wij hebben hier al weken geleden voor gewaarschuwd. Neem de mondmaskers. Hoe ingewikkeld is dat? Het duurt gewoon te lang. De inkoop is niet oké, de productie is niet oké en de distributie is niet oké.”

Zorginstellingen die te weinig beschermingsmiddelen weten te bemachtigen, zoeken alternatieve kanalen. Door de groeiende vraag is de afgelopen maanden een handel in dure en vaak ondeugdelijke mondkapjes ontstaan. „De nood is zo hoog dat er gekocht wordt, zonder dat de betrouwbaarheid van middelen gecheckt wordt”, zegt Jan Minartz van werkgeversverbond SPOT. „Beter iets dan niets.”